Opinie

Constante dialoog? Hou liever je kop eens dicht

Wekelijks rekent Japke-d. Bouma af met jeukwoorden op kantoor.

Vroeger mailde je even, of pakte je de telefoon, tegenwoordig is er „de constante dialoog”. De constante dialoog waarin gemeenten „met burgers een verbinding aangaan over leefbaarheid” bijvoorbeeld; „de constante dialoog tussen overheid en stakeholders”, de constante dialoog met de afdeling sales, de constante dialoog met je baas over je vrije opvatting van werktijden. Er is ook de „continue dialoog”, maar ik ga er even van uit dat dat hetzelfde is als de „constante dialoog” anders past het nooit in één stukje.

Wat belangrijk is bij de constante dialoog: je kunt niet gewoon beginnen met praten, nee, je gaat hem aan, start hem op, je verdiept en onderhoudt hem en dan móét je ermee door – je kan er niet zomaar mee ophouden. Laatst hoorde ik iemand zeggen: „laten we in een constante vruchtbare dialoog treden waarmee we echt signalen kunnen vertalen naar beleid”. Toen moest ik even in mijn mond overgeven.

Want laten we eerlijk zijn: ze zijn natuurlijk niet leuk, die constante dialogen. De partijen die ze met je willen zijn altijd mensen van wie je denkt ‘he getsie, met jou liever niet’. Of: ik wil best even met je praten, maar niet constant. Ik denk bij constante dialogen altijd ‘hou eens je kop’, hoewel de constante dialoog met overheidsinstanties nog wel meevalt. Die is alleen van 9 tot 12.30 en van 14.00 tot 16.30 en niet op woensdag en vrijdag, want dan zitten ze respectievelijk te mama- en papadagen. Maar verder: hou eens op met die constante dialogen.

Want we hádden al bijkletsen, bijpraten, bijpraatgesprekken, informele bijpraatgesprekken, voortgangsgesprekken, meetings, planningsgesprekken, functioneringsgesprekken, vergaderingen, bila’s, vrijmibo’s en congressen. Een constante dialoog klinkt ook wel héél erg als een veeg teken. Dat het doorgaans een soort Koude Oorlog is, maar dat er nu iets verzonnen is om te zeggen dat ze nog steeds met elkaar willen praten. ‘Nee hoor we hebben geen ruzie, we hebben een constante dialoog’.

En dan is er natuurlijk ook nog de hele communicatie op kantoor. De interne, de externe, de „veelvuldige communicatie” en de hele riedel die hier al boven staat over de constante dialoog. Sjezus mensen, we moeten er echt voor waken dat dat niet allemaal door elkaar gaat lopen! Je kunt bijvoorbeeld bij de koffieautomaat niet ineens gaan bijkletsen als er al een constante dialoog aan de gang is.

Mij lijkt het dan ook beter dat we de constante dialoog schrappen en die gewoon in het hele blablacircus gaan meenemen dat we al hadden. Vooral omdat – en dat merk je ook al aan dit stukje – de meeste mensen die zéggen dat ze een constante dialoog willen, eigenlijk een constante monoloog willen. En dan moeten wij luisteren. Ik denk dat dat ook de enige reden is dat dat soort mensen op kantoor zitten, om in constante monoloog te zijn. Tegen beeldschermen. In mailtjes met 100 cc’s, in appjes, op Twitter, op Facebook (leuke baby, gefeliciteerd, smakelijk eten, wat een schattige kittens). Als iedereen in plaats van die constante dialoog, nou eens constant zijn kop zou houden. Dan heb je constant rust. En in constante rust, heb je geen constante dialoog meer nodig.