Collectief balen: de deal liep gewoon weg

V&D in betere tijden: drukte voor de etalage rond Sinterklaas in 1931. Foto’s Spaarnestad Photo/Hollandse Hoogte

Ze hebben nog anderhalve dag tot de deadline, maar dinsdagmiddag moeten de curatoren en Roland Kahn erkennen: het zit er niet in. In Amsterdam Zuidoost zitten de curatoren op het hoofdkantoor van V&D, Kahn is op dat moment bij CoolCat in Houten. Aan de telefoon wordt het lot van V&D beslist. Een doorstart is niet meer haalbaar.

De redding van V&D is mislukt. Er is geen toekomst meer voor de warenhuisketen uit 1887.

CoolCat-oprichter Roland Kahn (63) was de laatste hoop voor de warenhuizen, die op Oudejaarsdag failliet gingen. Hij wilde met circa 45 van de 62 V&D-winkels verder. Nu zijn doorstartpoging mislukt is, houdt V&D op te bestaan. De 8.000 werknemers van de warenhuizen en de inpandige La Place-restaurants raken definitief hun baan kwijt.

Wekenlang werkten alle betrokken partijen aan een doorstart: de curatoren, Kahn, zijn huisbank ING, de verhuurders van de winkelpanden, het management van V&D, supermarktketen Jumbo. Zelfs het ministerie van Economische Zaken wilde eventueel garant staan voor de helft van het bankkrediet. Een investeringsfonds, met familiegeld van V&D-oprichter Anton Dreesmann, wilde naar verluidt 10 miljoen euro bijdragen. Toch is het niet gelukt. En niemand geeft een ander openlijk de schuld. Ze balen collectief.

De reacties dinsdagmiddag: de curatoren meldden dat het „tot hun spijt” niet is gelukt, Kahn en zijn bedrijf Cool Investments zeggen er „hard en bezield” aan te hebben gewerkt. Zowel Jumbo als ING „betreurt” de uitkomst – Jumbo „ten zeerste”.

Volgens betrokkenen was het vertrouwen in ‘plan-Kahn’ na het weekend al grotendeels verdwenen. Zoals een betrokkene dinsdagochtend antwoordde op de vraag of een doorstart nog mogelijk was: „Dan moet er echt een wonder gebeuren.”

Waardoor is het misgegaan?

150 miljoen voor ‘V&D nieuw’

Kahn moest er uitkomen met drie partijen: de bank, de verhuurders van de V&D-panden en de curatoren.

Hij had in totaal 150 miljoen euro nodig voor zijn plan voor ‘V&D nieuw’, zoals de betrokkenen het onderling noemden. Hij moest immers fors investeren om van het verouderde V&D een eigentijdse winkelketen te maken. Slechts een fractie van de 150 miljoen zou als overnamesom naar de boedel gaan.

Een deel van het benodigde bedrag zou hij zelf inbrengen, een deel wilde hij van ING lenen. De bank was best bereid om Kahn te financieren – als enige, zegt Kahn. Maar wel tegen bepaalde voorwaarden. Geld in V&D steken was per slot van rekening een risico – winst heeft de winkelketen de afgelopen decennia niet gemaakt. ING wilde dat risico niet in haar eentje nemen, Kahn moest ook substantieel investeren.

Er werd geen overeenstemming bereikt over hoeveel eigen geld hij dan moest meebrengen. Aanvankelijk leek ING bereid 75 miljoen euro beschikbaar te stellen, later stelde de bank dit bij naar 40 miljoen euro, zeggen ingewijden. Dat betekende dat Kahn zelf 110 miljoen euro moest neertellen.

De CoolCat-oprichter, die volgens Quote een geschat vermogen van 250 miljoen euro heeft, zou tientallen miljoenen minder in gedachten hebben gehad. Bronnen rond de onderhandelingen noemen verschillende bedragen: 50 miljoen en 75 miljoen euro. Hoe dan ook was het verschil onoverbrugbaar.

