Opinie

Crescendo

In Nagoya stond ik afgelopen december op een paar meter van Jorien ter Mors. Met uitzicht op het ijs van de shorttrackbaan keek ze naar haar collega’s. Ter Mors heeft een imposante gestalte: lange benen, machtige spieren.

Ter Mors had iets onbereikbaars. Ze leefde in een wereld waarin ze weinig anderen toeliet, zo leek het. Muziek op de oren, blik op oneindig. Gelijk had ze. Bij topsporters liggen emoties altijd maar weer onder een vergrootglas. Een pleister aan een pink, een trekkende mondhoek en het beeld gaat de hele wereld over.

Aan Ter Mors kleeft het verhaal van haar vader. Hij was zelf een schaatsfanaat; met zijn dochter vormde hij een span. In mei 2013 overleed hij aan kanker. Toen ze in 2014 olympisch goud won in Sotsji stond ze kort na de race voor de camera. Waar dacht ze aan? „Aan alles wat ik heb meegemaakt, het afgelopen jaar. Aan mooie dingen, aan je vader die je hebt verloren...”

Tranen over de wangen.

Tijdens de WK afstanden in Rusland won Jorien ter Mors twee keer goud, op de 1.000 en de 1.500 meter.

Zelden heb ik een vrouw zo’n egale 1.500 meter zien rijden. Haar tegenstander was al meteen in geen velden of wegen te bekennen. Ter Mors gleed schijnbaar moeiteloos over het ijs met tussentijden die je benen van je grote teen tot aan je lies zouden moeten verzuren.

Het was bijna vreemd om de televisieverslaggevers over ‘het verval’ per rondje te horen spreken tijdens zo’n perfecte race.

Verval? Deze race was één groot crescendo.

Na haar race bleef Ter Mors zitten op het middenterrein. Ze verstuurde ondertussen whatsapps naar vriend en familie in Nederland terwijl de tegenstanders zich op het ijs kapotbeten op haar tijd.

In Japan zag ik hoeveel kracht Ter Mors uitstraalt. Ze kan alleen met haar voorkomen al het gevoel geven dat er voor anderen niets te halen valt. In dat opzicht lijkt ze op Sven Kramer.

De schaatstranen kregen we in Rusland te zien bij Ireen Wüst, de vechtjas met haar rotseizoen. Ze was twee seconden langzamer dan Ter Mors op de 1.500 meter. Wüst was meedogenloos voor zichzelf en schoot vol: „Ik reed een nietszeggende rit.”

Nietszeggend, dat is het ergste wat je als sporter over jezelf kunt afroepen.

In Rusland stond Jorien ter Mors zelfverzekerd op het podium. Ze hield het droog, gehard als ze is door verlies en keek naar de nok van het stadion, naar de vlag in top.

Ter Mors is een veelvraat die alles wil winnen wat er te winnen valt en dat lijkt nog te lukken ook. Ze is een kop groter dan iedereen.