Nederlandse Eritreeërs voelen druk om schendingen mensenrechten te ontkennen

Foto Siese Veenstra

Nederlandse Eritreeërs worden aangespoord om een petitie te ondertekenen die het dictatoriale regime in het land vrijpleit van mensenrechtenschendingen. Critici zijn van mening dat de Eritrese ambassade in Den Haag hier een rol in speelt.

„Sinds de onafhankelijkheid heeft er geen enkele mensenrechtenschending plaatsgevonden in Eritrea”, is te lezen in het document, waarvan NRC een kopie heeft. Er circuleren verschillende versies, van dezelfde strekking. Dit exemplaar is begin dit jaar in het bijzijn van ambassadeur Negassi Kassa Tekle verspreid op een bijeenkomst van regeringsgezinde Eritreeërs in Rotterdam. Die zijn vervolgens langs de deuren gegaan om steunbetuigingen te verzamelen.

De Engelse vertaling van de petitie, die oorspronkelijk in het Tigrinya is opgesteld

Critici zijn bang dat Eritreeërs zich onder druk gezet voelen om te tekenen. Zij zien de ambassade als verlengstuk van het inlichtingennetwerk van het regime. De ambassadeur zelf zegt de petitie te steunen, maar niet actief betrokken te zijn.

Vernietigend onderzoek

De petitie is een reactie op een vernietigend onderzoek van de Verenigde Naties vorig jaar, waarin werd geconcludeerd dat de Eritrese overheid zich schuldig maakt aan systematische mensenrechtenschendingen zoals dwangarbeid, seksueel geweld en marteling. Eritreeërs zijn op dit moment na Syriërs de grootste groep asielzoekers in Nederland. De grote meerderheid krijgt politiek asiel.

„Alle verklaringen dat Eritreeërs het land verlaten omdat er mensenrechtenschendingen plaatsvinden zijn vals”, zegt ambassadeur Tekle. „Het zijn allemaal economische migranten.” Volgens hem ondertekenen Eritreeërs de petitie uitsluitend vrijwillig.

„De aanhangers van de partij nemen ieder een wijk van de stad voor hun rekening en gaan daar de deuren langs”, zegt een Nederlands-Eritrese vrouw uit Rotterdam, die vanwege de gevoeligheid van het onderwerp anoniem wil blijven. „Iedereen weet wie het zijn, ze wonen bij ons in de buurt. We kennen elkaar allemaal. We weten dat ze informatie over ons doorspelen aan de ambassade. Dat verhoogt de druk om te tekenen.”