Koop je kunst of een naam?

Domenico en Eleanore de Sole hebben deze week een schikking getroffen met Ann Freedman, de galeriehouder die het echtpaar een valse Rothko verkocht. Het echtpaar betaalde 8 miljoen dollar. Het eist 25 miljoen dollar genoegdoening.

Wat Freedman ze precies betaalt is niet naar buiten gebracht, maar het zal in de buurt van de eis komen: uit de ene getuigenis na de andere in de rechtszaak tegen de galeriehouder blijkt haar schuld. Willens en wetens verkocht ze vervalste waar.

Eind goed al goed, zou je zeggen. Toch voelt het niet zo. De Soles krijgen meer geld dan ze hebben uitgegeven aan hun valse waar. Bij andere oplichting begrijp ik dat. Slachtoffer zijn van fraude is geen lolletje. Maar bij deze zaak lukt het me niet. Ik kan de De Soles maar niet als deerniswekkende slachtoffers zien. Komt het door hun rijkdom? Dat geloof ik niet. Ik betrap mezelf niet vaak op jaloezie op de rijken, daar ben ik misschien niet arm genoeg voor. Dat ik ze niet als slachtoffers kan zien, komt volgens mij door de aard van de misdaad: kunst vervalsen. Vakkundige vervalsers zorgen niet alleen voor vermogensnivellering maar leggen ook bloot waarom mensen als De Sole kunst kopen.

Mevrouw vertelde de rechtbank dat ze in 2011 voor het eerst hoorde over de vervalsingen die Knoedler verkocht. „Toen ik het las”, zei Eleanore de Sole, „kreeg ik een shaking frenzy”. De Sole werd woedend om vervolgens lang te huilen.

Waarom eigenlijk? Omdat haar schilderij geen Rothko bleek te zijn. Oké.

Tegelijk: het kunstwerk zelf veranderde niets. Het was niet versneden, verbrand of gejat. Het bleef hetzelfde mooie werk dat bewonderd was door een keur aan kenners, onder wie de zoon van de kunstenaar.

Nu het geen Rothko blijkt te zijn, lijkt het op een Rothko waar Rothko niet aan toegekomen is om te schilderen.

Maar zo zien de De Soles het niet.

Kopers hechten meer aan de naam van de maker dan aan het gemaakte, kunst. En niet alleen kopers, zo blijkt bij iedere ‘ontdekking’ van een nieuw meesterwerk. Neem de ‘nieuwe’ Jheronimus Bosch. Het schilderijtje lag decennia opgeborgen in het depot van een museum in Kansas, maar sinds de ontdekking dat het hier niet om een leerling van Bosch gaat, maar om de meester zelf, zal het voortaan aan de wereld worden getoond als hét meesterwerk van dat Amerikaanse instituut. Het schilderij zelf is niet veranderd.

Aandacht voor de maker is begrijpelijk; we willen vlees en bloed bij levenloze voorwerpen. Maar begrip hoeft geen berusting te brengen. En het eist al helemaal niet dat ik de De Soles zielig vind.