Schandalig! Een kop die niet het hele verhaal vertelt!

Correspondent – het klinkt nog steeds avontuurlijk, als verkenner van de krant werken in een ver buitenland. Terwijl het publiek gespannen wacht op nadere berichten – is Livingstone al gevonden? – schept de pionier met zijn pen orde in de exotische chaos. Maar anno 2016 is het publiek nooit ver weg – het kijkt elke

Correspondent – het klinkt nog steeds avontuurlijk, als verkenner van de krant werken in een ver buitenland. Terwijl het publiek gespannen wacht op nadere berichten – is Livingstone al gevonden? – schept de pionier met zijn pen orde in de exotische chaos.

Maar anno 2016 is het publiek nooit ver weg – het kijkt elke dag duizendkoppig over je schouder mee. En doet zijn beklag als de correspondentie niet bevalt – bij de krant, maar ook bij de autoriteiten van het land waar je werkt.

Dat geldt zeker voor berichtgeving uit brandhaarden die inzet zijn geworden van een propagandaoorlog. Correspondenten van NRC Handelsblad in Israël worden al jaren bestookt per e-mail of tweet door pleitbezorgers van de Palestijnse of de Israëlische zaak.

Geen wonder. Dit ideologisch zwaarbeladen conflict is behalve een slagveld ook een mondiale woordenstrijd.

Het Israëlische Government Press Office (GPO) haalde onlangs hard uit naar CBS News, dat deze kop had geplaatst: 3 Palestinians killed as daily violence grinds on. Schandelijk, want CBS had erbij moeten zetten dat de Palestijnen eerst een Israëlische agente hadden beschoten. Er werd gedreigd met het intrekken van de perskaarten van journalisten die „nalatig zijn in hun werk”.

NRC-correspondent Derk Walters beschreef het voorval in een stuk over de toegenomen druk van Israël op journalisten, sinds het geweld is opgelaaid (Israël zet buitenlandse pers onder druk na ‘propaganda’, 17 februari).

Wat Walters nog had kunnen vermelden, is dat zijn eigen krant daar net een paar dagen eerder ook, op bijna identieke wijze, mee te maken had gekregen.

De site nrc.nl publiceerde maandag een kort bericht onder de kop Vijf Palestijnen gedood door Israëlische politie. Feitelijk juist, vond de nieuwsdienst die het stuk maakte. Het klinkt cynisch, maar in een nieuwskop komen doden en gewonden eerst; daarna volgt, binnen de beperkingen van een kop, korte toelichting: oorzaak, context.

Maar in het Israëlisch-Palestijnse conflict wordt elke letter bevochten, is elke spatie censuur en elke komma een uitroepteken. Jaloersmakend, eigenlijk: propagandisten leven in een universum waarin alles klopt, met opzet gebeurt, en ondubbelzinnig samenhangt.

Dus ging het op Twitter los over die kop. Ik las onder meer: „Linkse rioolkrant”, „schofterige kop” en, uiteraard, dit is „gewoon antisemitisme”.

Geheel in lijn dus met de kritiek van het GPO op CBS. De kop maakte niet duidelijk dat niet de politie, maar de Palestijnen de agressors waren geweest. Wat had er dan wel moeten staan? Uiteraard, volgens een twitteraar: „Israël schakelt vijf Palestijnse terroristen uit.” Over partij kiezen gesproken.

Was dit de best denkbare kop bij dit bericht? Nee. Een kop met meer context was beter geweest.

Maar was het een schandalige kop? Zeker niet. En al helemaal geen poging de aanleiding bewust „niet te vermelden”, zoals een twitteraar meent.

In een propagandaoorlog wordt elke letter bevochten

Veelzeggend: dit waren vooral lik-op-stuk reacties op basis van louter de kop van het stuk, die NRC ’s ochtends had rondgetwitterd. Of het bericht ook was gelezen? Wat doet het ertoe.

Overigens, het online bericht met de gewraakte kop haalde die dag geen van beide NRC-kranten. Niet echt een teken van geprogrammeerde ‘Israël-bashing’.

De kritiek had wel effect: nadat ik de redactie erop had gewezen, werd de kop aangepast, en meteen een tandje te hoog. Het werd nu: Palestijnse geweldplegers gedood door Israëlische politie.

Geweldplegers? Ook fout, vinden andere lezers, want is dat de correcte term voor een 17-jarige jongen die, volgens het leger, met een mes op grenswachten was afgerend, maar was doodgeschoten voor hij schade had aangericht?

Het persbureau Associated Press kopte zo: 5 Palestinians killed while attacking Israelis. Newsweek aldus: Israeli Forces Kill Five Palestinian ‘Attackers’. Tussen aanhalingstekens, om aan te geven dat het blad zich baseerde op de Israëlische autoriteiten. Sommige critici, ook in Israël, betwijfelen die lezing en spreken van executies. De BBC deed het in de kop ook zo: Five Palestinians killed ‘after attacking Israelis’.

Nu zijn zulke aanhalingstekens in de ogen van de radicaalste critici vermoedelijk ook fout, of zelfs antisemitisch, want hoezo wordt Israël niet geloofd?

In de herziene NRC-kop was „aanvallers”, met aanhalingstekens om aan te geven dat een bron wordt geciteerd, beter geweest. Zoals in het bericht werd vermeld zijn bij dergelijke incidenten de afgelopen maanden 163 Palestijnen en 27 Israëliërs omgekomen.

Overigens kopte NRC Handelsblad, in de eerste maanden van de geweldsgolf ook een keer: Israëlische vrouw doodgestoken (23 november 2015). De Palestijnse dader werd ook gedood, meldde het bericht, maar die haalde de kop niet – net zomin als twee andere Palestijnen van wie wordt gemeld dat ze omkwamen, onder wie „een 16-jarig meisje dat een mes trok”. Ook schandalig?

Ja, dan wordt het wel lastig. In het uiterste geval moeten koppen dan het bericht letterlijk herhalen. Sterker, liefst de hele geschiedenis van dit conflict sinds 1948, 1916 of misschien wel sinds 135 en 70 na, dan wel 587 voor Christus.

Natuurlijk kunnen koppen ongelukkig, suggestief of fout zijn. Maar dit is niet louter een driftig, maar ten slotte onschuldig gezelschapsspel voor geëngageerde of rancuneuze geesten op Twitter. Sommige klachten gaan rechtstreeks naar het GPO in Jeruzalem, waar scherp in de gaten wordt gehouden wat over Israël wordt gepubliceerd.

Een dag na die kop op nrc.nl ontving Walters al een verontwaardigde e-mail van het GPO, getipt door „lezers”. Hij zegt: „Onze artikelen en tweets liggen binnen een halve dag vertaald op het bureau van het Press Office”.

Dat is de nieuwe mediawerkelijkheid. Een correspondent wordt gevolgd door activisten die hem bij elke ‘misstap’ op de vingers tikken, of aangeven bij de autoriteiten die over zijn perskaart gaan.

In een propagandaoorlog is het thuisfront nooit ver weg.