Zaken doen in Iran mag weer, maar er zijn nog veel obstakels

Na het opheffen van een aantal sancties staat het bedrijven vrij zaken te doen met Iran. Althans op papier. In de praktijk zijn er veel obstakels en risico’s. Banken die de handel faciliteren riskeren gigantische boetes van de Verenigde Staten.

De Iraanse president Rohani schudde de afgelopen dagen veel handen, zoals die van de Franse president Hollande. Foto AFP

De eerste ondernemers hebben zich al bij hun bank gemeld. Waarom duurt het zo lang voor ze zaken kunnen doen in Iran? De internationale sancties zijn toch opgeheven? Als het aan hen lag, zaten ze er gisteren al.

Ondernemers uit andere landen staan net zo te springen om de handel te hervatten. Iran is met 80 miljoen inwoners een van de grootste onontgonnen markten. Met een bruto binnenlands product van ruim 400 miljard dollar (376 miljard euro) is het volgens de Wereldbank na Saoedi-Arabië in omvang de tweede economie van de regio. De economie groeide in 2014 (laatst bekende cijfer) licht, na twee jaar van recessie. De Wereldbank voorspelt komende jaren opnieuw groei – mits de Iraanse regering broodnodige economische hervormingen doorvoert.

Maar banken geven nog geen groen licht. En zonder bank geen zaken – banken zijn de smeerolie van de handel. Zij verstrekken kredieten. En, nog belangrijker: zij verwerken de betalingen. Zonder bank geen geld voor goederen of diensten.

Geen kwestie van: stekker er weer in

Ja, banken stuiten soms op „onbegrip” bij hun klanten, bevestigt Yvonne Willemsen, hoofd veiligheidszaken van de Nederlandse Vereniging van Banken (NVB). Maar het is volgens haar voor banken ook niet zo eenvoudig. Een financiële infrastructuur opzetten kost tijd.

Sinds het opheffen van de sancties is er voor zo’n 37 miljard dollar aan deals gesloten door westerse bedrijven met Iran:

Iran moet opnieuw worden aangesloten op Swift, het mondiale computersysteem voor internationale interbancaire betalingen. Daarvan werd Iran afgesneden toen de sancties werden ingevoerd. Opnieuw aansluiten is geen kwestie van even de stekker er weer in steken, aldus Willemsen. Iraanse banken moeten hun software updaten. Maar die software is vaak Amerikaans en Amerikaanse bedrijven mogen nog steeds maar zeer beperkt zakendoen met Iran.

Ook als de techniek geregeld is, blijven er netelige kwesties. Iran is een grote markt met groeikansen maar ook met risico’s. Om er maar één te noemen: het land is uitermate corrupt. Corruptiewaakhond Transparency International zet Iran op plaats 130 (van 168 landen) van zijn corruptie-index, te midden van Kameroen, Nicaragua en Oekraïne.

De Iraanse president Rohani schudde de afgelopen dagen veel handen, zoals die van de Franse president Hollande. Foto AFP.

En afgesproken is dat de sancties meteen weer worden ingevoerd als Iran zich niet aan de afspraken houdt – een horrorscenario voor elke bank. Stel dat een bank net een lening heeft verstrekt aan een ondernemer die er spullen voor heeft gekocht en die alvast heeft verscheept naar Iran. In zo’n geval zit ook de bank danig in de problemen.

En dan het grootste obstakel: niet alle sancties zijn opgeheven.

Alléén de sancties die werden ingesteld wegens het omstreden nucleaire programma zijn teruggedraaid. Die werden in 2012 van kracht omdat Iran in het geheim zou werken aan een atoombom. Iran heeft dat altijd ontkend. Nu Iran de nucleaire activiteiten terugschroeft, zijn de sancties opgeheven.

Met name een aantal Amerikaanse strafmaatregelen blijft wel van kracht.

En van Xi Jingpin, president van China. Foto AP /Ebrahim Noroozi

Deze sancties, wegens onder meer mensenrechtenschendingen, verbieden het gebruik van dollars in de handel met Iran. En ze gelden óók voor Nederlandse bedrijven. Daarnaast mogen Amerikaanse burgers en bedrijven geen zakendoen in Iran.

