Rond de Barentszzee is de grens geen ets, maar een aquarel

 Ongeveer 5.500 asylanter zijn bij het Noorse plaatsje Kirkenes, boven de poolcirkel en vlak bij de Russische grens, het Schengengebied binnengekomen. De meesten mogen niet blijven, maar ze kunnen ook niet weg. In het klein tonen ze de uitdaging waarvoor Schengen staat: je komt er makkelijker in dan uit.

Een migrant gaat met de fiets bij Storskog de grens over van Rusland naar Noorwegen. Zo’n 5.500 mensen deden dat zo, legaal. Foto AFP

Een roodwitte slagboom over de weg. Een rond bord met rode rand en een zwarte balk in het midden: ‘Stopp. Kontroll’. Storskog is een grenspost uit een stripverhaal. Het is er niet druk; misschien tien personenauto’s en bestelbusjes per uur, met Noorse en Russische kentekens, twee kanten op. Ze stoppen voor de slagboom in witte wolken uitlaatgas. Papieren worden getoond. Een agent doet de boom open. En weer dicht. Ze heeft een vlecht; de portier is een vrouw.

Storskog ligt boven de Poolcirkel, bijna aan de Barentszzee. Het is de noordelijkste grensovergang over land in Europa. Achter de slagboom ligt de weg naar Moermansk, 200 kilometer verderop. De Russische douanepost ligt om de bocht. Aan hun kant van het bevroren meer hebben Russische sneeuwscooters een spoor getrokken.

De thermometer staat op minus 32 graden Celsius. Vooral niet diep inademen. Snel notities maken: inkt bevriest. Gelukkig is er geen wind. Een oranje zonnetje piept nu elke dag wat langer boven de horizon. Maar om drie uur ’s middags is het weer aardedonker. Als je geluk hebt, kun je het noorderneonlicht zien.

Geen weg terug

Storskog is ook de noordelijkste grenspost van het Schengengebied. Noorwegen zit niet in de Europese Unie of de euro, wel in Schengen. Terwijl honderdduizenden vorig jaar via de gevaarlijke Middellandse Zee Europa wisten te bereiken, ontdekte een inventieve groep reizigers vorig jaar plotseling de ‘arctische route’, via Rusland naar Noorwegen.

In totaal bereikten toen zo’n 5.500 mensen zo het beloofde land: vooral Syriërs, maar ook Afghanen, Irakezen en Iraniërs. Het is geen grote groep, maar ze steekt de Noorse regering nu als een graat in de keel. Die wil hun geen asiel verlenen omdat ze uit het ‘veilige’ Rusland komen. Maar hun voorgenomen uitzetting kan evenmin doorgaan nu Rusland deze week heeft gezegd ze niet terug te willen.

Als Schengen met zijn vrije binnengrenzen wil overleven moet de buitengrens ‘hard’ zijn. Anders dan nu het geval is, moet Europa aan die grens kunnen bepalen wie het toelaat en wie niet. Daarvoor circuleren allerlei initiatieven. Zoals het ‘plan-Samsom’ om alle nieuwe migranten op de Griekse route terug te sturen naar Turkije en van daaruit een jaarlijks quotum legaal naar Europa te laten komen.

Maar hoe maak je uit wie wel en geen recht op asiel heeft? En zal het juridisch en in praktijk mogelijk blijken grote groepen terug te sturen?

De meesten van die 5.500 Noorse asylanter mogen niet blijven. En ze kunnen niet weg. In het klein tonen ze de uitdaging waarvoor heel Schengen nu staat: je komt er makkelijker in dan uit. Vooralsnog staat de grens naar de verkeerde kant open.

Arctisch Lampedusa

Lopend de grens overgaan is hier verboden. Met iemand meerijden mag ook niet. Dus kwamen ze op de fiets. Ze vlogen naar Moermansk vanuit Moskou en andere Russische steden, regelden vervoer naar de grens en kochten een fiets voor die laatste meters.

