Column

Geen tragedie maar een wederopstanding

Steeds vaker heb ik het gevoel dat ik toeschouwer ben bij een onvermijdelijke tragedie: de teloorgang van Europa. Ik zie het gebeuren, maar ik sta machteloos. Mijn gedachten, inzet en persoonlijke ervaringen zijn waardeloos tegenover cynisme, leugens, misverstanden en verdraaiingen. Tegen populisme en opportunisme heb ik geen weerwoord. Tegen de groeiende marginalisering van Europa en de demografische realiteit van een verouderend en slinkend continent evenmin. Ik sta aan de zijlijn, mijn handen leeg. Het fragiele akkoord waarmee een Brexit voorlopig is afgewenteld doet daar niets aan af. Europa’s leiders en de bevolking zijn in een dialoog van doven verzeild. Het doet denken aan de welles-nietes discussies over genetische modificatie en vaccinatie. Of aan de manier waarop een vriendschap stuk kan lopen op radicaal verschillende visies van wat er gezegd en gedaan is. In al die gevallen verzuipt de redelijkheid, en met de redelijkheid het optimisme en de kans op een nieuw begin. Wat is er met ons in Europa gebeurd dat de redelijkheid, de redelijke twijfel, de redelijke vragen zijn omgeslagen in verongelijktheid en rancune? Juist de naoorlogse generaties die zo veel te danken hebben aan economische stabiliteit en vooruitgang, vragen alleen nog maar wat Europa hen oplevert, niet wat het kan bieden aan anderen.

En dan – mijn handen leeg, mijn hart bedroefd – lees ik een interview uit Der Spiegel (in het Nederlands beschikbaar dankzij 360magazine) met Navid Kermani, een Iraans-Duitse essayist, hoogleraar en winnaar van de Vredesprijs van de Duitse Boekhandel dat zo lucide is, dat ik me schaam. Toevallig is Kermani geboren in een stadje in het Duitse Siegtal waar mijn enige familie woont, een gebied dat ik altijd heb gezien als behoudend en allesbehalve vernieuwend. De inzet van Der Spiegel is om Kermani op het pad van de somberheid te lokken en hem te laten beamen dat het verschrikkelijk is: Keulen, de bomaanslagen, de niet-aflatende stroom asielzoekers en opportunistische migranten. De interviewer hamert erop dat er geen vertrouwen meer bestaat, dat de samenleving vreest voor haar eigen geschiktheid voor democratie. Wat antwoordt Kermani? „Daar ben ik niet zo bang voor. Ik zie hoe het op scholen toegaat (...). In Siegen was ik indertijd de enige die anders was. Nu zijn er in iedere klas veel die anders zijn. De pluriformiteit is vanzelfsprekend geworden.” Vreemdelingenhaat verdwijnt als pluriformiteit de norm is, ondanks aanslagen. Der Spiegel kan het niet laten en verwijst naar de chaos van de vluchtelingenregistratie in Berlijn en zegt dat de staatsorde verbrokkelt. Maar Kermani blijft onwankelbaar: „Integendeel. Het is een grote prestatie zoals de Duitse autoriteiten de vluchtelingencrisis de baas worden.” Nee, het Avondland gaat niet ten onder, al gaat het niet aan ons te verschansen achter het discours van onze superioriteit, benoem de problemen en begrijp ze. De toekomst van Europa is multicultureel, wat niet hetzelfde is als on-Europees. Het doet me denken aan wat Umberto Eco ooit zei: de mobiliteit van studenten in Europa leidt niet alleen tot intellectuele uitwisseling, maar ook tot genetische en linguïstische vermenging. Zo zal het ook binnen enkele generaties gaan met immigranten.

Een fraaiere illustratie van Europa kan ik niet bedenken: een Iraniër, geboren in een onopvallende Duitse plattelandsstad, die Duitsland en Europa een spiegel voorhoudt, die weigert zich mee te laten trekken. Soms lijkt het dat het autochtone gebrek aan vertrouwen onze grootste vijand is. Ik ben helemaal geen getuige van een tragedie, maar van de wederopstanding en de heruitvinding van Europa.