Standbeelden voor Rotterdam

Toen was geluk heel gewoon is er niet te vinden, in het nieuwe Museum Rotterdam. Wel vijf enorme ‘gewone Rotterdammers’.

... en de Antilliaanse taartenbakster Joyce, méér dan levensgroot. Foto’s Rien Zilvold

Natuurlijk ontbreekt de antieke kinderschoen vol zilveren munten niet die een paar jaar geleden in de bouwput van het nieuwe Museum Rotterdam werd gevonden. En ook de imposante 9 x 9 meter grote maquette van hoe naoorlogse architecten de stad van de toekomst voor zich zagen, is te zien.

Maar écht onderscheidend wordt de expositie pas door de tentoonstelling van…. gewone Rotterdammers. Vijf meer dan levensgrote standbeelden van ‘gewone’ Rotterdammers staan op sokkels in het voorportaal van het onlangs opgeleverde Stadstimmerhuis Rotterdam, de belangrijkste locatie van het nieuwe museum, dat zaterdag de deuren opent.

Ze lijken van beton, het oermateriaal van het naoorlogs Rotterdam, maar ze zijn gemaakt van eps, een soort piepschuim, vertelt Nicole van Dijk, antropoloog en curator.

Van Dijk selecteerde vijf Rotterdammers die symbool staan voor de moderne stad. De Rotterdamse tuinder Max, de Antilliaanse taartenbakster Joyce, techneut en uitvinder Marco, mode-ontwerpster Zeynep en bouwvakker Kamen. Actieve Rotterdammers, die volgens het museum symbool staan voor het hedendaagse Rotterdam.

„Wie op zoek is naar het Rotterdam van de serie Toen was geluk heel gewoon, moet hier niet zijn”, zegt Van Dijk. „Wij laten Rotterdammers van nu zien en proberen hun levens zo goed mogelijk te bewaren. Zo goed dat bezoekers er over 100 jaar nog iets aan hebben. Eigenlijk maken we de geschiedenis van de toekomst.”