De Russen wuifden hen door. De Noren namen hun paspoort in en brachten ze naar het kamp dat inderhaast was aangelegd op een oude legerbasis naast het vliegveld van Kirkenes, met 10.000 inwoners de grootste ‘stad’ in de regio.

Lees onder de kaart verder

De piek lag in oktober en november. Maar het ‘Arctische Lampedusa’ dat sommigen voorspelden, is er niet gekomen. Na een recordweek met 1.113 asielzoekers liep hun aantal snel terug tot nul. Sinds begin december is er niet één nieuwe vluchteling via Rusland binnengekomen. Toen de EU eind vorig jaar besloot ernst te maken met de bewaking van de buitengrenzen, scherpte ook Noorwegen zijn controles aan. Daar werkte het beter.

Het museum van Kirkenes, gewijd aan de cultuur en geschiedenis van deze grensstreek, heeft alvast vijf van die fietsjes in een rek gezet, als herinnering aan de episode. De andere fietsen zijn gerecycled. Noorwegen is een efficiënt land (denk: overal 3G, sneeuwschuivers, goede espresso). Maar een afgesloten hoofdstuk is dit nog lang niet.

De meeste ‘fietsers’ waren al een tijdje in Rusland en hadden papieren: verblijfsvergunningen, tijdelijk en permanent; toeristen- en studentenvisa, geldig en verlopen. Sommige deugdelijk, andere gekocht of vervalst. Volgens de rechtse Noorse minderheidsregering, mede gekozen op een streng migratiebeleid, hoefden ze in Rusland niet, of niet meer, voor hun leven te vrezen. Daarom weigert ze hun asielaanvragen in behandeling te nemen; ze moeten terug naar Rusland.

In december is daarmee stilletjes een begin gemaakt, na een akkoord met de lokale Russische autoriteiten. 371 mensen werden opgehaald van de Noorse adressen waar ze intussen waren ondergebracht, en bij de grens weer op de fiets gezet. Het dichtstbijzijnde Russische stadje, Nikel, ligt uren verder. Na een paar dagen lieten de Russen bussen rijden.

En toen begon de echte winter. Inwoners van Kirkenes, die zelf hun schoolbus hadden stilgelegd wegens de ongebruikelijk lage temperaturen, werden boos dat gezinnen met kinderen zo de grens over werden gestuurd. Dat ze überhaupt werden teruggestuurd zonder dat ze hun verhaal hadden kunnen doen. „Ze moeten een eerlijke kans hebben; dit is Noorwegen onwaardig”, zegt een van hen. Actiegroepen en organisaties uit binnen- en buitenland die zich inzetten voor vluchtelingen kwamen in het geweer. Advocaten betwistten de wettigheid van de uitzettingen. Een argument: Rusland zal de vluchtelingen nu op zijn beurt dwingen terug te keren naar hun land van herkomst. De deportaties stopten.

Kerkasiel

Vorige week waagden de autoriteiten een nieuwe poging. Dertien mensen werden met een bus op winterbanden vanuit het kamp bij Kirkenes naar Moermansk gebracht. Drie Syriërs, twee mannen en een zwangere vrouw, wisten vlak daarvoor met hulp van Noorse burgers te vluchten naar de protestantse kerk van Kirkenes. Het eeuwenoude ‘kerkasiel’ biedt ze voorlopig bescherming tegen de autoriteiten. Ze slapen in het souterrain, drinken thee, en kijken op hun telefoon of hun leven ervan af hangt.

De volgende lichting – in het kamp zaten nog 72 mensen, onder wie 15 kinderen – moest zich gereed houden. Maar het bleef bij die ene bus. Russische lokale autoriteiten krabbelden terug onder het mom van communicatieproblemen. Dinsdag maakte de Russische minister van Buitenlandse Zaken, Sergej Lavrov, een eind aan de onzekerheid. „Deze mensen kwamen naar Rusland om er te werken of familie te bezoeken”, zei hij. Maar hun ware bedoeling was „doorreizen naar Noorwegen”. Omdat zij „moedwillig valse informatie hebben gegeven, willen wij deze mensen niet terughebben in Rusland”, aldus Lavrov.

