Opinie

Imposante hommage aan Astrid Lindgren in Het Uur van de Wolf

Astrid Lindgren in 1924 ('Het Uur van de Wolf')
Astrid Lindgren in 1924 ('Het Uur van de Wolf')

Dat Pippi Langkous in 1945 werd gepubliceerd, was geen toeval. Dat wordt gesteld in de documentaire Astrid Lindgren over de gelijknamige schrijfster (1907-2002). Niet alleen had Pippi een overleden moeder en een vader die verdwenen was, haar dadendrang en feministische onafhankelijkheid waren een antwoord op het patriarchaat dat er in de Tweede Wereldoorlog een grote puinzooi van had gemaakt. Regisseur Kristina Lindström, van wie vorige week nog de documentaire over de Zweedse premier Olof Palme uitgezonden werd, schetst het beeld van een feministe tegen wil en dank, die bij voorkeur over eenzame jongens en sterke meisjes schreef. Toen ze in de jaren 50 vurige liefdesbrieven ontving van de Duitse fotograaf en zangeres Louise Hartung, bood ze ten antwoord haar vriendschap aan, want Astrids „boerenbloed” zou haar ongeschikt maken voor een fysieke relatie met een vrouw.

Ze werd geboren als Astrid Ericsson in een kleine stad in Småland, in een streng gelovig gezin. Lindström vond prachtige foto’s van een vrijgevochten tiener die niets moest hebben van het zuchten en smachten van haar vriendinnen. Ze kreeg een baantje als journalist bij de plaatselijke krant, waarvan de hoofdredacteur haar bezwangerde. Op haar achttiende was ze een gevallen vrouw geworden, want zijn huwelijksaanzoek wees ze verontwaardigd van de hand. Ze beviel heimelijk in Kopenhagen en moest haar zoon afstaan.

De film vindt steeds toepasselijk, soms slechts op de werkelijkheid lijkend archiefmateriaal om duidelijk te maken hoe een rebel van Lindgrens generatie zich gevoeld moet hebben. Er zijn steeds vergelijkingen tussen haar leven en haar rijke oeuvre, dat gelukkig grotendeels verfilmd werd. Als je De Kinderen van Bolderburen door de computer tot bekrast zwart-wit laat transformeren, dan ben je al bijna in Astrids jeugd beland.

Als de documentaire hier en daar een wat onevenwichtige indruk maakt, vooral door grote sprongen in de tijd, dan is dat niet de schuld van de makers, maar van de NPO. Voor Het Uur van de Wolf (NTR) werd de film van drie keer een uur, vorig jaar vertoond door IDFA, teruggebracht tot 74 minuten. Dat doet altijd pijn.

En toch blijft het een imposante hommage aan een fascinerende vrouw, die zich op later leeftijd ook nog eens met politiek ging bemoeien. Ze verzette zich tegen kernenergie, toetreding van Zweden tot de Europese Unie en bracht ongeveer in haar eentje een kabinet ten val, toen ze schreef hoe ze in het voorgaande jaar 102 procent belasting had moeten betalen.

Er valt veel te zeggen over de verschillen en vooral de overeenkomsten met onze Annie M.G. Schmidt. Beiden heteroseksuele rebellen die onder brede bijval het stof van de 20ste eeuw afbliezen en zelf vielen op wat autoritaire mannen. Beiden waren helemaal niet zo verschrikkelijk gek op kinderen – alleen die van henzelf, en een paar anderen.