De nieuwe fotografie ziet er niet uit als fotografie

Ola Lanko verzamelde landschappelijke clichèfoto's die ze verwerkte in een kroonluchterachtige installatie, waarin die voorspelbare foto's toch weer uniek worden. Titel: Mountain, 2015 Foto Nederlands Fotomuseum

Wat speelt er in de fotografie van nu en straks, hoe ziet de nieuwste fotografie er nu uit? Nou, niet als fotografie. Deze is veranderd in boekenkasten, installaties, abstracte papiersculpturen blijkt in de groepstentoonstelling Quickscan#2 over (net als een eerdere vijf jaar geleden) de jongste fotografie. Dat jong is niet bedoeld als leeftijdsgrens, meer gaat het erom wie bovenop de jongste ontwikkelingen zitten (hoewel dat in deze expositie toch vooral dertigers zijn en geen grijsaards). Alle zeventien exposanten benaderen die kernvraag: ‘Wat is fotografie vandaag?’ door eromheen te cirkelen.

Dat betekent dat ze weinig zelf de camera oppakken en meer kiezen voor tekst, schema’s, archiefmateriaal. Elisabeth Tonnard maakte een plaatjesloze installatie van enkel Facebookachtige oneliners op papier:’ Henry David Thoreau added a new photo’, of, ‘Ralph Waldo Emerson shared a link’.

Goddank denk je dan, dat die mannen geen internet hadden en gewoon mooie boeken schreven. Even sceptisch lijkt Kasia Klimpels digitale video met Google Earth-beelden: op een tablet zie je het landschap verschuiven vanuit de bekende luchtbeelden, door Klimpel gecombineerd met foto’s van horizons. Natuurlijk weten we het wel, dat Google Earth niet de werkelijkheid is, maar dat geloof je pas als je het zo abstract ziet als hier.

Sceptici dus, deze niet-fotograferende fotografen. En áls ze dan foto's maken, zoals Marleen Sleeuwits van haar kleurrijke installaties, of de digitaal bewerkte god-weet-wat-foto's van Jannemarein Renout, zijn de abstracte resultaten nauwelijks meer als foto herkenbaar. Ze zijn Kunst.

Maar deze kunst gáát wel over foto's, over wat het medium betekent in deze tijd van digitale hup-snel-weg beeldenvloed. Jan Dirk van der Burg koos negen willekeurige twitteraars en bundelde hun tweets – over familiebezoek, over de varkens op de boerderij, over alledaagse kul – in boekvorm elk terloops bericht verheffen tot aforisme en elk online kiekje tot dragend beeld.

Het negental wist van niets, en reageerde verbaasd of trots. Ze hadden ook best flink mogen schrikken: voor een roman met eeuwigheidswaarde denk je twee keer na voor je een tweet tikt.

Weg met die vluchtigheid, het staat weer in de kast, en zo krijgt fotografie weer waarde. Dat weer waarde geven is een rode draad in de expositie. Ola Lanko verzamelde landschappelijke clichéfoto's die ze verwerkte in een bijna kroonluchtigerachtige installatie, waarin die voorspelbare foto's toch weer uniek worden. Groots. Zeg maar als een twitterbericht dat het tot roman schopt.

Maar deze kritische blik is niet zozeer nostalgie: de exposanten kijken waar de waarde van een beeld ook weer in schuilt. Soms duiken ze als reddingswerkers oude archieven in.

Zoals Laurence Aëgerter, die een relatief willekeurige architectuurfoto van een kathedraal uit een jarenvijftigboekje opnieuw fotografeerde, bij telkens ander licht.

Het levert een prachtige wand op van acht foto's, telkens andere slagschaduwen, sereen en mysterieus.

Zo veel eer zou deze ene oude foto nooit ten deel zijn gevallen, als dat vermaledijde internet er niet was gekomen met zijn artistieke tegenreacties.

Zo zie je maar. Dat een vergeten foto juist dankzij de digitale snapshotcultuur herleeft.