Een vrouw die naar vrijheid streeft, verdient onze steun – toch?

De Nederlandse rechtsstaat moet ook voor moslimvrouwen gelden, vindt Shirin Musa. Dat is helaas niet altijd het geval. Onlangs verwees een Rotterdamse rechter een Nederlandse vrouw die wilde scheiden naar een shariaraad in Engeland.

Foto Robin Utrecht / ANP

Er was eens een Pakistaans Nederlandse vrouw die religieus – en niet burgerlijk – gehuwd was, en wier man weigerde te scheiden. Zij vroeg bij de Nederlandse rechter om deze weigering als onrechtmatige daad vast te stellen en een dwangsom op te leggen wanneer hij zou blijven weigeren te scheiden. Op 6 januari 2016 verwierp de rechtbank in Rotterdam dit verzoek.

Foto Robin Utrecht / ANP

Tijdens de zitting – waarbij hij expliciet naar zijn eigen katholieke geloof verwees en de katholieke rechtbank als voorbeeld noemde – had de rechter dit al aangekondigd en de vrouw verwezen naar de shariarechtbank in het Verenigd Koninkrijk. Ook in het schriftelijke vonnis verwees hij hiernaar.

Schokkend, niet? Toch is het waar. Lees de uitspraak maar na op rechtspraak.nl, trefwoorden: sharia, huwelijk. „Het door partijen op 22 februari 2002 gesloten islamitische huwelijk heeft in Nederland geen civielrechtelijke gevolg. Het staat de vrouw vrij in Nederland in het huwelijk te treden. (...) Het staat de vrouw vrij zich wel of niet aan de voorschriften van islamitisch familierecht aangaande het huwelijk en de ontbinding daarvan te onderwerpen (bijvoorbeeld door de zaak voor te leggen aan een shariarechtbank). Het valt daarom niet zonder meer in te zien dat de vrouw door de weigering van de man mee te werken aan ontbinding van dit huwelijk door Talak of Khula in enig door de Nederlandse rechtsorde beschermd belang wordt getroffen.” Wij stuitten pas onlangs op deze uitspraak, de zaak is ingewikkeld maar we menen hem toch onder de aandacht te moeten brengen. Het is voor het functioneren van de rechtsstaat van groot belang dat alle Nederlanders over dezelfde fundamentele rechten en vrijheden beschikken en een beroep op de rechter kunnen doen wanneer deze geschonden worden.

Moslimmeisjes en -vrouwen hebben helaas nog te vaak te kampen met een patriarchaal systeem, waarbij zij binnen de gemeenschap maar ook binnen de islam zelf minder rechten hebben dan de man. Gedwongen huwelijken, kindhuwelijken, polygame huwelijken, het komt helaas nog allemaal voor.

Ook vrijwillige gesloten huwelijken kunnen in een onmenselijke huwelijkse gevangenschap ontaarden, wanneer de man weigert te scheiden. Terwijl de man al lang een nieuwe vrouw heeft, blijft de vrouw in het huwelijk vastzitten en kan zij haar eigen leven niet verder vorm geven. Bij reizen naar een islamitisch land wacht haar mogelijk een veroordeling wegens geen gehoor geven aan de echtelijke gehoorzaamheidsplicht, bigamie of overspel.

Enige tijd terug was er een discussie of Nederland niet ook shariarechtbanken moest krijgen, waarbinnen de islamitische gemeenschap zijn eigen familiezaken zou kunnen regelen. Eigen zaken regelen klinkt mooi, maar werkt alleen als alle betrokkenen een gelijke uitgangspositie hebben. Dat is in het islamitische familierecht helaas niet het geval. Nooit mag de Nederlandse staat en rechtspraak meewerken aan het onderdrukken van vrouwen onder het mom van vrijheid van godsdienst. Al eerder heeft Femmes for Freedom daarom ook geprotesteerd tegen het met impliciete steun van de overheid bevorderen van religieuze huwelijken tussen minderjarige moslimjongeren. Dit werd met de beste bedoelingen gedaan, namelijk om eerwraak op een meisje te voorkomen, maar leidde tot een situatie waarin het meisje rechteloos werd. Het zou een goede zaak zijn als het OM actief imams vervolgt die dit soort huwelijken sluiten.

In mijn persoonlijke geval heeft de rechtsstaat gewerkt. In 2010 heeft een Nederlandse rechter het een onrechtmatige daad verklaard dat mijn man weigerde religieus van mij te scheiden. Sinds ik weer vrij ben, heb ik mij kunnen ontwikkelen en heb ik Femmes for Freedom opgericht om te strijden voor de rechten van vrouwen. Mijn pleidooi voor de strafbaarstelling van huwelijkse gevangenschap is in 2013 opgenomen in de wet. Dat had ik niet kunnen doen zonder de steun van de Nederlandse rechtsstaat. Met de uitspraak van 6 januari is de emancipatie van de moslimvrouw en de vernieuwing binnen de moslimgemeenschap een slag toegebracht. Ik heb er alle vertrouwen in dat deze uitspraak in hoger beroep geen stand zal houden. Maar, geachte regering, rechtspraak en OM, blijf alstublieft aandacht schenken aan de vrijheid van vrouwen binnen de islamitische gemeenschap. Zorg dat pogingen om hen geketend te houden, niet slagen. Ook is het belangrijk dat de Nederlandse regering zich internationaal inzet voor het recht om te scheiden: waarom zetten we ons wel in voor homorechten, maar zijn we bang om landen aan te spreken op hun huwelijkswetgeving?

Alstublieft, zie moslimvrouwen niet als probleemzoekers. Niet het religieuze patriarchaat, maar juist deze vrouwen zullen zorgen voor vernieuwing van hun gemeenschap, met binnen de Nederlandse democratische rechtsstaat passende man-vrouwverhoudingen.