Praten over 35 panden

Ondertussen had Kahn ook overeenstemming nodig met de verhuurders van ten minste 35 V&D-panden. Met minder wilde hij geen doorstart maken. De winkels zijn in handen van tientallen partijen, die ieder weer eigen investeerders achter zich hebben, zoals pensioenfondsen of andere institutionele beleggers.

De pandeigenaren bepalen aan wie zij hun winkels verhuren. Behalve Kahn had ook het Canadese Hudson’s Bay Company interesse getoond in tientallen aantrekkelijke V&D-locaties. Een groot aantal verhuurders koos voor Kahn en besloot exclusief met hem te onderhandelen.

Het voordeel van zijn plan boven dat van Hudson’s Bay was dat Kahn de winkels niet wilde sluiten. Dat betekende: geen gemiste inkomsten voor de verhuurders. Hudson’s Bay wilde de panden eerst een à twee jaar grondig verbouwen. In die periode zouden de eigenaren geen huur ontvangen.

Alle vestigingen van V&D in Nederland:

Volgens ingewijden was er bij de verhuurders „grote bereidheid” om eruit te komen, maar desondanks waren de onderhandelingen over de winkels ingewikkeld vanwege de vele belangen van de vele verhuurders. Wat het proces bijvoorbeeld bemoeilijkte was dat sommige vastgoedeigenaren zowel goede als slechte panden bezitten. Zij wilden dat Kahn óók de slechte panden zou overnemen – anders was er geen deal.

Heel veel haast

En dat gebeurde allemaal onder grote tijdsdruk. Het liefst wilde Kahn de winkels overnemen terwijl ze nog open waren. Een zogenoemde ‘warme doorstart’ is beter voor een bedrijf: werknemers blijven aan het werk, leveranciers blijven leveren en klanten blijven komen. Maar dat scenario werd steeds onwaarschijnlijker. Maandag bleven de winkels dicht.

Ondanks de haast zaten de onderhandelingen vast. Alles hing met alles samen. Als Kahn zijn financiering niet rondkreeg, kon hij geen overeenstemming bereiken met de verhuurders. Hoe langer een akkoord op zich liet wachten, des te meer de verhuurders geneigd waren op zoek te gaan naar een nieuwe huurder. Tegelijkertijd nam het vertrouwen af naarmate de onderhandelingen zich voortsleepten.

Toen de deadline voor een deal zondagavond laat – 23.59 uur – niet werd gehaald, gaven de onderhandelaars nog niet op. Op verzoek van de curatoren werd die grens 72 uur verlegd naar woensdagavond 23.59 uur, om verder te praten over een oplossing. Maar die gesprekken zijn dus vroegtijdig afgebroken.

„Het momentum is verloren geraakt”, zei een betrokkene. De deal „loopt gewoon weg”, constateerde een ingewijde dinsdagochtend al. ’s Middags stortte het broze bouwwerk definitief in.

V&D had veel verschillende eigenaren voordat het failliet ging:

Voor de curatoren, Kees van de Meent en Hanneke de Coninck-Smolders, is het mislukken van plan-Kahn onfortuinlijk. De CoolCat-oprichter was de laatste gegadigde om V&D door te starten. Nu kunnen de curatoren, die de belangen van de schuldeisers behartigen en zoveel mogelijk banen willen behouden, het bedrijf aan niemand meer verkopen.

Eind januari slaagden zij er wel in het winstgevende La Place te verkopen aan Jumbo. Ingewijden zeggen tegen NRC dat de Brabantse supermarktketen 48 miljoen euro heeft betaald. Dat was de „grote klapper” voor de boedel, volgens een ingewijde. Zoveel hadden de warenhuizen bij lange na niet opgebracht. Maar, zegt deze bron: „Je wil gewoon achtduizend banen redden en zorgen dat het instituut V&D blijft voortbestaan.”

Lees ook: Wat gebeurt er met V&D? En 12 andere vragen over het failliete warenhuis