IEA: oliemarkt houdt zich niet meer aan oude logica

Herstel van de oliemarkt zit er ook dit jaar nog niet in, zegt het Internationale Energie Agentschap.

IEA-directeur Fatih Birol voorspelde een jaar geleden nog dat de olieprijs zich „spoedig” zou herstellen. Foto Reuters

Oude zekerheden bestaan niet meer, concludeert het Internationale Energie Agentschap (IEA) in zijn voorspelling van de oliemarkt tot 2021. Waar het IEA – de belangenorganisatie van de 29 grootste olie-importerende landen – een jaar geleden nog voorspelde dat de olieprijs zich dit jaar al zou herstellen omdat de vraag weer groter zou worden dan het aanbod, komt de organisatie nu tot de slotsom dat het overaanbod nog tot in 2017 zal aanhouden.

Vroeger zou de laagste olieprijs in twaalf jaar – een vat Noordzee-olie kost nu iets minder dan 35 dollar – onmiddellijk geleid hebben tot meer vraag, massale sluiting van duurdere productie én een productiebeperking door de Opec.

Maar dat is nu allemaal niet het geval, schrijft het IEA in het Medium-Term Market Report 2016, dat maandag werd gepubliceerd. In 2015 overtrof het aanbod de vraag met 2 miljoen vaten per dag, dit jaar wordt het verschil minder maar blijft nog altijd 1,1 miljoen vaten per dag. En zelfs voor 2017 wordt een aanbod verwacht dat althans een deel van het jaar nog iets boven de vraag zal liggen.

IEA-directeur Fatih Birol voorspelde een jaar geleden nog dat de olieprijs zich „spoedig” zou herstellen. Dat was op het moment dat de prijs net onder de 60 dollar was gezakt. In plaats van een herstel, halveerde de prijs. Volgens Birol is de markt door allerlei factoren „extreem volatiel” geworden. Hij stelt vast dat oliemarkt nog nooit zo vrij geweest is als op dit moment. „Iedereen die olie produceert, verkoopt zo veel hij kan tegen elke prijs.”

Birol noemt deze „vechtmarkt” de nieuwe realiteit, tenzij de verschillende partijen onderling alsnog afspraken weten te maken over productiebeperking. Vorige week zetten Saoedi-Arabië en Rusland voorzichtige stappen in die richting, maar die hebben nog geen concreet vervolg gekregen.

Intussen dreigen de staatsfondsen van olieproducerende landen massaal hun beleggingen van de hand te doen. Het Sovereign Wealth Fund Institute uit Las Vegas meldde maandag dat als de prijs van ruwe olie tussen de 30 en 40 dollar blijft, een uitverkoop van ruim 400 miljard dollar valt te verwachten. Twee keer zo veel als in 2015 werd verkocht.

Staatsfondsen van Qatar tot Rusland hebben 7.000 miljard dollar vergaard toen de prijs van een vat olie nog boven de 100 dollar stond. Ze belegden hun geld voor een groot deel in Europa en de Verenigde Staten.

De staatsfondsen zijn meest opgezet als buffer voor de overheidsfinanciën. Die buffer wordt nu aangesproken om de verminderde opbrengsten uit de olieproductie als gevolg van de lage olieprijs, op te vangen.

    • Renée Postma