Andermans ellende als inspiratiebron

Kunstenaar Erik van Lieshout vertoont zijn installatie over vluchtelingen nu aan henzelf.

Erik van Lieshout in de Rotterdamse Pauluskerk Foto Rien Zilvold

Hij moest er iets mee, wist kunstenaar Erik van Lieshout. De misstanden rond asielzoekers gaan hem aan het hart. Hij volgt al het nieuws erover en wordt er als inwoner van Rotterdam regelmatig mee geconfronteerd. Al zijn werk – films, installaties, collages – getuigt van een grote maatschappelijke betrokkenheid. Een familietrekje, zo bleek uit EGO, de film die de 47-jarige Van Lieshout vertoonde op de Biënnale van Venetië in 2013: zijn vader, moeder, zus en beide broers zijn allen maatschappelijk werkers. EGO was onderdeel van een breder onderzoek naar idealen, naar het hoe en waarom van altruïsme.

DOG, een videofilm op twee schermen die tot en met 7 februari doorlopend wordt vertoond in de Pauluskerk, vloeit voort uit diezelfde, grote vragen – zonder ook maar te pogen een antwoord te geven. Via zijn broer Bart kwam Van Lieshout in aanraking met asielzoekers die steun zochten bij de stichting ROS, het Rotterdams Ongedocumenteerden Steunpunt dat juridische hulp en noodopvang biedt. Hij raakte met ze in gesprek, nam zijn camera mee en en bood ze geld voor een interview. Geen grote bedragen; zo’n vijftig euro per persoon. Een logische transactie, vond hij, en gebruikte er een deel van zijn subsidie voor.

Hij zocht ook contact met de weldoeners aan de andere kant van het hek: de idealisten van ROS, het groepje Occupyers dat elke zondag voor toen nog detentiecentrum Zestienhoven naar de ongelukkigen binnen stond te zwaaien. Afgewezen asielzoekers die met justitie in aanraking kwamen konden er tot achttien maanden worden vastgehouden. Daarna werden ze het land uitgezet of ‘geklinkerd’: op straat gegooid zonder verdere controle of nazorg.

In DOG komen beide partijen tegelijk, door elkaar, aan het woord: een fascinerende kakofonie, die zich pas na een paar keer bekijken ontsluit. Het woedende relaas van een illegaal uit Sierra Leone klinkt dwars door de pogingen van Van Lieshout c.s. om een passend monument te bedenken voor Aleksandr Dolmatov, de uitgezette Russische raketgeleerde die zich in januari 2013 ophing in zijn cel in Zestienhoven. Bij Van Lieshout en zijn gesprekspartners bloeit de creativiteit, en schemert er iets van plezier door de ernst heen; de asielzoekers zijn mat, moedeloos, boos.

Van Lieshout is zich zeer bewust van zijn beperkte rol als kunstenaar. Hoe goed de intenties ook, hij gebruikt andermans ellende en laat het dan weer los, op naar een volgend project. Hij ‘schaamde zich’ voor de vertoning van DOG in galerie Guido W. Baudach in Berlijn in mei vorig jaar. Alles klopte, de installatie met ijzeren hekken rond de schermen was geslaagd, de reacties waren lovend, maar dit was preken voor eigen parochie. Vandaar zijn uitdrukkelijke wens om DOG in de Pauluskerk in Rotterdam te vertonen, waar behalve dak- en thuislozen nu ook vluchtelingen zonder verblijfspapieren worden opgevangen. De film keert zo terug naar de bron, naar de mensen voor wie het geen ‘kunst’ is, maar realiteit.

Levendige gesprekken

Op de première afgelopen woensdag ging het precies zoals hij hoopte. Tweehonderd man, de kerkstoelen opgesteld als voor een dienst, levendige gesprekken na afloop. Stadsbewoners herkenden personages uit de film, en wisten te vertellen dat een paar inmiddels zijn overleden. Van Lieshout had ze niet kunnen redden, weet hij. Maar toch.