Europese club kan wel zonder Dullaert

Ondermijnt het vertrek van Dullaert de club van Europese kinderombudsmannen? Dat valt best mee.

Marc Dullaert
Marc Dullaert Foto Bart Maat/ANP

Het is eind januari, de telefoon gaat op het bureau van de Europese kinderombudsmannen in Straatsburg. Coördinator Polina Atanasova neemt op. Een journalist uit Nederland: wat zij vindt van de situatie rond Marc Dullaert. Welke situatie, vraagt Atanasova. De journalist praat haar bij over het vertrek van Dullaert als voorzitter van haar eigen organisatie. Terugkijkend: „Ik had dit totaal niet zien aankomen.”

Het Europese voorzitterschap van Dullaert is de bron van de twist die hij heeft met Nationale Ombudsman Reinier van Zutphen. Dullaert heeft verlenging van zijn binnenlandse termijn als kinderombudsman nodig om zijn klus als Europees voorzitter af te maken. Dat vereist groen licht van Van Zutphen. Maar die wil niet verder met Dullaert als kinderombudsman.

Dat is Van Zutphen op forse kritiek komen te staan, mede omdat Dullaerts vertrek Europees voor problemen zou zorgen. Zo zegt CDA-Kamerlid Mustafa Amhaouch dat Dullaerts Europese post „persoonsgebonden” is. „Die kán niet door een ander worden ingevuld.” Dullaert zelf deed vorige week een ultieme poging om zijn voorzitterschap te redden: kon de Nationale Ombudsman hem niet een half jaartje extra gunnen?

Maar hoe ernstig is het als Dullaert aftreedt? En wat behelst het werk van die Europese koepel eigenlijk?

ENOC, European Network of Ombudspersons for Children, verenigt 41 kinderombudsmannen uit 33 landen – regionalistische landen als Spanje hebben er meer dan een. De koepel, opgericht in 1997, wil de naleving van kinderrechten bevorderen door elk jaar één thema te agenderen dat voor alle lidstaten relevant is, zoals dit jaar kindermishandeling. ENOC ziet de Raad van Europa als zijn belangrijkste gesprekspartner.

Netwerktalent

Geld heeft ENOC nauwelijks. De begroting over 2014 bedroeg circa 130.000 euro. Ter vergelijking: Dullaert beschikt voor zijn binnenlandse ambt jaarlijks over 1,5 miljoen euro. De koepel moet het dus hebben van ‘softe’ invloed. Netwerken.

Dullaert staat bekend om zijn netwerktalent, agendeerde met succes kindermishandeling als het thema voor dit jaar, en werd door zijn mede-ombudsmannen verkozen tot voorzitter. Een termijn van één jaar. Die begon in september 2015. Maar al in 2014 trad Dullaert toe tot het bestuur van de koepel. Daarin is namelijk niet alleen plaats voor de voorzitter, maar ook voor diens opvolger én voorganger. Dullaert is dus eigenlijk verkozen tot bestuurslid voor drie jaar.

Dullaerts plots naderende vertrek zorgt voor logistiek ongemak op het bureau in Straatsburg, zegt Polina Atanasova. Begin april, daags na Dullaerts aftreden, wacht een belangrijke conferentie in Sofia. Daar legt de Raad van Europa zijn vijfjaarlijkse strategie vast op het gebied van kinderrechten. Dé plek voor ENOC om zijn visitekaartje af te geven. Dullaert staat geboekt als spreker. „Dat is een beetje ingewikkeld nu”, zegt Atanasova.

De kinderombudsman van Zweden, Fredrik Malmberg, vindt Dullaerts vertrek om inhoudelijke redenen spijtig. Dullaert is „zeer succesvol” in het Europees agenderen van de problematiek van vluchtelingenkinderen, zegt hij.

Maar ondermijnend – zoals het CDA suggereert – is een vertrek van Dullaert niet. ENOC heeft een voor de hand liggende oplossing. De aankomend voorzitter, die dus nu al in het bestuur zit, begint eenvoudigweg een half jaar eerder. Haar naam: Edita Ziobiene, kinderombudsman in Litouwen. Het is niet de eerste keer dat een bestuurslid van ENOC voortijdig afzwaait. Eerder vertrok een aanstaand voorzitter voordat het echte werk was begonnen. Atanasova: „Onze organisatie is op zulke situaties voorbereid.”

De voorzitter zelf vertrok echter nooit voortijdig. Een pijnlijke primeur voor Dullaert. Met het aanvaarden van het voorzitterschap gaf hij aan de Europese koepel de boodschap dat de verlenging van zijn binnenlandse termijn rond was.

Kennelijk niet.

ENOC sprak zich afgelopen donderdag uit tegen het „ogenschijnlijke gemak” waarmee „sommige” kinderombudsmannen uit hun ambt worden gezet. Het is duidelijk: de koepel wil dit niet nog eens meemaken.