Zweten in de oranje zone

Bij de laatste fitnesstrend toont een scorebord hoe hard je traint. En hoe hard je buurman traint. Span je je niet in, dan ziet iedereen dat merkt Bas Tooms.

foto istock, bewerking fotodienst nrc

Come on, orange!” De stem van trainer Jaime Demandante, iedereen noemt hem Dante, schalt door de oranjezwarte fitnessruimte. „Bas, je zit nog in groen, Helen zit al in oranje!” Ietwat beschaamd begin ik als een bezetene te roeien. Je hartslag moet omhoog, roept Dante. Mijn hartslag is vele malen hoger dan die van Helen, maar toch doet zij het beter.

Oranje is het komende uur de belangrijkste kleur en Dante laat geen moment onbenut om dat te benadrukken. Dante is fitnesstrainer bij de Amsterdamse sportschool Fit4Less en verzorgt een les Flow, een fitnessprogramma gebaseerd op Orange Theory Fitness, een combinatie van cardio- en krachttraining, die met meer dan 500 sportscholen en ketens erg populair is in de Verenigde Staten.

In januari begon de Amsterdamse sportschool met het programma. Er is plaats voor maximaal 20 deelnemers, de lessen zitten voor de helft vol. Herman Feberwee, sportschoolhouder, verwacht dat het gaat concurreren met andere groepsfitness als Crossfit.

Nog voordat de zweetdruppels je over het voorhoofd lopen en zelfs nog voor je de sportkleding aantrekt, merk je al dat Orange Theory Fitness verschilt van andere groepsfitness door het gebruik van technologie.

Op een online portaal maak je een account aan. Hier vul je gegevens in als leeftijd, lengte, gewicht en hoeveel je sport.

Deze informatie wordt gebruikt om je theoretische maximale hartslag uit te rekenen, je rusthartslag, BMI en enkele intensiteitswaarden. Die bepalen vervolgens de ‘oranje intensiteitszone’ – waar je in zit tussen 80 en 90 procent van je maximale kunnen. En dat is dé zone waarin je wilt zitten, sterker nog: moet zitten, aldus Dante. De eerste drie kleuren – grijs, blauw en groen – behoren niet tot Dantes vocabulaire.

Om dat te meten krijgen deelnemers een hartslagmeter om, die de hartslag tijdens de les meet en deze doorseint naar een groot scherm in de zaal. Iedereen ziet hoe goed je presteert: hartslag, calorieën verbrand en misschien wel het belangrijkste: op hoeveel procent van je kunnen je sport en de daarmee corresponderende kleur.

In de manier waarop je met Orange Theory traint, schuilt ook de reden dat Helen bij een lagere hartslag wel in oranje zit. Helen is een vrouw van begin 40. Met mijn 25 jaar en andere lichaamskarakteristieken ligt mijn kunnen – en dus mijn oranjezone – een stuk hoger.

Na het roeien begint het pas echt, kondigt Dante aan. Al snel blijkt dat elke oefening even zwaar is. Bij het doen van push-ups krijgt een andere Bas, een 49-jarige gezinsvoogd, meermaals te horen dat hij niet op moet geven.

Verslagen door Helen

In het oranje komen tijdens krachttrainingen is een ware hel. Behalve voor Helen, zo lijkt het, die zit vrijwel meteen in het oranje. Mijn naamgenoot en ik krijgen telkens van Dante te horen dat we verslagen worden door Helen. Het grote scherm, met daarop onze inspanningen, herinnert ons aan het falen. Want zo voelt het.

Hans Oljans, docent fysiologie, fitness en gezondheid aan de Hanzehogeschool, ziet het nut van de hartslagmeters in groepsverband in. „Het stimuleert de deelnemers.”

De theorie achter deze fitness noemt Oljans redelijk nieuw, maar niet innovatief. De methode – in het oranje trainen – is echter wel goed. „Uit diverse studies blijkt dat het de meest effectieve manier is om zoveel mogelijk calorieën te verbranden. Dit in tegenstelling tot wat altijd werd beweerd: dat vetverbranding het beste kan op lage hartslag.” Oljans: „Dat lees je helaas nog wel eens op het internet, in glossy’s en krijg je in fitnesscentra te horen.”

Een van de redenen dat je zoveel verbrandt, is het afterburneffect. „Het lichaam blijft na de training nog urenlang in een verhoogde staat, waardoor er extra vetverbranding optreedt.”

De manier van trainen is niet voor iedereen weggelegd, waarschuwt Oljans. „Het zijn erg zware trainingen en meer geschikt voor ervaren en goed getrainde sporters dan echte beginners, die bijvoorbeeld kampen met veel overgewicht.” Zij moeten juist rustig opbouwen. „En het belangrijkste: je moet het langdurig vol kunnen houden.”

Het scherm moet verbroederen

Volgens Feberwee moet het scherm verbroederen, de deelnemers een gezamenlijk doel geven. Het effect is echter dat je gepusht wordt; door je eigen instelling, door de prestaties van anderen, door het verbale jagen van Dante, maar toch vooral: dat immense scherm. Je wordt continu tot het uiterste gedreven.

Door 20 minuten van de uur durende training in oranje te trainen, verbrand je tussen 500 en 1.000 calorieën. Dante zegt dat twee keer per week trainen voldoende is. Dat kost je 59,95 euro. Voor dat bedrag mag je ook onbeperkt in de sportschool trainen – als je daar nog energie voor hebt.

Aan het einde van de les snakt iedereen naar rust, een moment om weer in groen te komen. Het liefst zelfs in grijs of blauw. De dertig seconden rust tussen de oefeningen is daar niet genoeg voor. Net wanneer je genoeg lucht hebt om ‘ja’ te zeggen, in plaats van ja te knikken, zet Dante de opzwepende muziek weer aan. „En nu gaan we naar rood!” – meer dan 90 procent van je kunnen, 5 minuten lang.

954 kcal heb ik aan het eind van het uur verbrand, een pizza, aldus Dante. „Goed gedaan, maar de volgende keer moet het beter.”

Zelfs bij thuiskomst, wanneer ik wil gaan douchen, zit Dante’s stem nog in mijn hoofd. „Zet de douche zo heet mogelijk, en daarna zo koud mogelijk.” Zo’n wisseldouche helpt bij het herstel na intensief sporten. En sneller herstel betekent een sneller weerzien met Dante.