‘Papieren tas vervuilt meer dan plastic tas’

Dat zei voorlichtingsorganisatie Milieu Centraal tegen de NOS.

Foto iStock

De aanleiding

Drie miljard plastic tasjes joegen we er jaarlijks doorheen tot 1 januari 2016. Te veel, vond de EU, die van alle lidstaten heeft gevraagd het gebruik van plastic tasjes tot een minimum te beperken. Wat bedacht Nederland? Een verbod voor winkeliers op gratis plastic tasjes. En natuurlijk ging die groep op zoek naar alternatieven: papieren tasjes, bijvoorbeeld. Maar dát is niet zo’n goed idee, zei voorlichtingsorganisatie Milieu Centraal vorige week op de website van de NOS. Als je kijkt naar alle milieufactoren, dan is een papieren draagtas meestal vervuilender dan een plastic tasje. Klopt dat?

Waar is het op gebaseerd?

Milieu Centraal – actief sinds 1998 met als doel de tegengestelde geluiden over een duurzaam bestaan om te vormen tot een eenduidige boodschap – stuurde in december een factsheet de wereld in. Directeur Vera Dalm stuurt het document per e-mail en vertelt: „We werken op basis van deskresearch, dus we putten uit materiaal dat door anderen is vergaard.” In dit geval gaat het om complexe materie die is verzameld en is teruggebracht tot vier pagina’s. Milieu Centraal putte bijvoorbeeld uit onderzoek van TNO (2015) dat werd gedaan in opdracht van het Kennisinstituut Duurzaam Verpakken. Dit keek naar de impact op het milieu van twintig soorten tasjes.

En, klopt het?

Papier met plastic vergelijken is lastig. De impact op het milieu kent bij beide namelijk een andere oorsprong, stelt de factsheet. Voor de productie van plastic tasjes ontstaan broeikasgassen en krijg je te maken met uitputting van grondstoffen: voor plastic is aardolie nodig. Voor de productie van papieren tasjes is land nodig voor productiebossen.

Voor een papieren tas geldt dat er veel meer materiaal nodig is om eenzelfde ‘draagkracht’ te realiseren als bij een exemplaar van plastic. Bovendien heb je vaker een nieuwe papieren tas nodig: als-ie nat wordt, heb je er niks meer aan. Die factoren maken dat de milieu-impact van papieren tassen 3 tot 10 keer groter is dan bij plastic tassen. Let op: het gaat hier nog steeds om de milieu-impact veroorzaakt tijdens de productie. 1-0 voor het plastic, zou je zeggen.

Is er een methode om deze appels en peren te kunnen vergelijken? Jazeker, daarvoor hanteert TNO de term ‘schaduwkosten’. Dat zijn alle vormen van milieu-impact bij elkaar opgeteld en uiteengezet in euro per keer gebruik. Wat zagen ze? Dat als je eenmalig iets van 2 kilogram wil vervoeren in een ‘hemdtas’ (een tas in de vorm van een hemd), je het milieuvriendelijkst uit bent met een exemplaar van HDPE, een plasticsoort die uitstekend recyclebaar is. Het slechtst in dat voorbeeld is een hemdtas van papier. In grote lijnen geldt hetzelfde voor meermalig gebruik. Dat zou betekenen dat de stelling waar is.

Maar, en dat geeft Milieu Centraal in de factsheet eerlijk toe, er is een belangrijke kanttekening: de bijdrage van tasjes aan het zwerfafval en de plasticsoep is nog niet te meten. Er is geen methode beschikbaar.

Belanden tasjes eenmaal op straat en/of in de zee, dan telt de afbreekbaarheid. En dan staat plastic met 10-1 achter: het heeft 35 jaar tot oneindig nodig om afgebroken te worden, afhankelijk van de ondergrond waarop het terecht komt. Papier maximaal drie maanden.

Conclusie

De belangrijkste vraag blijft: weegt de milieu-impact die ontstaat bij de productie van papieren tasjes op tegen de milieu-impact die wordt veroorzaakt door plastic tasjes die zwerfafval worden en vervolgens niet kunnen worden afgebroken? Er is nog geen methodiek die antwoord geeft op het laatste deel van die vraag. We beoordelen de stelling daarom als ongefundeerd.

    • Dennis Meinema