Die sancties waren voorheen al een sta in de weg voor het faciliteren van de handel door Nederlandse banken. In principe mochten Nederlandse burgers en bedrijven wel zakendoen met Iran, en kon er gehandeld worden in euro’s. Maar banken deinsden ook daar vaak voor terug uit vrees dat ze per ongeluk Amerikaanse regels overtraden, zegt Chiara Klaui van advocatenkantoor Baker & McKenzie. Zij is gespecialiseerd in economische sancties.

Banken, zeker de grote, zijn actief in tientallen landen, hebben miljoenen klanten en doen dagelijks talloze transacties in allerlei valuta’s.

Van Yukiya Amano, directeur-generaal van het Internationale Agentschap voor Atoomenergie. Foto AFP.

Ze trekken kapitaal aan op allerlei plekken. Dan kan er toch ergens een ‘Amerikaans linkje’ zijn: een dollartransactie die via via via uiteindelijk eindigt in Iran. Of dat ergens in de keten een Amerikaans bedrijf of individu betrokken is. Klaui: „Het is bijna onmogelijk om alles te controleren en uit elkaar te houden.”

Banken maken eigen afweging

Overtreden van de sancties kan grote gevolgen hebben. De Amerikaanse autoriteiten leggen enorme boetes op. De Franse bank BNP Paribas kreeg in 2014 een recordboete van 9 miljard dollar, omdat zij sanctiewetgeving tegen Iran, Cuba en Soedan had overtreden. Volgens de VS was opzet in het spel. Het Nederlandse ING moest in 2012 619 miljoen dollar betalen wegens het schenden van sancties tegen Cuba. Klaui: „De gevolgen van een fout zijn zo enorm, dat banken maar helemaal geen handel met Iran wilden faciliteren.”

Dat probleem is niet verdwenen. Het speelt bij alle Europese banken, hoewel het per land kan verschillen hoe snel en hoe gemakkelijk banken groen licht geven.

En ook die van Total-topman Patrick Pouyanne. Foto Eric Feferberg / AFP 

Het is niet duidelijk of Nederlandse banken terughoudender zijn. Wel zijn er bij de internationale deals die reeds gesloten zijn maar een paar Nederlandse.

Het dollarverbod is extra problematisch omdat vrijwel alle transacties in de internationale olie- en gaswereld in dollars worden gedaan. Juist op energiegebied is Iran voor Nederlandse bedrijven aantrekkelijk: het land heeft na Rusland de grootste oliereserves ter wereld.

Klaui denkt dat banken daarom „heel terughoudend zullen zijn in het faciliteren van handel met Iran. Voor grote internationale banken blijft het glad ijs.” Landenanalist Jurriaan Kalf van Rabobank schreef vorige maand in een analyse dat „[...] de tijd zal moeten leren [...] of banken überhaupt betalingsverkeer zullen faciliteren”, gezien de omvangrijke risico’s als gevolg van de Amerikaanse sancties.

Willemsen van de brancheclub NVB benadrukt dat „banken hun klanten echt willen helpen”. In het geval van Iran is de prikkel ook groter om dat te doen, zegt zij, dan in het geval van bijvoorbeeld Cuba, waar het zelfde probleem speelt.

Van de Duitse minister van Buitenlandse Zaken, Frank-Walter Steinmeier.  Foto Reuters

„Iran is economisch veel belangrijker. Er zullen dus meer klanten geïnteresseerd zijn.”

Maar, zegt ze ook, „uiteindelijk zal elke bank een eigen afweging maken. Je kunt niet zeggen: het mag dus banken moeten het nu ook doen.” Ze adviseert ondernemers: „We horen veel juichverhalen, maar het is belangrijk om eerst contact op te nemen met je bank.” Dus niet eerst contracten sluiten in Iran en dan kijken of de bank wel wil faciliteren. „Het kan zijn dat die zegt: ‘Helaas, maar dit doen we nu niet’.”

    • Chris Hensen