Recensie

Ook konijnen discrimineren

Zootropolis is maatschappijleer in Disneyverpakking. Maar het is zo geestig gedaan, dat je vergeet hoe bijdehand de film wil zijn. ●●●●

Zootropolis (of Zootopia, zoals de originele titel luidt) is een film met een missie. Anders dan Fritz Langs grimmige sciencefictionklassieker Metropolis (1927), waar de Europese titel en decors naar knipogen, is het een tamelijk optimistische film over een stad waar roofdieren en prooidieren in redelijke harmonie samenleven. Het is een stad waarin iedereen die maar hard genoeg z’n best doet, z’n idealen kan verwezenlijken. Zo schopt konijn Judy Hopps het tot de eerste politieagent in haar soort, om vervolgens met een vos als informant een zaak op te lossen.

Twee klassieke (animatie)vijanden. De vos en de haas. Tot zover de Amerikaanse droom. Want ook de idealistische Judy heeft ingebakken vooroordelen als het over vossen gaat. Kunnen we ooit onze instincten te boven komen? Zit ‘het’ in ons dna? Grote vragen voor een kinderpubliek. In de achtervolgingsestafette waaromheen de plot is opgebouwd, zitten allerlei vragen verstopt over discriminatie, natuur en cultuur. Je moet je afvragen in hoeverre die over de hoofden van de jonge toeschouwers heen tot hun ouders spreken, en wat ze willen communiceren? Dat de film maatschappijleer in Disneyverpakking is? Door de geestige manier waarop die vragen niet alleen in de plot, maar ook in de vormgeving zitten verweven, vergeet je hoe bijdehand Zootropolis wil zijn. Dat is best slim gedaan.

    • Dana Linssen