Opinie

    • Hans Beerekamp

2Doc Levenseindekliniek: 'Huppakee. Weg.'

Euthanasiedocumentaire ‘Levenseindekliniek’ (NTR)
Euthanasiedocumentaire ‘Levenseindekliniek’ (NTR)

Als het de bedoeling was van de makers Marcel Ouddeken en Hans Kema om met de documentaire Levenseindekliniek (2DOC/NTR) meer begrip te wekken voor de huidige euthanasiepraktijk in Nederland, dan is dat waarschijnlijk niet gelukt.

Integendeel, de introductie van het woord huppakee als kernachtige samenvatting van de doodswens van de aan semantische dementie lijdende mevrouw Hannie Goudriaan, zal gegarandeerd een eigen leven gaan leiden. De beelden van de dodelijke injectie die haar in de leunstoel thuis wordt toegediend, zullen tot in lengte van jaren herhaald worden, in binnen- en buitenland. Nederland, daar geldt de formule „Huppakee. Weg.” als geldig argument bij het vaststellen van een wilsbeschikking en van ondraaglijk en uitzichtloos lijden.

Toen we voor het eerst een patiënt op televisie euthanasie zagen krijgen, in Maarten Nederhorsts documentaire Dood op Verzoek (IKON, 1994), vonden de tegenstanders er ook munitie in, maar in overgrote meerderheid leek het ons een goed idee. Als minimaal twee artsen na zorgvuldige afweging geen andere oplossing meer zien, dan moet het kunnen.

Nu is dat geen uitzondering meer. Als de huisarts de procedure niet wil of kan uitvoeren, dan kan de patiënt zich aanmelden bij de Levenseindekliniek. Dat gebeurt meer dan honderd keer per maand. De film volgt de laatste periode van drie patiënten, „behandeld" door drie artsen, van wie één psychiater.

Het gaat om een vrouw van honderd, die het leven een duffe bedoening vindt en er helemaal klaar mee is; een zestigjarige dwangneuroticus in een gesloten psychiatrische afdeling; en de mevrouw die nog slechts over een zeer beperkte woordenschat beschikt en bij wie de arts in beeld de spuit zet, zelfs als ze op het laatst ruimte voor twijfel laat over haar bedoelingen.

In een nagesprek onder leiding van Coen Verbraak had Steven Pleiter, directeur van de Levenseindekliniek, weinig weerwoord tegen het sarcasme van emeritus hoogleraar psychiatrie Frank Koerselman. Die vond de gang van zaken kenmerkend voor de kille, bureaucratische manier waarop we in de huidige gezondheidszorg met mensen omgaan. U heeft een tremor? U voelt zich eenzaam en vindt het leven niet leuk meer? U dreigt met zelfdoding, als wij het niet doen? Dan komen wij van de Levenseindekliniek graag bij u langs.

Pleiter herkende zich niet in dat beeld, want er waren immers procedures gevolgd en geen wetten overtreden. Zijn collega, psychiater Gerty Casteelen, vond in de film dat zij strijders waren aan het euthanasiefront, waar de regels nog verre van vaststaan.

Het is een sympathieker formulering dan het je verschuilen achter een legalistische redenering of het al te enthousiast meegaan in vage doodswensen. Van die huisarts in Tuitjenhorn, die bezweek onder beschuldigingen van onzorgvuldigheid, en die aanvankelijk veel steun kreeg in de publieke opinie, herinner ik me vooral dat hij volgens zijn stagiaire haar een high five had gegeven na een euthanasie.

Als dat klopt, dan is dat inderdaad Hollands geloof in maakbaarheid. Huppakee.

    • Hans Beerekamp