Zlatan Ibrahimovic: ettertje, of waren wij te benepen?

Zlatan Ibrahimovic overdenkt zijn zonden.
Zlatan Ibrahimovic overdenkt zijn zonden.

Voetbalgoden Messi en Ronaldo hebben al films. Nu is nummer drie aan de beurt, de inmiddels 34-jarige Zlatan Ibrahimovic, leider van het poenige Paris St. Germain en de interessantste van het trio.

Zweden neemt binnenkort afscheid van zijn talisman: onlangs schoot Zlatan het nationale stoemperselftal weer in zijn eentje naar een eindronde. Nederland, waar hij drie seizoen bij Ajax speelde, herinnert zich hem met net zo’n mengsel van wrevel en adoratie, net als de ongrijpbare Romario of de bijtgrage Luis Suárez. Ettertjes, of zijn wij te benepen?

Als personage en voetballer is Zlatan boeiender dan de vreugdeloze workaholic Ronaldo of de kleurloze Messi. Met zijn 1.95 en schoenmaat 45 is hij geen gespierde doelpuntenrobot of supersnelle meetkundige, maar een rare slungel die een soort goochelvoetbal bedrijft. Een solist die matig aardde in het systeemvoetbal van Ajax of Barcelona, maar op zijn plaats was bij Juventus, Inter, Milan of Zweden, waar waterdragers zich graag in het zweet werken voor een magische dribbel uit stand of doelpunt met de hak.

In Becoming Zlatan zien we de opkomst van het supertalent op Zweedse aardappelvelden en de drie ploeterjaren bij Ajax, die eindigden toen hij zijn captain Rafael van der Vaart met opzet blesseerde – om een paar dagen later afscheid te nemen met dat wonderdoelpunt waar hij zeven spelers van NAC bijna in slowmotion op het verkeerde been zet. Vermoedelijk gebruikt het Zweedse regisseursduo materiaal van een eerdere Zlatan-documentaire die in 2002 op het IDFA draaide. Toen hij bij Ajax niets klaarspeelde, maar wel „verbazing, wrevel, onrust, ongeloof, discussie, bewondering, hysterie en haat, veel haat” losmaakte, aldus Frits Abrahams. „Een over het paard getilde puber met zwiepende ellebogen die slecht opvalt door zijn onbeholpen motoriek en provocerend gedrag”, schreef de sportredactie.

Becoming Zlatan biedt geen carrièrehoogtepunten, wonderdoelpunten of voetbalesthetiek, maar een glamourloos relaas over de vorming van een voetbaldiva die bij Ajax werd beproefd en bijna faalde. Want Zlatan, een wonder bij de training, blokkeerde op het veld, en liet dan zijn frustraties vrij baan. Tot bankzitter gedegradeerd, gaf trainer Koeman hem nog één kans toen vriend en rivaal Mido het nog bonter maakte; anders was Zlatan wellicht in een neerwaartse spiraal beland. Dat overkomt in het profvoetbal vaak fragiele ego’s als Zlatan, onder al zijn bravoure een eenzaam, stuurs jochie dat smacht naar erkenning. Bij Juventus zagen ze hem ’s avonds vaak in zijn eentje gehaktballen eten bij de IKEA. Als voor iemand een zwart gat gaapt na het voetbal, is dat voor Zlatan de Grote.