Obama wil, maar niemand werkt mee

Obama wil de geschiedenis ingaan als de president die het klimaat heeft gered. Maar zijn speelruimte is beperkt.

Foto’s AP

Het had weinig gescheeld of de grote klimaattop in Parijs eind vorig jaar was mislukt. Op het allerlaatste moment ontdekten de Amerikanen dat er in het akkoord stond: „De ontwikkelde landen zullen de leiding blijven nemen bij het aanvaarden van economiebrede absolute doelstellingen voor emissiereducties”. Maar volgens de Amerikanen moest er staan: „De ontwikkelde landen zouden de leiding moeten blijven nemen...” Het was het verschil tussen shall en should.

De slotverklaring liet uren op zich wachten, terwijl achter de schermen koortsachtig werd gezocht naar een oplossing. Ontwikkelingslanden voelden er niets voor om de tekst aan te passen. Maar de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, John Kerry, maakte duidelijk dat de VS zonder die aanpassing het akkoord nooit zouden ondertekenen.

Vrijblijvend of niet

Het leek te gaan om een futiliteit, maar het raakte de kern van het probleem waar president Barack Obama in eigen land mee kampt als het gaat om klimaatbeleid. Het verschil tussen ‘zullen’ en ‘zouden moeten’ is, simpel gezegd, het verschil tussen juridisch bindend en vrijblijvend. En een bindend klimaatakkoord zou ongetwijfeld sneuvelen in de Senaat.

Obama wil de geschiedenis ingaan als de president die het klimaat heeft gered. Maar zijn speelruimte is beperkt. Op de Republikeinen hoeft de president al jaren niet te rekenen. Die wijzen iedere maatregel af, meestal met als argument dat de economie erdoor wordt getroffen. Geen van de Republikeinse presidentskandidaten durft openlijk klimaatverandering als een serieus probleem te benoemen. Sommigen trekken de invloed van de mens op de opwarming van de aarde in twijfel.

De regering heeft er daarom voor gekozen alleen buiten het Congres om maatregelen te nemen, via het federale milieuagentschap EPA. Op die manier wist Obama strenge normen in te voeren voor de uitstoot van broeikasgassen in het wegvervoer. En op die manier wilde hij ook de uitstoot van energiecentrales, en dan vooral van de centrales die op kolen gestookt worden, aan banden leggen.

Riskant pad

Nu het Hooggerechtshof voorlopig een stokje heeft gestoken voor het aanpakken van de centrales, blijkt hoe riskant het pad is dat Obama bewandelt om – in zijn eigen woorden – een „dreiging [te bestrijden] die dramatischer dan welke andere ook de contouren van deze eeuw definieert”.

Richtlijnen die niet zijn ingekapseld in een wettelijk kader, kunnen ook weer worden afgeschaft – bijvoorbeeld als een Republikein de presidentsverkiezingen wint. En als het Congres zich er niet over buigt, dan doet de rechter dat wel. Want elke maatregel die Obama tot nu toe heeft genomen werd juridisch aangevochten.

Dat geldt ook voor het beperken van de CO2-uitstoot door kolencentrales. De kans is groot dat de zaak uiteindelijk door het Hooggerechtshof beslecht moet worden. Het feit dat het Hof heeft besloten de uitvoering op te schorten, is voor de regering dan ook geen goed teken.

Mede onder druk van de VS heeft het Parijse klimaatakkoord geen juridisch bindend karakter gekregen. Internationale reductieverplichtingen zijn buiten het akkoord gebleven en hebben plaatsgemaakt voor beloftes van landen zelf – de zogeheten NDC’s (nationaal bepaalde bijdragen). De Amerikaanse NDC moet het vooral hebben van de uitstootlimiet op kolencentrales. Juist die dreigt nu te sneuvelen.