Ook de windenergie gaat nu naar de beurs

Private-equitybedrijf Egeria brengt buizenbouwer Sif naar de beurs. Het klimaat is onzeker. Waarom toch nu?

In de fabriekshal van Sif in Roermond wordt gewerkt aan wat de stalen buis van een windmolen moet worden.
In de fabriekshal van Sif in Roermond wordt gewerkt aan wat de stalen buis van een windmolen moet worden. Foto Rien Zilvold

Wie wil er beleggen in buizen? Het Limburgse bedrijf Sif, naar eigen zeggen een „toonaangevende fabrikant van grote stalen buizen”, gaat volgende week vrijdag naar de Amsterdamse beurs. Deze en komende week moet het beursgangteam zo veel mogelijk beleggers overtuigen in te stappen. Maandag publiceerde Sif uit Roermond het prospectus, met daarin alle informatie over zijn buizen – Sif is gespecialiseerd in windmolenbuizen – en hoe het daaraan denkt te verdienen.

De timing van de beursgang is gewaagd. De beurzen zijn grillig. In januari gingen ze hard onderuit als gevolg van de dalende olieprijs en de onrust op de Chinese markten. De Amsterdamse beursindex AEX zakte zelfs onder de voor beleggers belangrijke ‘psychologische’ grens van 400 punten. Inmiddels schommelt de AEX weer rond de 425 punten, maar nu een beursgang organiseren blijft een gok – nog meer dan gewoonlijk.

Maar de eigenaar, de Nederlandse investeringsmaatschappij Egeria, wil toch graag verkopen en neemt het risico. Behalve Egeria is er nog een grootaandeelhouder: de familie Schmeitz uit het Limburgse Helden die Sif in 1948 oprichtte en zijn naam gaf, Schmeitz Industriële Fabricage. Sif begon als leverancier van metaal voor de olie- en gasindustrie, maar inmiddels is de windindustrie belangrijker. De familie bezit nog altijd 17,5 procent van de aandelen en verkoopt ook een deel.

Volgende week gaat 31 procent van de aandelen naar de beurs, voor 14 tot 17 euro per stuk. Bij een aandelenprijs in het midden van deze bandbreedte halen Egeria en de familie samen 124 miljoen euro op. De beurswaarde zou uitkomen op zo’n 400 miljoen euro. Het is onbekend wat Egeria in 2005 voor Sif heeft betaald. De opbrengst van de beursgang gaat geheel naar de verkopende aandeelhouders, Sif haalt zelf geen geld op.

Waarom zien de eigenaren dit beursrisico zitten? Egeria – voormalig eigenaar van NRC Media – is al sinds 2005 eigenaar van Sif. Een uitzonderlijk lange periode, doorgaans houden private-equitybedrijven hun investeringen niet langer dan zeven jaar aan.

Deze lange verbintenis had ook niet Egeria’s voorkeur: in 2010 is ook al een verkooppoging gedaan, meldden financiële media destijds, maar die mislukte. Ook dit keer zou Egeria geprobeerd hebben Sif (200 werknemers) in één keer te verkopen, maar de benaderde private-equitypartijen wilden niet genoeg betalen, volgens het Financieele Dagblad.

Dan maar een beursgang, moet Egeria hebben gedacht. Sif is met een omzet van 263 miljoen euro in 2014 het grootste bedrijf van de investeerder. Met de verkoopopbrengst kan Egeria zorgen voor „diversificatie van haar portefeuille”, valt te lezen in het prospectus. Spreiding vermindert risico, dat vooruitzicht maakt dit ene risico – een beursgang in onzekere tijden – blijkbaar het nemen waard.

De Duitse zender Hafen.de over Sif:

Sif heeft het voordeel dat beleggers het aandeel vanwege de link met windmolens kunnen beschouwen als ‘groen’, een belegging waar vraag naar is. En het verhaal om beleggers te overtuigen is betrekkelijk eenvoudig: vraag naar windmolens, en dus naar Sifs buizen, neemt naar verwachting alleen maar toe. Kijk maar naar de afspraken in het Energieakkoord. Het voordeel van nú gaan is dat dit verhaal veel aandacht krijgt. Er zijn maar weinig beurskandidaten, dus wie wél durft, wordt beloond met aandacht.

Iets langer wachten levert dan mogelijk meer op, maar garanties zijn er zeker niet. En Sif ís al zo lang bezig. Al sinds afgelopen zomer is het management met zijn adviseurs druk met de voorbereidingen van deze beursgang, zeggen betrokkenen. Dat kost een hoop tijd – tijd waarin de bestuurders veel minder aandacht aan de windmolenbuizen kunnen besteden.

Daarnaast krijgt de top ruim 16 miljoen euro bij een geslaagde beursgang, blijkt uit het prospectus. Nog een reden om even door te zetten voor Sif.

De begeleidende zakenbankiers en adviseurs krijgen 5,6 miljoen euro. Daarvan betaalt Egeria het meest en Sif 1,5 miljoen – hoewel het zelf niks aan de de beursgang overhoudt.