De schikking als exportproduct

Om de fraude bij Volkswagen en oliebedrijf Petrobras wereldwijd te schikken, zijn in een week twee Nederlandse claimclubs opgericht. „Er zitten nog een zaak of drie in de pijplijn.”

Illusatratie Stella Smienk
Illusatratie Stella Smienk

Illustratie Stella Smienk

Doorgaans zitten Bernstein Litowitz Berger & Grossmann vooral achter bedrijven in Amerika aan. Maar het Amerikaanse advocatenkantoor met intimiderende naam is nu ook in Nederland geland. Maandag maakte het de oprichting van de Stichting Volkswagen Investor Settlement Foundation bekend.

Volkswagen-aandeelhouders hebben „miljarden euro’s verlies geleden” en BLB&G wil ze via de stichting graag helpen dat geld „terug te krijgen”. Dat wil het doen via een Nederlandse claimstichting vol Nederlandse zwaargewichten, onder wie Huub Willems (oud-voorzitter Ondernemingskamer) en Jean Frijns (voormalig president-commissaris van Delta Lloyd).

Vorige week werd een vergelijkbare stichting opgericht met betrekking tot een compleet andere fraude: die bij het Braziliaanse oliebedrijf Petrobras. Ditmaal door ISAF: een internationale club die collectieve rechtszaken financiert in samenwerking met de Nederlandse advocaat en claimspecialist Jurjen Lemstra. De Stichting Petrobras Compensation Foundation strikte onder meer oud-minister van Justitie en voormalig VVD-partijvoorzitter Benk Korthals voor het bestuur.

Nederland claimland

Wat ze naar Nederland brengt? De Nederlandse wet: die biedt een uitzonderlijk mooi haakje voor alle aandeelhouders die niet in de VS hun recht kunnen halen. De Wet collectieve afwikkeling massaschade (Wcam) maakt het namelijk voor de rechter mogelijk collectieve schikkingen wereldwijd verbindend te verklaren, ook als er nauwelijks Nederlanders of Nederlandse bedrijven bij betrokken zijn.

Dat heeft een groot voordeel voor bedrijven zoals Petrobras of Volkswagen, zegt Lemstra. Schade in de Verenigde Staten moet daar geregeld worden. „En bedrijven kunnen de rest van de wereld via Nederland regelen. Je koopt dan in feite global peace via het gerechtshof in Amsterdam. Dat is prettig voor bedrijven omdat ze dan een zaak achter zich kunnen laten.”

Een voorbeeld is de schikking van Shell van ruim 350 miljoen dollar met aandeelhouders die in 2009 door het Amsterdamse hof algemeen verbindend werd verklaard. Dat gebeurde op het expliciete verzoek van Shell zodat het een streep onder de kwestie kon zetten.

Maar de advocatenkantoren slaan vooral aan op de uitspraak van het Amsterdamse hof in 2012 rondom de Zwitserse verzekeraar Converium. Daarbij werd een schikking van zo'n 60 miljoen dollar verbindend verklaard. „Die uitspraak is heel belangrijk omdat het de eerste verbindendverklaring voor een niet-Nederlandse onderneming is”, zegt BLB&G-adviseur Anatoli van der Krans.

Sindsdien is meermalen door lobbyclubs zoals US Chamber of Commerce gewaarschuwd voor de Wcam en ‘Amerikaanse toestanden’ in Nederland. Nederland zou ervoor moeten waken „een hub voor wereldwijde rechtszaken” te worden waarbij er nauwelijks raakvlakken met Nederland zijn. Probleem van die waarschuwingen: sindsdien er deden zich al jaren geen voorbeelden meer voor.

'Die fraude hebben wij niet bedacht'

Tot nu. „Dit is het vervolg van Shell en Converium”, zegt Lemstra over de Petrobras en Volkswagen-zaken. Hij noemt het toeval dat beide zaken elkaar zo snel volgen, maar belooft er tegelijk nóg meer. „Er zitten nog een zaak of drie in de pijplijn.” Met kritiek van de lobbyclubs kan hij weinig. „Die fraude hebben wij niet bedacht, die is er dankzij Petrobras en Volkswagen.”

Lemstra voerde met succes collectieve zaken tegen onder meer ABN Amro, Ahold, Dexia en World Online en komt met regelmaat met zijn kantoor in de VS waar hij andere advocatenkantoren wijst op de mogelijkheden van Wcam.

Op die manier kwam ook het verzoek bij hem terecht van het Amerikaanse Lieff Cabraser om een Nederlandse stichting op te richten voor alle Volkswagen-rijders. Die Volkswagen Group Diesel Efficiency Stichting opereert vooralsnog onder de radar, maar ook daarvoor probeert Lemstra een aansprekend bestuur te strikken.

Volgens Lemsta is het namelijk belangrijk dat er aansprekende personen zoals Korthals in de stichting zitten. Ze verdienen doorgaans zo’n 200 tot 250 euro per uur. „Je bent op zoek naar juristen die rond hun pensioen zitten en die een naam te verliezen hebben. Door de reputatie en kennis van die mensen neemt de geloofwaardigheid voor de zaak toe.”

De grote vraag is nu of Volkswagen en Petrobras daar ook gevoelig voor zijn. Vooralsnog hebben ze nog geen signaal afgegeven waaruit blijkt dat ze voor de Nederlandse oplossingsroute kiezen.