Recensie

Recensie

Ontwaken uit je vaders schaduw op de Noorse toendra

Film Voor ‘Beyond Sleep’ liet regisseur Boudewijn Koole zich inspireren door de grote naoorlogse existentialistische roman Nooit meer slapen van W.F. Hermans. Koole deed een aantal radicale dingen met de roman.

Waar ze ook gaan, hij sjokt er een beetje achteraan. Slof, slof, slof. Stappen tellen. Achtendertig, negenendertig, veertig. Door het gras. Zomp, zomp, zomp. In zijn hoofd niet bezig met het vergezicht, het uitzicht, of het inzicht dat hij als jonge wetenschapper op expeditie in het arctische Finnmark hoopt te vinden. Niet met het grootse, maar met het afmeten van het kleine: „Een stap is zestig centimeter. Dat is 1,2 kilometer per uur.”

Voor hem lopen drie Noorse collega’s. Mannen van weinig woorden, getrainder dan hij. Als ze praten, gaat het over grote dingen. Of God bestaat, of de schepping een sadistische samenzwering is. Hij loopt, en telt zijn stappen.

Dat is de Alfred uit Beyond Sleep, waarvoor regisseur Boudewijn Koole (Kauwboy) zich door de grote naoorlogse existentialistische roman Nooit meer slapen liet inspireren. Koole deed een aantal radicale dingen met de roman. Hij schrapte en vereenvoudigde zo goed als alle voorgeschiedenis en motivatie. Weg is al Alfreds ambitie: hij is bij aankomst al een slaapwandelaar. Via een flashforward beginnen we in het midden, waar hij rauwe vis eet om te overleven. Toch is Beyond Sleep geen film over overleven, maar over een jongeman die een fundamenteel gevoel van miskenning de baas moet worden. De coming of age van een naïeve geoloog die zonder echte overtuiging het controversiële onderzoek van zijn omgekomen vader wil voltooien om postuum diens goedkeuring te ontvangen.

Het is bijna freudiaans dat Alfred niet weet hoe hij het oude kompas van zijn vader moet gebruiken. De nacht nadat hij het door zijn moeder liefdevol ingepakte pakketje in zijn bagage heeft ontdekt, droomt hij dat hij met zijn pikhouweeltje de schaamheuvel van een vrouw te lijf gaat, alwaar hij als een mug vermorzeld wordt.

En die muggen. Ze zoemen overal. Natuurlijk ontbreekt Hermans’ belangrijke inzicht niet: dat we op aarde zijn om de muggen te voeren. Maar Koole is te veel romanticus om zijn hoofdpersoon met haat en paranoia op te schepen en zo zijn publiek ontgoocheld naar huis te sturen. Je kan Beyond Sleep ook als film over escapisme bekijken, over Wanderlust, het verlangen om jezelf te ontdekken in het verre en het vreemde. Dat suggereert het voortdurende samenspel tussen totaalshots die de nietigheid van de mens in het landschap voelbaar maken en de even imposante extreme close-ups die elk gezicht tot landschap transformeren. Ook zonder Hermans had Koole dit verhaal wellicht kunnen vertellen. Want het is zíjn verhaal geworden, waarvoor hij geen vaderlijke goedkeuring nodig heeft.