Met deze VN wordt Syrië een nieuw ‘Srebrenica’

De VN handelen als burgemeester in oorlogstijd, terwijl een miljoen Syriërs in de hongerval zitten. We moeten niet meegaan in dit collectieve falen, vindt Marcel Kurpershoek.

Een wieg, achtergelaten door Syrisch-Koerdische vluchtelingen. Foto Murad Sezer / Reuters

De VN-hulp aan slachtoffers van hongerbelegeringen loopt aan de leiband van de hoofdverantwoordelijke van de nood: Assad. Dat schreven 100+ Syrische hulpwerkers deze maand in een open brief aan Stephen O’Brien, coördinator VN humanitaire hulp. Miljarden komen terecht in gebieden onder regimecontrole. Daarentegen maken de VN geen gebruik van het mandaat verstrekt door de Veiligheidsraad om hulp over de linies heen naar gebieden buiten die controle te brengen. Officieel hoeven de VN Damascus alleen in kennis te stellen en kan ze voedsel droppen in gebieden onder controle van de oppositie. In de praktijk komt geen konvooi in beweging zonder toestemming van de autoriteiten.

Het regime noemt veiligheid en strijd tegen ‘terroristen’ (oppositie, gewapend of ongewapend) als argument om geen toestemming te geven. Zo zou het niet veilig zijn om hulp door de lucht te transporteren. Maar ze voert zelf tien vluchten per dag uit om troepen te ravitailleren. Garnizoenen verdienen goud met verkoop van VN-hulp aan belegerden.

Dit past in de tactiek om de oppositie met hongerbelegeringen op de knieën te dwingen. De definities verschillen – de VN spreken eufemistisch over „moeilijk te bereiken gebieden” – maar een miljoen Syriërs zitten in de hongerval. Enkele belegeringen worden uitgevoerd door andere gewapende groepen. Maar Assad neemt 90 procent voor zijn rekening. Niet verwonderlijk. Vanaf het begin gebruikte hij dat als wapen. Vooral gebrek aan draagvlak onder de bevolking voor het regime leidde daartoe. Vatenbommen die vooral burgerslachtoffers maken behoren tot dezelfde tactiek. Bedoeling is dat het volk zo wanhopig wordt dat ze zelf druk uitoefenen op rebellen om de opstand te staken.

Kinderen die van honger sterven schrikten de wereld deze maand op. Protesten als die van de Syrische hulpverleners leidden zelfs tot debat in de Veiligheidsraad, dat door Rusland en Syrië werd afgedaan als manoeuvre om de aandacht af te leiden van ‘de strijd tegen terroristen’. Zoals gebruikelijk leidde het niet tot iets concreets. Het zou de sfeer in aanloop naar ‘vredesbesprekingen’ verstoren. De activisten wierpen de knuppel in dit hoenderhok: „Voor velen van ons in Syrië zijn de VN van een symbool van hoop verworden tot een symbool van medeplichtigheid.” Dit kan niet zomaar worden afgedaan. Hetzelfde gevoel leeft binnen de VN-organisatie – versterkt door berichten dat de VN al maanden wisten van dreigende hongerdood in Madaya, maar niets wilde doen om de delicate gesprekken met het regime te doorkruisen. VN-vertegenwoordiger Yakoub al-Hilo heeft zich voorheen uitgesproken ten gunste van lokale staakt-het-vurens als manier om het conflict terug te dringen. Als dat staakt-het-vuren de vorm aanneemt van door VN bemiddelde overgave na hongerbelegering maken de VN zich in feite een instrument voor het regime.

Veel VN’ers ging deze apaisering te ver. Nu blijkt namelijk dat de VN het hulpplan herschreven op aanwijzing van Assad. Vanwege de Russische rol en gebrek aan westers tegenspel hadden de VN er altijd al moeite mee zwart-op-wit te rapporteren, namelijk dat Assad hoofdschuldige is. Nu wordt het velen te gortig: alle tien verwijzingen naar hongerbelegeringen werden door de VN gedwee verwijderd. Vermelding van Syrische hulpverleners anders dan die van de regering werd ook geschrapt. In reactie stelde een woordvoerder dat zulk overleg met autoriteiten ‘praktijk’ is. Andere VN’ers deden het plan af als ‘papier voor de bureaula’. De VS leken zich bij die visie aan te sluiten. In zijn rapport over 2015 documenteerde het Syrische Netwerk voor Mensenrechten ruim 12.000 burgerdoden als gevolg van het regime; bijna 1.400 door IS; bijna 1.100 door de oppositie; 830 door Rusland; 271 door de coalitieacties waar Nederland aan gaat deelnemen. Het regime is echter een categorie apart door systematisch gebruik van onmenselijke middelen.

De activisten vergelijken Syrië met Srebrenica. Een ander geval waarin de internationale gemeenschap collectief falen erkende. Een bescheiden vergelijking gezien de schaal van het Syrische drama. De VN balanceren in Damascus als een burgemeester in oorlogstijd. Maar de indruk wordt steeds sterker dat het VN-team te chantabel is geworden – uit vrees om het land uit te worden gezet of om andere redenen. Hoog tijd dat Nederland medestanders zoekt in de VN om die kat eens krachtig de bel aan te binden.

Lees ook
Syriërs schreeuwen om brood, niet om bommen (Emile Roemer en Harry van Bommel, SP)