Lijdzaam toezien hoe je zoon op achterstand wordt gereden

Het WK veldrijden liep voor de familie Van der Poel uit op een desillusie. Vader Adrie zag zijn zoon Mathieu, titelverdediger en topfavoriet, vijfde worden.

Mathieu van der Poel (links) in de achtervolging op de latere wereldkampioen Wout Van Aert. Rechts nummer twee Lars van der Haar.
Mathieu van der Poel (links) in de achtervolging op de latere wereldkampioen Wout Van Aert. Rechts nummer twee Lars van der Haar. Foto Eric Vidal/REUTERS

Twintig jaar na zijn wereldtitel veldrijden staat Adrie van der Poel driftig op zijn duim te kauwen. Zijn 21-jarige zoon Mathieu, regerend wereldkampioen en door vernietigende resultaten in de voorbije weken ook deze zondag topfavoriet voor de zege, is niet best gestart en eindelijk is er dan iets van emotie bij vader Van der Poel te zien. „Hij had van mij wel wat korter mogen zitten”, zegt hij vinnig in de materiaalpost, waar hij samen met drie mecaniciens waakt over twaalf reservewielen en twee fietsen en waar hij ronde na ronde lijdzaam moet toezien hoe zijn zoons het er op het wereldkampioenschap in Heusden-Zolder van afbrengen.

Hogedrukspuit, zwabber en spons

Vijf uur voor de wedstrijd had hij nog nergens last van. Adrie van der Poel stond op zijn gemakje de banden van zijn zoons op spanning te brengen met een elektrische handpomp, hij nam een broodje hamburger aan dat hem werd aangereikt door een vriend en kletste wat met oude bekenden uit de tijd dat hij zelf nog tot de groten der aarde behoorde.

Toen zijn zoons klaar waren met hun warming-up begon de taak die hij, en hij alleen mag uitvoeren: het schoonmaken van de fietsen. Het meegebrachte aggregaat begon te loeien en de straal van de hogedrukspuit ging telkens in vaste volgorde eerst langs het voorwiel, dan langs het achterwiel en de tandwielen. Daarna stak hij zijn hand in een blauwe zwabber die hij door een emmer water met Dreft sleurde en die hij dan uiterst behoedzaam en geroutineerd langs de frames van zijn zoons haalde. Daarna pakte hij een langwerpige borstel voor de krappe ruimtes tussen zadelpen en zadel en tot slot veegde hij nog een kleine spons over de velgen. Adrie was als een schilder die zijn reproducties steeds weer perfect wilde afleveren.

Daarna liet hij zien waar een elektrisch motortje zoals bij de zaterdag betrapte Femke Van den Driessche had kunnen zitten. Daar, in de buis bij de trapas, daar was ruimte, maar dan kon hij het team van zijn zoons, BKCP Corendon, net zo goed meteen om zeep helpen. En ja, de fietsen van Mathieu werden al uitgebreid gecontroleerd, zei Adrie, en dat bleek later ook in de chaos van de materiaalpost, toen mannen met UCI-logo’s op hun borst een tabletachtig apparaat langs de tweewielers van de meest kansrijke Van der Poel-telg bewogen en niets vonden. Er stonden al twee turfjes achter ‘Mathieu van der Poel’ en er was geen alarm geslagen.

Wel in de ogen van Adrie op het moment dat de rechtervoet van zijn kampioen na een slipper in de modder van een technische helling komt vast te zitten in de spaken van zijn voornaamste belager Wout Van Aert, de Belg die met 60.000 man uitzinnig publiek als extra energiebron ongenaakbaar blijkt. Lars van der Haar uit Woudenberg schiet ervandoor. Als Adrie dat ziet op het grote scherm, dat goed zichtbaar is vanuit de materiaalpost, grijnst hij. Maar het is een andere grijns dan die van vlak voor de start – toen maakte hij jolige grapjes met bijvoorbeeld de vader van Lars Boom. Deze grimas verraadt teleurstelling.

Tien wordt twintig en dat wordt dertig seconden achterstand op Van Aert en Van der Haar. Met al zijn ervaring op een fiets weet Adrie waar dit heen gaat. Mathieu gaat geen wereldkampioen worden, broer David evenmin, al presteert hij met zijn zesde plaats boven verwachting.

Ook geen brons

Adrie rochelt de onrust uit zijn lijf als hij zijn zoons achter elkaar aan ziet fietsen en balt een vuist als Mathieu oprukt naar de derde plek. Het blijkt een laatste daad van verzet in wat je een desillusie voor de familie Van der Poel kunt noemen, want een bocht later buigt Mathieu verslagen het hoofd en laat hij het brons aan Kevin Pauwels. Adrie snapt het wel. „Die jongen heeft zo veel gewonnen. Dan doe je het niet voor minder.” Mathieu wordt vijfde en staat zijn regenboogtrui af aan Wout Van Aert, die Vlaanderen mechanische doping even doet vergeten. Van der Haar, die op weg leek naar goud, wint zilver.

Terug bij de camper haalt Adrie zijn schouders op, terwijl hij voor de tweede keer die dag twee fietsen staat schoon te spuiten, en zegt: „Het WK is maar een momentopname.”