Te weinig ervaring artsen met operatie maagkanker

Medisch specialisten moeten van de overheid hun routine op peil houden. Dit gebeurt te weinig bij risicovolle maagoperaties, zo blijkt.

Foto Koen Suyk / ANP
Foto Koen Suyk / ANP

Meer dan de helft van de ziekenhuizen die risicovolle maagoperaties bij kankerpatiënten uitvoeren, heeft te weinig ervaring met die ingreep. Dit blijkt uit een analyse van de normen voor acht (kanker)operaties door medisch statistiekenbureau MediQuest.

Medisch specialisten moeten van de overheid hun routine op peil houden voor complexe operaties; dit zou de kwaliteit van de zorg verbeteren. In 14 van de 27 ziekenhuizen die maagkankeroperaties uitvoeren, werden volgens de laatste cijfers uit 2014 de normen daarvoor niet gehaald.

Opvallend is dat bij andere risicovolle operaties die MediQuest onderzocht vrijwel geen enkel ziekenhuis meer kampte met een gebrek aan ervaring. Een ziekenhuis moet een gedeeltelijke verwijdering van de alvleesklier bijvoorbeeld twintig keer per jaar uitvoeren, anders moet het deze operatie afstoten. In 2010 zaten twaalf ziekenhuizen onder deze norm, nu is dat er nog maar één.

Voor specialistische aorta-operaties, maagverkleiningen en het gedeeltelijk verwijderen van blaas, alvleesklier, slokdarm, long en prostaat geldt ook dat de ‘volumenormen’ ertoe leiden dat chirurgen de laatste jaren geroutineerder zijn geworden. De normen worden opgesteld door de beroepsgroepen zelf, op verzoek van het ministerie.

Michel Wouters, chirurg en bestuurslid van de Nederlandse Vereniging voor Heelkunde, bevestigt dat de maagkankeroperaties achterblijven bij andere ingrepen. Volumenormen voor gedeeltelijke maagverwijdering werden in 2011 door de beroepsgroep ingevoerd, en drie jaar geleden verhoogd tot twintig operaties per jaar, per ziekenhuis. Tot dat moment bood ieder ziekenhuis in Nederland de operatie aan, maar na de verhoging van de norm stootte in één keer tweederde van alle circa negentig ziekenhuizen de operatie af.

Van de ziekenhuizen die overbleven, haalt dus weer een groot deel de norm niet. Zij maken met de Nederlandse Vereniging voor Heelkunde de afspraak dat wanneer ze nog een keer de norm niet halen, ze de operatie moeten afstoten.

Wouters: „Het is belangrijk dat een team op elkaar is ingespeeld, tijdens de voorbereiding, de operatie en de nazorg. Er kunnen complicaties optreden, dan moet je weten wat je als team moet doen. Natuurlijk moet de specialist zijn ervaring met de operatie bijhouden, maar dat het team als geheel ervaring heeft met het hele proces is net zo belangrijk.”

Voor patiënten betekent de centralisering vaak dat ze verder moeten reizen voor een operatie. Wouters: „Dat klopt, maar niet dramatisch ver. Het is niet zo dat een patiënt uit Dokkum ineens naar Amsterdam moet. Die Dokkummer moet nu bijvoorbeeld naar Leeuwarden. Maar daar krijgt die patiënt wel betere zorg.”