Leerkrachten geven schoolgebouw een 5,7

Basisschool De Bernebrege in Surhuisterveen in Friesland. Foto Anjo de Haan / ANP
Basisschool De Bernebrege in Surhuisterveen in Friesland. Foto Anjo de Haan / ANP

Leerkrachten in het basis- en voortgezet onderwijs geven hun schoolgebouw gemiddeld een 5,7. Leerlingen zijn tevredener, met gemiddeld een 6,8. Ouders beoordelen de panden met een 6,4. Dat staat in het rapport Schoolgebouwen primair en voortgezet onderwijs: de praktijk gecheckt 2016 van de Algemene Rekenkamer dat, donderdagmiddag is gepubliceerd.

Op de site checkjeschoolgebouw.nl konden leraren, scholieren en ouders in het najaar van 2014 hun mening geven over hun schoolgebouw. Er kwamen meer dan 8.000 reacties binnen over 2.700 gebouwen. De Algemene Rekenkamer concludeert dat het redelijk gesteld is met de schoolgebouwen in Nederland.

Wel liggen er wat moeilijkheden op de loer: door het dalende leerlingenaantal ontvangen scholen steeds minder geld, en hebben zij eigenlijk te veel vierkante meters. Dat maakt het onderhoud relatief duur.

Scholen ontvangen geld voor de binnenkant van de school en gemeenten voor de buitenkant. De

Gemeenten en schoolbesturen dragen gezamenlijk zorg voor bijna 10.000 schoolgebouwen.

Ruim 2,5 miljoen leerlingen krijgen hier dagelijks les in het primair en voortgezet onderwijs.

Aan onderwijshuisvesting besteedden gemeenten en schoolbesturen in 2013 gezamenlijk 2,6 miljard. (Foto ANP)

Rekenkamer constateert dat deze gescheiden geldstromen er niet altijd voor zorgen dat er „gezamenlijk en doelmatig” wordt geopereerd. „Zo is nieuwbouw en uitbreiding van schoolgebouwen belegd bij gemeenten en onderhoud bij schoolbesturen. Dit nodigt beide partijen uit de eigen uitgaven laag te houden ten koste van hogere uitgaven voor de ander.”

Ook is niet wettelijk vastgelegd wie verantwoordelijk is voor renovatie van schoolgebouwen, schrijft de Rekenkamer: „Terwijl dat ervoor kan zorgen dat panden langer meegaan en beter passen bij het onderwijs van nu.” Omdat gemeenten en schoolbesturen hier vaak niet uitkomen, beveelt de Algemene Rekenkamer staatssecretaris Sander Dekker (onderwijs, VVD) aan om wettelijk vast te leggen wie voor renovatie verantwoordelijk is. Maar dat ziet Dekker niet zitten, het zou het verantwoordelijkheidsgevoel van schoolbesturen en gemeenten kunnen afzwakken, zo liet hij vandaag weten.

De PO-raad (de vereniging van basisschoolbesturen) vindt dat jammer. „Om meer duidelijkheid te scheppen is het toch handig om dit in de wet vast te leggen”, zegt voorzitter Rinda den Besten. „Schoolbesturen en gemeenten zullen heldere afspraken moeten maken over wat een eerlijke verdeling is.”

De VO-raad (de vereniging van middelbareschoolbesturen) vindt dat gemeenten vaak te weinig investeren in onderwijsgebouwen. Bovendien zou er volgens de raad te weinig nieuwbouw worden neergezet. Ook is de vereniging van mening dat Dekker meer duidelijkheid moet scheppen in de wet over wie verantwoordelijk is voor de renovatie van schoolpanden.  ‘Nu wordt renovatie vaak niet overwogen, terwijl het wel een goede oplossing kan zijn´, aldus een woordvoerder.