Het Prado deelt een oorveeg uit

Zowel de nationale als de internationale pers loeit van enthousiasme. De belangstelling is enorm: al in de voorverkoop werd de grens van de honderdduizend toegangskaarten doorbroken. Daarmee mag de tentoonstelling Jheronimus Bosch– visioenen van een genie in Het Noordbrabants Museum in Den Bosch een succès fou heten. Maar er zit nu ook al een kras op. Het Museo Nacional del Prado in Madrid, eigenaar van het grootste aantal schilderijen van Jeroen Bosch, gaf te kennen dat het terugkomt op twee bruiklenen. Gelukkig tornt het niet aan het bruikleen van Bosch’ drieluik ‘De Hooiwagen’ (1510-1516), de ster van de show. Maar ‘Verzoeking van de Heilige Antonius’ en ‘Keisnijding’ blijven thuis.

Een tweede kras is dat de directeur van Het Noordbrabants Museum al wist dat de panelen zouden ontbreken, maar dat vorige week tijdens de persconferenties verzweeg.

Wel ‘De Hooiwagen’, niet ‘Antonius’ en ‘Keisnijding’– zet ze tegen elkaar af en je ziet een draai om de oren. Het doet pijn maar er vloeit geen bloed. Immers, deze twee schilderijen zouden weliswaar de tentoonstelling verrijken, maar ze zouden als kopieën worden gepresenteerd. Dit in navolging van de conclusies van het Nederlandse Bosch Research and Conservation Project (BRCP).

En daar zit ’m de kneep. Had het aan Het Noordbrabants Museum gelegen, dan waren die conclusies pas bij de opening van de tentoonstelling bekend gemaakt, tegelijk met de verschijning van de wetenschappelijke publicatie. Maar onder druk van een tv-documentaire werden enkele voorlopige uitkomsten eind oktober gepresenteerd, prematuur, maar met wereldnieuws als gevolg. Dat schoot het Prado, dat zich overvallen voelde, in het verkeerde keelgat.

In de film, onlangs op tv, doemt de wrijving met het Prado al op. Te zien is daar hoe eigengereid de onderzoekers, te gast in Madrid, zich opstelden. De Prado-directeur blijft beleefd maar verstijft. De conservator, Pilar Silva, bijt van zich af. Zij is een specialist, maar de film beeldt haar af als een, ook nog eens slecht Engels sprekende, tamelijk onmogelijke vrouw.

Het is alles bij elkaar erg bot, zeker als er zaken moeten worden gedaan over zoiets delicaats als het uitlenen van stukken waar een museum als het Prado zijn naam en faam aan dankt.

Het Noordbrabants Museum is niet de opdrachtgever van het BRCP-onderzoek en ook over de documentaire had het geen macht. Het is nu wel de dupe. En de bezoekers van de expositie ook. Echt of niet, ‘Antonius’ en ‘Keisnijding’, hadden niet mogen ontbreken. Volgende keer wat meer égards graag.