Minutenlang ‘Kenneth NSB’, mag dat?

Waarom wordt zelden (nog) een wedstrijd stilgelegd? Clubs „moeten zelf inschatten of het middel erger is dan de kwaal”.

Foto Koen van Weel / ANP
Foto Koen van Weel / ANP

De spreekkoren ‘Kenneth NSB’ en ‘Kenneth hoerenjong’ zwellen na rust pas echt aan. Bij een tussenstand van 1-1 heeft Ajax-Feyenoord zondagmiddag iets van de intensiteit van de eerste helft verloren. De stilte in de Amsterdam Arena wordt gevuld door spreekkoren vanuit met name Vak 410 richting Feyenoord-keeper en voormalig Ajacied Kenneth Vermeer. Soms sterft het hatelijke gezang even weg, om dan bij balcontacten van de doelman weer in alle heftigheid los te barsten.

Hoe lang mag dit duren? Vrij lang, kennelijk. Pas na aanhoudend kwetsend gezang, dat op zijn hoogtepunt drieënhalf minuut onafgebroken klinkt, grijpt de stadionspeaker op aangeven van de Ajax-directie in. Nadat de doelman bij het betreden van het veld zichzelf al heeft zien hangen als pop aan een strop van de balustrade, is Vermeer na rust bijna een kwartier lang verbaal gegeseld.

Te laat ingegrepen? Jeroen Slop, financieel directeur van Ajax met ook veiligheid in zijn portefeuille, is niet beschikbaar voor commentaar. De woordvoerder van Ajax reageert per mail in algemene termen op de kwestie, maar gaat niet in op de vraag waarom er niet eerder een oproep kwam. „De stadionspeaker heeft gewaarschuwd. Daarna was het over.”

Vrijdag werd bekend dat Ajax nog eens twintig mensen gaat bestraffen met een stadionverbod. Vermoedelijk gaat het om de betrokkenen die een spandoek ophingen met de tekst ‘Vermeer: van godenzoon naar hoerenzoon’. Acht van hen zijn al geïdentificeerd, de andere twaalf heeft Ajax op de korrel. De 26-jarige Wageninger die verdacht wordt van het aan een strop laten bungelen van de ‘Vermeer-pop’ „handelde niet alleen”, aldus de clubwoordvoerder.

Maar de spreekkoren? De aanklager betaald voetbal van de KNVB onderzoekt „welke maatregelen de club vooraf heeft genomen om de incidenten te voorkomen, tijdens de wedstrijd te stoppen en na de wedstrijd hiertegen op te treden”. De kwetsende liederen klonken uit honderden kelen. Zoals het protocol voorschrijft is de thuisspelende club verantwoordelijk voor het eventueel stilleggen van een duel, tenzij de arbiter aangeeft dat hij of een speler in zijn functioneren wordt belemmerd.

Het aantal incidenten met spreekkoren in het Nederlands voetbal is volgens het Centraal Informatiepunt Voetbalvandalisme (CIV) gedaald van rond zeventig per seizoen in het vorige decennium naar rond de vijftig de afgelopen vier seizoenen. Terwijl de roep in de maatschappij en media om het stilleggen van een duel na elk incident groot is, wordt in de praktijk die stap nog zelden genomen.

In het seizoen 2004-2005 werd een fors aantal van acht wedstrijden stilgelegd wegens spreekkoren (één zelfs gestaakt), aldus het Auditteam Voetbal en Veiligheid dat in die periode onderzoek deed naar spreekkoren. Officiële recente cijfers zijn niet voorhanden, maar deze krant telde sinds 2011 nog maar een handvol incidenten waarbij spreekkoren ook daadwerkelijk reden waren voor een onderbreking van de wedstrijd.

Of dat komt omdat de beslissing voor stilleggen sinds 2007 bij de thuisspelende club ligt (in plaats van voorheen de scheidsrechter) of dat er simpelweg minder ‘gekwetst’ wordt op de Nederlandse velden is moeilijk te beantwoorden. „De uitleg waar wij in geloven, is dat de duur en aard van de spreekkoren die er zijn niet altijd aanleiding geven tot het stilleggen”, zegt een KNVB-woordvoerder.

Nalatigheid wordt wel afgestraft. FC Utrecht werd vorig jaar bestraft met een boete van 10.000 euro en het leeg houden van de Bunnikside voor een wedstrijd wegens het niet ingrijpen bij een antisemitisch lied dat later op opgedoken beelden veel ophef veroorzaakte. „Ik ontkom niet aan de indruk dat de politieke druk rond deze zaak een rol heeft gespeeld in deze zware straf”, zei directeur Wilco van Schaik. Volgens FC Utrecht was het gewraakte lied tijdens het duel (tegen Ajax) niet waargenomen door officiële instanties.

Blijft ook nog de vraag: wat is kwetsend, en in welke mate? Op een „nadrukkelijk niet uitputtende lijst” van de KNVB staan de volgende voorbeelden: alle verwijzingen naar hoer; ziekten en geslachtsdelen en daarnaast alle kwetsende, beledigende, racistische of discriminerende verwijzingen naar ras, geloof of bevolkingsgroep, zoals: oerwoudgeluiden; imitaties van geitengemekker/schapengeblaat; hamas; gesis; vuurwerkgeluiden.

Maar niet iedereen neemt overal aanstoot aan. In 2014 werd door het auditteam Voetbal en Veiligheid een enquête gehouden onder 308 sleutelfiguren in het betaald voetbal (waaronder coaches, clubbestuurders, aanvoerders, arbiters), van wie ongeveer de helft reageerde. „Zo’n 10 procent van de respondenten geeft aan neutraal te staan tegenover een spreekkoor met het woord ‘hoer’, terwijl een spreekkoor met een verwijzing naar een geslachtsdeel door 17,5 procent neutraal wordt geïnterpreteerd en voor een kleine 10 procent acceptabel is.”

Zo blijft de voetbalwereld schipperen. Een strikt principiële benadering schrijft het Auditteam niet voor in de aanbevelingen in het rapport uit 2014. „Het is bij het doen van interventies van belang om bewust te zijn van deze risico’s en in te schatten of het middel niet erger wordt dan de kwaal.” Het Auditteam constateerde dat clubs „bepaalde interventies bewust niet uitvoeren tegen scheldkoren, omdat zij vrezen dat hierdoor de situatie verergert in plaats van verbetert.”