Ook in de Lokale Leemte liggen sterrenstelsels

Achter de band van de Melkweg die ’s nachts aan de hemel te zien is, zijn honderden nieuwe sterrenstelsels ontdekt.

Compositietekening van de ontdekte stelsels
Compositietekening van de ontdekte stelsels Tekening ICRAR

Astronomen hebben honderden nieuwe sterrenstelsels ontdekt die naar astronomische maatstaven tamelijk dichtbij liggen. De stelsels bleven tot nu toe onopgemerkt omdat ze achter de lichtende band van de Melkweg liggen die we – buiten stedelijke gebieden – aan de nachtelijke hemel kunnen zien.

Sterrenkundigen noemen die lichtband de vermijdingszone. Het was bekend dat daarachter ook nog sterrenstelsels moesten liggen. Ze werden alleen aan het zicht onttrokken door het lichtverstrooiende stof tussen de sterren van onze Melkweg.

De stelsels zijn opgespoord met de 64 meter grote radioschotel bij het Australische stadje Parkes. Met dit instrument is de zwakke radiostraling gedetecteerd die door het koude waterstofgas in de stelsels wordt uitgezonden. Deze radiostraling laat zich, anders dan het zichtbare licht dat de sterrenstelsels uitstralen, niet door stof tegenhouden.

Bij de ontdekking, dinsdag gepubliceerd in The Astronomical Journal, zijn Ian Stewart (Leidse Sterrewacht), George Heald (Rijksuniversiteit Groningen) en de Nederlandse astronoom Renée Kraan-Korteweg (Universiteit van Kaapstad) betrokken.

Een nieuwe inventarisatie leverde 883 sterrenstelsels op. Ongeveer een derde daarvan was nooit eerder gezien. De stelsels bevinden zich op afstanden van een paar miljoen tot enkele honderden miljoenen lichtjaren en zijn niet gelijkmatig over de ruimte verdeeld. Ze vormen kleinere en grotere groepen (clusters), zoals die overal in het heelal te vinden zijn.

Enkele van die samenscholingen zijn deel van de zogeheten Norma-supercluster, een lang lint van groepen sterrenstelsels in de richting van het zuidelijke sterrenbeeld Norma (Winkelhaak). Al sinds de jaren zeventig is bekend dat de Melkweg, samen met duizenden andere stelsels, met een snelheid van ongeveer 700 kilometer per seconde in de richting van deze supercluster – toen nog de ‘Grote Aantrekker’ werd genoemd – beweegt.

Uit het nieuwe onderzoek is duidelijk geworden dat de Norma-supercluster meer massa, en dus aantrekkingskracht, heeft dan gedacht. Dat maakt de ruimtelijke beweging van de Melkweg beter verklaarbaar.

De speurtocht bevestigt ook de kolossale omvang van de zogeheten Lokale Leemte, een stuk ruimte dat zich over minstens 150 miljoen lichtjaar uitstrekt. Maar tegelijkertijd is duidelijk dat die minder leeg is dan gedacht: er zijn een flink aantal nabije sterrenstelsels in gevonden.