‘Ook op Sumatra moordden Nederlanders op grote schaal’

Plakaat met namen op het monument van Rengat. Foto Anne-Lot Hoek
Plakaat met namen op het monument van Rengat. Foto Anne-Lot Hoek

Nederlandse militairen hebben tijdens de Indonesische onafhankelijkheidsoorlog ook op grote schaal gemoord op Sumatra. Dat blijkt uit onderzoek in Indonesië en uit niet eerder gepubliceerde documenten in het Nationaal Archief. Bekend was al dat het Nederlandse leger bloedbaden aanrichtte op Zuid-Celebes en Java (Rawagadeh).

,,De details zijn gruwelijk’’, zegt advocate Liesbeth Zegveld, die eerder in actie kwam voor nabestaanden. Zegveld zal ook nabestaanden van slachtoffers op Sumatra bijstaan en hoopt dat de Nederlandse staat het niet weer tot een rechtszaak laat komen. „Een proactieve houding is hier gepast.”

Jeffry Pondaag, voorzitter van de stichting Comité Nederlandse Ereschulden, die de belangen van Indonesische nabestaanden behartigt, zegt: „Dit gaat om Nederlandse onderdanen die zijn vermoord.”

Nederland startte twee ‘politionele acties’, kortdurende militaire offensieven, een in 1947 en een tweede van 18 december 1948 tot 5 januari 1949. In Nederland is lang beweerd dat het buitensporige geweld ‘excessen’ betrof, zoals in de Excessennnota (1969) was vastgesteld. Inmiddels is duidelijk dat het geweld structureel was.

Op 5 januari 1949 werden in Rengat op Sumatra honderden burgers gedood door de paratroepen van het Korps Speciale Troepen, dat eerder onder leiding stond van de beruchte kapitein Westerling. De Excessennota spreekt van 80 slachtoffers. In het Nationaal Archief bevinden zich lijsten met daarop de namen van 120 burgerslachtoffers. De toenmalige Nederlandse resident stelde dat 400 mensen ,,volkomen willekeurig’’ zijn vermoord. In Rengat staat een monument voor 1.500 slachtoffers, van wie er 186 met naam worden genoemd.

In Rengat wonen nog nabestaanden en ooggetuigen. De toen 11-jarige mevrouw Rubina was erbij toen haar vader werd doodgeschoten en zag hoe haar buren, onder wie vrouwen en kinderen, waren gedood. Overal in de stad en de rivier Indragiri lagen lijken. „Op de markt, voor het postkantoor, in de straten. Voor het ziekenhuis lagen de zusters dood”, zegt ze.