Loop in de liefde je neus achterna

Chemicus Tanja Deurloo en journalist Monique Snoeijen weten waarom internetdates vaak mislukken. De neus kiest niet mee. In het weekend van Valentijnsdag een pleidooi voor ongeparfumeerd daten.

Dit is wat vaak gebeurt met internetdates: een man en vrouw vinden elkaars foto leuk (hij draagt geen zonnebril, zij poseert niet met een kat); in berichten heen-en-weer ontstaat een klik (ze blijken beiden te kunnen spellen); en ze besluiten af te spreken. Maar nog voordat ze zijn gaan zitten aan een tafeltje in een ondefinieerbaar café, weten ze allebei: dit wordt het niet. Dikke kans dat dat komt omdat ze, al dan niet onbewust, elkaars geur niet aantrekkelijk vinden.

Het is goed om te realiseren dat in de liefde geur een onmiskenbare rol speelt, zeker nu internet voor steeds meer mensen het middel is geworden om een vaste partner te ontmoeten (volgens getallen van het CBS uit 2014 heeft ruim 13 procent van de stellen die tussen 2008 en 2013 gingen samenwonen elkaar gevonden via internet, voor 50-plussers is dat zelfs meer dan eenderde).

De rol van geur kan niet worden onderschat. Hoe verklaar je anders dat de geur van een flesje patchouli een vrouw kan katapulteren naar haar jeugdliefde? Waarom anders wil een weduwe naar bed met het beslapen T-shirt van haar overleden man?

De neus is direct verbonden aan het limbisch stelsel, het oudste deel van de hersenen (‘het reptielenbrein’), hier liggen emoties en herinneringen opgeslagen. Maar geur is meer dan emotie.

Iemands lichaamsgeur kan een beter selectiecriterium voor een (seksueel bevredigende) relatie zijn dan eigenschappen als ‘spontaan’, ‘sportief’ en ‘onafhankelijk’ uit een internetprofiel. Beroemd is het ‘smelly T-shirt’-onderzoek van de Zwitserse zoöloog Claus Wedeking uit 1995. Daarin werd mannen en vrouwen gevraagd twee dagen hetzelfde T-shirt te dragen, ze mochten die dagen geen deodorant of parfum gebruiken. Vervolgens werd het T-shirt in een doos met een ruikgat gestopt. De deelnemers moesten de geur van de T-shirts beoordelen op intensiteit, aantrekkelijkheid en sexyness.

Vrouwen konden zonder uitzondering ruiken welke T-shirts van mannen waren. En ze vonden een T-shirt lekker ruiken als het genenpakket van de eigenaar een goeie aanvulling was op hun eigen genenpakket. Ieder mens heeft namelijk een ‘olfactorische vingerafdruk’, een specifieke lichaamsgeur. Die wordt mede bepaald door de genen van het Major Histocompatibility Complex (MHC genen), de genen die verantwoordelijk zijn voor ons immuunsysteem. Onze neus kiest dus een partner die een genetisch voordeel oplevert voor het nageslacht.

Met soortgelijk T-shirt-onderzoek werd ook ontdekt dat mannen vrouwen het lekkerst vinden ruiken als ze ovuleren. Een vrouw op haar beurt kan aan het zweet van een man ruiken of hij opgewonden is. Voor of tijdens de eisprong is zij ook beter in staat om met haar neus een man met een hoog testosterongehalte op te sporen. Vrouwen die de pil slikken (in Nederland veertig procent van de vrouwen tussen de 16 en 49 jaar) zouden door de kunstmatige cyclus hier geen neus meer voor hebben. In een in 2009 gepubliceerde review in Trends in Ecology and Evolution waarschuwt co-auteur en gedragsecoloog Alexandra Alvergne van de Universiteit van Sheffield dat de pil „invloed heeft op onze partnerkeuze”.

Zo bezien valt er veel te zeggen voor de ‘feromoonfeestjes’ die in de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk een paar jaar geleden populair waren. In 2009 kwam de Amerikaanse kunstenaar Judith Pray tot de conclusie dat internetdaten voor haar niet werkte. Dates die online grappig en zelfbewust waren, bleken in real life geen garantie voor een duurzame relatie. Pray vroeg zich af of geur wellicht belangrijker is dan een goed gesprek en startte door het hele land geurdatingfeestjes (pheromoneparties.com).

Deelnemers moesten een drie dagen gedragen T-shirt in een genummerde plastic zak stoppen. Dat deze vorm van matching niet perse heeft geleid tot feromoonfeestjeshuwelijken en -babys heeft misschien te maken met de ietwat jolige aanpak, of zoals Pray zelf op haar website schrijft: „Het is een feestje, geen laboratoriumonderzoek”.

Geur is een serieuze zaak.

Het strekt daarom tot aanbeveling dat daters bij de eerste afspraak ongeparfumeerd verschijnen. Denk aan wat Napoleon vanuit Egypte aan zijn teerbeminde Josephine schreef: „Was je niet, ik kom eraan”. (Voor uw begrip, het zou nog weken duren voor Napoleon thuis zou zijn.)

Als deze eerste, ongeparfumeerde date olfactorisch goed is verlopen, staat niets de geliefden in de weg om zich voor een volgende afspraak met zorg te parfumeren. Met parfum kan iemand zijn persoonlijkheid en stijl onderstrepen. Denk maar aan wat Marilyn Monroe antwoordde toen haar werd gevraagd wat ze in bed droeg: „Alleen Chanel N°5.”

Een parfum kan iemand gek maken. Priming heet dat in de wetenschap. De vrouw die één keer een verheffende ervaring heeft gehad met een man die Chanel pour Monsieur draagt, zal de volgende keer bij het ruiken van die geur onmiddellijk weer aan die ervaring denken.

Wees wel gewaarschuwd: een negatieve geurervaring (de man blijkt bijvoorbeeld hetzelfde parfum te dragen als de oom die op verjaardagsfeestjes onophoudelijk dubbelzinnige grapjes maakte) nestelt zich voor altijd, via de neus, tussen de oren.