De zon blijft onder in Bochum

In het grauwe Ruhrgebied verliest trainer Verbeek van het grote Bayern (3-0) van vernieuwer Pep Guardiola

Gertjan Verbeek spreekt verdediger Jan Simunek toe die uit het veld is gestuurd.
Gertjan Verbeek spreekt verdediger Jan Simunek toe die uit het veld is gestuurd. Foto Martin Meissner/AP

In zijn ode aan zijn geboortestad Bochum maakte de Duitse zanger Herbert Grönemeyer de wereld niet mooier dan hij is. Zonnestralen verstoffen er, het aangezicht is er grijs en het luide gekletter van staal hield er nooit op. „Je bent geen schoonheid”, zingen de supporters van VfL Bochum. „Maar dat maakt niet uit. Hier is waar het hart nog steeds telt, niet het grote geld.”

Zo’n avond moet het ook worden in het voormalige Ruhrstadion. Lokale hartstocht boven de financiële status van wereldclub Bayern München, waartegen de ploeg van de Nederlandse trainer Gertjan Verbeek het deze woensdagavond opneemt in de kwartfinale van de DFB-Pokal, de Duitse beker. Op papier staat het al vast: kansloze missie. Maar als er momenten zijn waarop een stunt mogelijk is, dan zijn het wel avonden als deze. Bekerromantiek komt nooit op bestelling.

Drie uur voor de aftrap staan fans al voor het stadion met grote flessen bier, die na lediging uit hun handen worden geplukt door verzamelaars van statiegeld, veelal Afrikanen. Het stadion, 28.000 plekken en volledig opgetrokken uit het soort beton waarmee gevangenissen worden ommuurd, had VfL wel drie keer kunnen uitverkopen. „Zoveel hebben de mensen hier ook niet”, verklaart Verbeek met een knipoog. „VfL en Grönemeyer. En dan staat er hier zo’n dwaze Hollander voor de groep.”

Verbeek (53) is sinds eind 2014 werkzaam in het Ruhrgebied. Een plek, vertelt hij, waar de mensen het altijd van noeste arbeid moesten hebben. Kolen en ijzer. Ooit was Bochum nog een leidende stad in de industrialisatie, waar arbeiders de primeur hadden met in vorm gegoten staal en mijnbouwwerkers voor het eerst door mergelsteen drongen. Maar nu? Vergeten hoogstandjes. Verbeek: „Het is geen rijke streek. In de oorlog is alles platgebombardeerd en daar zijn lelijke gebouwen voor teruggekomen. Je had hier de mijnen, maar die gingen dicht. Er was ook een Opel-fabriek waar 30.000 mensen werkten, maar voor de sluiting waren er daar nog maar 3.500 van over. Nokia had hier ook een fabriek. Oók verdwenen.”

Vervlogen weelde. Net als VfL Bochum, hoewel Verbeek zich dit jaar kansrijk acht om de club zes jaar na de degradatie terug te loodsen naar de Bundesliga. Hij staat vijfde, op een begroting van 22 miljoen euro, waarmee de club thuishoort in de middenmoot van de tweede klasse. Nog twee plekken omhoog en promotie is realistisch. „Of ik bijteken? Weet ik nog niet. Dat ligt ook aan de faciliteiten.” Zoals Verbeek het zegt: „Je kunt van een Fiat niet verwachten dat hij van een Ferrari wint.”

Verbeek negeert journalist

In de strijd met Bayern is hij in elk geval de Fiat. In de andere dug-out zit een grootmeester onder de trainers: Pep Guardiola. Op hem wachten veertien fotografen als hij zijn plek opzoekt, op Verbeek vier. De Spanjaard staat bekend als een creatieve geest die Bayern bij vlagen laat voetballen als een machine. Zo vloeiend, zo’n klein foutpercentage. Hij maakt zulke vliegensvlugge gebaren dat het zelfs voor kenners is alsof ze naar een dirigent kijken.

Vooraf had Guardiola beelden opgevraagd bij Bochum en complimenteerde hij de club met de aanvallende speelwijze, die volgens hem een afspiegeling was van Verbeek. Een stukje onbuigzaamheid: het niet aanpassen aan een situatie. Soms is dat bij Verbeek letterlijk zo. De journalist van de lokale editie van boulevardblad Bild mag ook na de kansloze 3-0 nederlaag tegen Bayern geen vragen stellen. Verbeek hekelt diens publicaties. Hij noemde de man eens openlijk een Arschloch. „Kun jij tegen de heer Tschermak zeggen dat ik zijn vragen nog steeds niet beantwoord”, zegt Verbeek tegen zijn persvoorlichter. Na de persconferentie: „Bild mag gerust een andere verslaggever sturen, maar met die man praat ik nooit meer.’’

Het is de halsstarrigheid van een man die juist weer hartelijk is tegen de zeven aanwezige Nederlandse journalisten. Geamuseerd vertelt hij dat hij vereerd was met een gesprekje dat hij eerder eens voerde met Guardiola. De trainer van Bayern had hem na een wedstrijd gevraagd naar specifieke tactische beslissingen. „Dat zo’n vernieuwer oog heeft voor mijn werk, vind ik mooi. Hadden wij hun die beelden niet moeten geven? Ach, we kregen er beelden van Bayern voor terug.”