Vrouwen, stop eens met sorry zeggen op kantoor

Wekelijks rekent Japke-d. Bouma af met jeukwoorden op kantoor.

Waar ik op kantoor niet zo goed tegen kan, is dat ge-sorry de godganselijke dag. „Sorry maar ik zet even het raam open”, „sorry, maar ik haal even koffie”, „sorry, maar ik heb gisteren tien tenen knoflook gegeten”, „sorry maar ik heb open tbc maar ga toch tegenover je zitten blaffen.” Hou daar eens mee op.

Niet alleen omdat iedereen de volgende dag gewoon doorgaat met waar vandaag sorry voor is gezegd, maar bovenal omdat het vooral vrouwen zijn die het de hele dag zeggen en dat is niet goed voor ze. De mooiste die ik ooit uit een vrouwenmond hoorde was: „Sorry dat ik het zeg, maar het spijt me.” Vrouwen verontschuldigen zich nog als ze tegen een glazen deur aanlopen, of tegen een glazen plafond.

Met al dat ge-sorry sla je jezelf onnodig dood en neutraliseer je elke sprankeling. Alsof je een eerste date begint met ‘let maar niet op mij’. Mannen zijn gemiddeld veel zuiniger op hun sorry’s en zo hoort het. Laatst zei een mannelijke collega die iets had verstierd: ‘mijn hersens werkten even niet goed’. Schitterend. Je kunt beter een brein hebben dat even niet werkt, dan één keer sorry zeggen. Vraag maar na bij VVD-ministers.

Er is een enorme berg aan literatuur over waarom vrouwen zich verontschuldigen, dat jullie niet denken dat ik dit zit te verzinnen. Het komt er in het kort op neer dat vrouwen vaak sorry gebruiken als stootkussentje, om niet te hard over te komen. Want harde vrouwen worden als incompetent gezien. Ik wist het ook niet, maar vrouwen horen zacht te zijn. Maar zachte vrouwen worden óók als incompetent beoordeeld. Je kunt erover janken, en dat heb ik net ook even gedaan toen ik dit tikte, maar het is zo, dús gaan we het veranderen want anders komen die vrouwen nooit aan de top.

De oplossing is eenvoudig. We stoppen met sorry zeggen, en gaan in plaats daarvan ‘geen-sorry’ zeggen. Dus: ‘ik zeg geen-sorry, én ik zet even het raam open’. Of: ‘ik zeg geen-sorry, én je kletst uit je nek’. We stoppen dus ook meteen met het woord ‘maar’, we zijn nou toch bezig.

Datzelfde principe gaan we ook toepassen op andere, typisch vrouwelijke jeukzinnetjes als ‘ik heb er natuurlijk geen verstand van, maar…’ en ‘het ligt misschien aan mij, maar…’ Dat wordt: ‘ik heb er veel verstand van en daarom…’ en ‘het lígt aan mij mensen, anders zou ik het niet zeggen’. Van ‘ik denk dat…’ maken we ‘ik weet’. Want we wéten het gewoon, anders zaten we wel thuis.

Laten we afspreken dat vrouwen zich alleen nog maar verontschuldigen als ze iemand zwaar lichamelijk, psychologisch, financieel of technologisch letsel hebben toegebracht. Verder niet.

„Sorry dat ik besta?” Ze wachten maar even tot je dood bent.