Trouwen? Dan deel je je liefde én je bezit

Trouwen onder huwelijkse voorwaarden? Dat is het huwelijk als gescheiden huishoudboekje, stelt Philip Huff.

Het zijn zware tijden voor de romantici. Zeker nu Kamerleden Magda Berndsen (D66), Foort van Oosten (VVD) en Jeroen Recourt (PvdA) het huwelijk willen ‘moderniseren’. Zo willen ze dat eigendommen, schulden, erfenissen en giften niet meer “standaard worden opgenomen in de gemeenschap van goederen”. De Kamerleden werken inmiddels aan een wetsvoorstel.

Maar wat blijft er dan over van het huwelijk?

Op dit moment trouwen mensen standaard in gemeenschap van goederen. Ze kunnen ook kiezen voor huwelijkse voorwaarden. Dan moeten ze naar de notaris om daar vast te leggen wie welk bezit en welk inkomen in het huwelijk inbrengt zodat bepaalde vermogens, schulden of risico’s niet worden gedeeld. Bij gemeenschap van goederen vallen álle tegenwoordige en toekomstige goederen van beide echtgenoten (met een paar kleine, belangrijke uitzonderingen) onder elkaars bezit.

De Kamerleden willen dit veranderen zodat „de voorwaarden waarop het huwelijk wordt aangegaan […] beter aansluiten op de praktijk”. Zij zouden graag zien dat het de wettelijke standaard wordt dat “alleen zaken die het resultaat zijn van gezamenlijke inspanningen tijdens het huwelijk, gemeenschappelijk [bezit] worden.”

Het huwelijk als gescheiden huishoudboekje, dus. Je zou er bijna cynisch van worden.

De volksvertegenwoordigers willen niet dat de voorwaarden van een huwelijk de praktijk verbeteren, nee, ze moeten beter aansluiten bij de praktijk. Deze kent voor de initiatiefnemers twee belangrijke kenmerken. Ten eerste: ruim een derde van de huwelijken eindigt in een scheiding. “Het is goed en verstandig dat mensen even van de roze wolk afstappen voordat ze trouwen”, schrijven de initiatiefnemers. Want als iedereen onder huwelijkse voorwaarden trouwt, is de verdeling van bezit bij een eventuele scheiding gemakkelijker gemaakt, denken ze.

Ten tweede, menen ze, wordt de wereld steeds meer internationaal, en er zijn maar weinig landen die het concept van algemene gemeenschap van goederen hanteren.

Tegen beide argumenten is iets in te brengen.

Allereerst, tweederde van de huwelijken eindigt nog altijd niet in een scheiding. De meerderheid van getrouwd Nederland deelt dus nog altijd. Het huwelijk is een verbintenis tussen twee personen – en noem me ouderwets – die in voor- en tegenspoed hun leven delen. Onder zo’n leven vallen ook gebeurtenissen uit het verleden en in de toekomst. Mensen die trouwen, verbinden hun levens; ze delen familie en liefde, zorg en aandacht, lust en leed. En onder zo’n leven vallen dus ook bezit en schuld.

Het is het gelijkwaardigst als in een huwelijk alles wat aan de één toekomt, ook de ander behoort. Denken twee geliefden daar door omstandigheden (groot verschil in eigen vermogen, een hoge schuld, een eigen bedrijf) anders over, dan kunnen ze dat altijd aanpassen.

Dan de gemakkelijker verdeling. Stel, zij heeft een eigen bedrijf, hij niet, ze trouwen, hij wordt huisman en kookt en maakt schoon en zorgt voornamelijk voor de kinderen, zodat zij kan werken. Dan is dat bedrijf toch het resultaat van gezamenlijke inspanningen?

In de nieuwe situatie is dat onduidelijk. Als zij verliefd wordt op haar secretaresse en wil scheiden, is het bedrijf háár eigendom. Die ongelijkheid, daar moet dan een verrekenbeding voor komen. Er moet dan alsnog een gang naar de notaris worden gemaakt.

Onze maatschappij wordt meer individualistisch, en dat heeft gevolgen: van een stijgende vraag naar (alleen)woningen naar een grotere focus op materiaal bezit tot een verslechtering van het collectieve geluksgevoel. In zo’n maatschappij zou de nadruk meer moeten liggen op de verbindende elementen van het huwelijk, in plaats van de scheidende.

Wie vantevoren huwelijkse voorwaarden gaat stellen aan een huwelijk, verandert de aard van de samenlevingsvorm. Het wordt veeleer een machtsstructuur – met een schuld van de een aan de ander, of waarin de een meer bezit dan de ander – dan een gelijkwaardige gemeenschap, met een gedeelde schuld, of gedeelde rijkdom, in ieder geval: een gedeeld leven.

Daarbij, Nederland wijkt wel vaker af van de internationale standaard. En vaak lovenswaardig. Dus ja, in Nederland trouwt men in gemeenschap van goederen, omdat de meeste mensen inzien dat delen werkt. Tenzij je met een – heel eenvoudige – gang naar de notaris de voorwaarden voor het huwelijk laat aanpassen aan de wensen van de (internationale) huwelijkspartners.

Die roze wolk en de daaruit voortvloeiende vermenging van twee levens vragen om aandacht, zorg, hard werk – en uiteraard, soms ook om een beetje geluk. Dat dit niet altijd lukt, is begrijpelijk. Het is alleen vreemd de wetgeving aan te passen aan die (minder vaak voorkomende) praktijk.

Veel vrolijker en bewonderingswaardiger is het naast je liefde, hoop en vrees ook je bezit te delen. En mijn ervaring is: gezeik of geen gezeik bij een scheiding hangt ook af van de bereidheid te delen - niet van de huwelijkse voorwaarden of gemeenschap van goederen.

Correcties en aanvullingen

Magda Berndsen

In Trouwen? Dan deel je je liefde én je bezit (20/2, p. O&D2) stond dat o.a. Magda Berndsen (D66) werkt aan een wetsvoorstel over trouwen onder huwelijkse voorwaarden. Zij zat tot 1/11/15 in de Tweede Kamer. Judith Swinkels volgde haar op. Het wetsvoorstel is klaar en werd vorige week door de Kamer besproken.