Opinie

    • Hans Beerekamp

Ruben Terlou is droomgids in Langs de Oevers van de Yangtze

Ruben Terlou in ‘Langs de Oevers van de Yangtze’ (VPRO).
Ruben Terlou in ‘Langs de Oevers van de Yangtze’ (VPRO).

Reisseries van de VPRO op zondagavond op NPO2 zijn al jarenlang vaste prik, ook al heeft de netmanager van NPO besloten om er recht tegenover De Gevaarlijkste Wegen van de Wereld (BNN) te programmeren.

Alleen de kwaliteit leek af te nemen, want niet iedereen heeft de gidskwaliteiten van Thomas Erdbrink, Adriaan van Dis of Jelle Brandt Corstius. Nu na de teleurstellende reeksen Het Duitsland van Mijn Moeder en De Wereld in Zeven Dagen eindelijk China aan de beurt kwam, hield ik mijn hart vast.

De eer werd gegund aan een onbekende 30-jarige fotograaf zonder enige televisie-ervaring, Ruben Terlou. Al in de eerste minuten van het zesdelige Langs de Oevers van de Yangtze bleek dat de debutant een schoolse toon had in het voorlezen van de voice-overteksten, over zijn reis van de Kop van de Draak (Shanghai) naar Shangri-La. Is de VPRO zijn unieke positie echt aan het kwijtraken?

Ho ho, niet te vroeg oordelen! Dat gebrek aan flair in de kunst van het voorgekookte televisie maken bleek al snel zo ongeveer het enige dat je Terlou zou kunnen verwijten.

Uiterlijk een kruising tussen Giel Beelen en Erik Dijkstra, met de empathie van een Van Dis of de Belgische fotograaf Lieve Blancquaert, ontpopte hij zich vrij snel tot precies degene die je hoopt als gids in China mee te krijgen.

Begon hij nog in aarzelend Engels tegen de kapitein van de loodsboot in de riviermonding, hij maakte zich al snel redelijk verstaanbaar in het Mandarijn. Hij kreeg daar zelfs een compliment voor, en dat doen Chinezen niet zo gauw.

Terlou woonde vanaf zijn 19de twee jaar in Kunming en studeerde daar als een gek op de taal. Later keerde hij terug naar Nederland om medicijnen te studeren en bleef in zijn vrije tijd fotograferen, met onder meer bekroningen voor de Zilveren Camera als resultaat.

Het lukt hem nu met een crew van regisseur Maaik Krijgsman, cameraman Joost van Herwijnen en een mevrouw in een roze jasje van de Chinese overheid, om tot de gewone man en vrouw in de straat door te dringen, maar ook tot een mevrouw in een rode Ferrari met een eigen nachtclub.

Steeds merkt Terlou verstandige dingen op over De Chinese Droom. Er zijn geen oude rijken in dit land. Om in zaken succes te hebben, moet je niet te hoge jukbeenderen hebben. In de cosmetische kliniek krijgt de mevrouw die zich laat filmen 50 procent korting van de directeur.

Het best zijn de gesprekjes met ambitieuze jongeren, die naar de grote stad zijn getrokken. Na een ontmoeting met een dag en nacht werkende maker van namaakvoedsel, die zijn gedachten poëtisch aan papier toevertrouwt, schiet Terlou vol. De camera betrapt hem in tranen. Wat raakt hem nu toch zo? Hij antwoordt: „De moed van het jongetje”. Dat wordt een mooie serie.

    • Hans Beerekamp