Deze rapportcijfers geven A’dammers hun buurt

Deze week verscheen het tweejaarlijkse onderzoek naar buurttevredenheid van Amsterdammers. Het gaat beter met Oost en West.

Amsterdammers beoordelen de buurt waarin zij wonen gemiddeld met een 7,5; een stijging van een tiende punt ten opzichte van 2013. Vooral in Oost, West en Zuidoost zijn bewoners steeds positiever over hun omgeving.

Nieuw-West is het zorgenkindje van de stad: daar zijn bewoners het minst tevreden. Ook met de Burgwallen-Oude Zijde in Centrum gaat het slecht.

Dat zijn de belangrijkste conclusies uit Wonen in Amsterdam 2015 (WiA), het tweejaarlijkse onderzoek van de gemeente dat door Onderzoek, Informatie en Statistiek (OIS) is uitgevoerd en deze week verscheen.

Ruim 18.700 Amsterdammers uit 91 buurten vulden een vragenlijst in (met cijfers van 1 tot 10), waarop het rapport is gebaseerd. Daarin wordt het begrip ‘leefbaarheid’ gedefinieerd als „een combinatie van schoon, heel, veilig en prettig samenleven”. De vragenlijst ging in op grotere thema’s (hoe zie je jouw buurt in de toekomst? Hoe veilig voel je je ’s avonds op straat?) en kleinere (hoe is het onderhoud van stoepen in je omgeving?).

Stadsdeel Nieuw-West wordt gemiddeld genomen het slechtst beoordeeld: een 6,7 – hetzelfde cijfer als in 2013. Dat lijkt samen te hangen met de criminaliteit in het gebied: in 10 van de 13 buurten in het stadsdeel geven bewoners een onvoldoende (lager dan een 6,0) voor ervaren overlast van criminaliteit.

Maar de buurt die er het meeste op achteruit gaat in vergelijking met twee jaar geleden is Burgwallen-Oude Zijde, het gebied rond Nieuwmarkt en de Zeedijk. Deze kreeg in 2013 gemiddeld een 7,6; in 2015 daalde dit tot 6,8. Tussen de regels door kun je de oorzaken die voor deze daling worden gegeven (overlast van horeca; overlast van andere groepen mensen; criminaliteit en vervuiling) lezen als de gevolgen van de ‘pretparkisering’ van de binnenstad. Ook de toekomstige ontwikkeling van de buurt zien inwoners somber in: dat rapportcijfer is een punt lager dan bij het laatste onderzoek.

De wijken die het meest stegen in tevredenheid liggen dan ook buiten de binnenstad, in de buurten die sterk onderhevig zijn aan gentrificatie: de Indische Buurt Oost gaat van een 6,7 naar 7,3 en de Van Galenbuurt in West van een 6,8 naar 7,4. Volgens WiA is vooral het veiligheidsgevoel in de avond verbeterd, en de overlast door groepen en vervuiling afgenomen.

Ook op grotere schaal zie je dat Oost en West significant verbeteren. Kregen de buurten in het eerste onderzoek, in 2001, respectievelijk een 6,4 en 6,7; in 2015 waren dit een 7,5 en 7,6. Opvallend genoeg kan Zuidoost zich bij deze ontwikkeling voegen: van een 6,5 naar 7,2; en is daarmee – in de ogen van bewoners – al lang niet meer de probleembuurt die het ooit was.

Andere gebieden die het de laatste twee jaar beter deden: Buikslotermeer (Noord), de Kolenkit en Gibraltarbuurt/Sloterdijk (allebei in West). Deze zitten nog steeds bij de beruchte top-10 van laagst scorende buurten, maar wisten wel op te klimmen naar een krappe voldoende.

Hoe zetten deze ontwikkelingen de komende jaren door? WiA gaat ook in op verwachtingen voor de toekomst. In Nieuw-West zijn ze pessimistisch: de enige drie buurten die deze verwachting als onvoldoende beoordelen liggen hier. Van de 91 buurten geven er zes een 8 of hoger aan deze categorie; drie daarvan liggen in Noord, twee in Zuid.