Museveni laat zich de macht niet afnemen

In Oeganda is de zittende president herkozen. De CAR lijkt juist een nieuwe start te maken.

Afrika heeft drie presidenten gekozen: in Oeganda, in de Centraal-Afrikaanse Republiek (CAR) en in Niger. Het beste nieuws komt uit de CAR, sinds 2013 toneel van bloedig geweld tussen christenen en moslims. Daar keert met de verkiezingsoverwinning van oud-premier Faustin Touadéra de rust mogelijk terug.

De verkiezingen in Oeganda leverden de verwachte winnaar op: zittend president Yoweri Museveni, al sinds 1986 aan de macht. Maar waarnemers zeggen dat de stembusgang oneerlijk is verlopen. 

Volgens de officiële uitslag behaalde president Museveni van Oeganda ruim 60 procent van de stemmen. Waarnemers van het Gemenebest en de EU zeggen dat de oppositie structureel is benadeeld. Oppositiekandidaat Kizza Besigye kreeg ruim 35 procent, Amama Mbabazi 1 procent. Beiden stonden vrijdag tijdens het tellen van de stemmen onder huisarrest. De stembusgang van donderdag was slecht georganiseerd. Sommige stemlokalen gingen pas in de middag open. Vooral in oppositiegebieden was het chaotisch. Vele kiezers gingen na uren wachten onverrichter zake naar huis. Besigye noemde de uitslag frauduleus.

Verrassend was wel dat zeventien ministers en onderministers hun zetel verloren, onder wie ook naaste medewerkers van Museveni. Met de herverkiezing van Museveni bevestigt Oeganda zijn imago van een stabiel maar nog niet geheel democratisch land.

De chronisch instabiele Centraal-Afrikaanse Republiek staat voor de taak weer een functionerende staat te worden. Volgens de dit weekeinde bekendgemaakte uitslag werden de cruciale verkiezingen van een week geleden gewonnen door Faustin Touadéra, van 2008 tot 2013 premier van het land.

Zijn grote zege – hij kreeg 63 procent van de stemmen – is een verrassing. Zijn rivaal Anicet Dologuélé, ook een voormalig premier, bleef steken op 37 procent. Grootste winstpunt was het geweldloze verloop van de verkiezingen.

De Centraal-Afrikaanse Republiek is goeddeels verdeeld onder criminele bendes die goud- en diamantmijnen exploiteren. Bovendien is de moslimminderheid van 15 procent uit de hoofdstad Bangui en andere regio’s verdreven naar buurlanden. Een buitenlandse vredesmacht van negenhonderd Franse en tienduizend VN-soldaten waakte over de veiligheid tijdens de verkiezingen. Parijs kondigde eerder aan zijn militairen terug te willen trekken als de verkiezingen in het land probleemloos zouden verlopen.

In de voormalige Franse kolonie Niger werd zondag gestemd voor een president en parlement. Belangrijkste kanshebber is de zittende president, Mahamadou Issoufou. Zijn opposanten beschuldigen hem van repressie en intimidatie. Zijn voornaamste rivaal, oud-parlementsvoorzitter Hama Amadou, voerde campagne vanachter de tralies. Hij werd vorig jaar gearresteerd op beschuldiging van kindersmokkel, een politiek gemotiveerde aantijging volgens zijn aanhangers.

Issoufou kwam in 2011 aan de macht met steun van politieke elite en burgergroepen. Door zijn intolerante optreden vervreemdde hij zich van veel medestanders van toen, maar met de inzet van het staatsapparaat maakt hij goede kans te winnen. Niger is een fragiel land in de strategische belangrijke Sahel. Vanuit het noorden wordt het geteisterd door moslimextremisten van IS en Al-Qaeda, in het zuiden door Boko Haram.