De Noorse regering houdt het op een „tijdelijke maatregel” en gaat er vanuit dat Rusland binnenkort in elk geval mensen met een bonafide titel zal terugnemen, volgens „bestaande afspraken”. Hoe dan ook is de instroom via Storskog gestopt. „Dat is het goede nieuws”, zei de Noorse minister van Buitenlandse Zaken, Børge Brende. Het signaal is: vergeet deze route.

„Vandaag lijkt een gelukkige dag”, zegt Tamara Bourai, een 45-jarige Syrische, die twee jaar in Rusland heeft gewoond. In oktober kwam ze met haar man, die civiel ingenieur is, en hun twee jongste kinderen in Noorwegen aan. Sindsdien woonden ze er op verschillende plekken. Nu doden ze al tien dagen de tijd in een van de containerwoningen van het kamp, in afwachting van hun deportatie. Tamara studeerde economie in Damascus en spreekt goed Engels. In Syrië verzorgde ze twintig jaar lang gehandicapte kinderen. Toen de oorlog haar wijk bereikte heeft ze vier toeristenvisa naar Rusland gekocht. In Maykop, in Zuid-Rusland, werkte ze in een broodjeswinkel. Intussen had ze er een permanente verblijfsvergunning gekregen.

Nu er voorlopig geen uitzettingen zijn, worden de kampbewoners mogelijk weer teruggebracht naar hun eerdere adressen in Noorwegen, zo gaat het gerucht. Maar uitstel is nog geen afstel. „Wij weten niet wat er met ons zal gebeuren, maar niemand vertelt ons iets”, zegt ze. Ze vermoedt dat Rusland haar titel zal intrekken en haar gezin onmiddellijk wil uitzetten. Maar ze heeft niets om naar terug te keren. Haar huis in Syrië is verwoest. „Wij respecteren de Noorse wet, en wij willen dat onze zaak op zijn minst wordt gehoord”, zegt ze. „Nu zijn wij afgewezen zonder zelfs maar een gesprek te hebben gehad. Als ik dat had geweten, was ik nooit hierheen gekomen.”

IJzeren Gordijn

Langs de baai vol drijfijs, die toegang geeft tot de Barentszzee, liggen nog steeds Duitse bunkers. In de Tweede Wereldoorlog was dit stukje Noorwegen het eindpunt van de Atlantik Wall. Van hieruit vertrokken bommenwerpers en U-boten om de geallieerde konvooien naar Moermansk aan te vallen. Daarna was het de laatste plooi in het IJzeren Gordijn.

En toch is het idee van zo’n harde grens hier eerder uitzondering dan regel, zegt Inger Blix, directeur van het Barents Spektakel, een grensoverschrijdend kunstfestival met Kirkenes als hoofdkwartier. Finnmark, het Noors-Fins-Russische ‘dak van Europa’, was een gebied waar mensen eeuwenlang vrij reisden.

„Rivieren waren geen grenzen maar wegen. Onze ziel is het multiculturele. De huidige migranten horen daar ook bij.”

Het is een ouder idee van een grens: niet de scherpe lijn tussen kunstmatige ‘natiestaten’ die het Congres van Wenen er vanaf 1815 van heeft gemaakt, maar een gebied van fluïde invloedssferen. Niet de ets maar de aquarel.

Zodra de Muur in 1989 was gevallen, hebben de Finnmarkers geprobeerd de oude situatie te herstellen. Niet zo gek: als buren hebben ze meer met elkaar dan met hun verre hoofdsteden.

Het is min of meer gelukt; hier is de laatste jaren een Noors-Russisch ‘mini-Schengen’ gegroeid. Grensbewoners kunnen zonder visum heen en weer reizen. Naar werk, familie of regionale ijshockey- en zwemcompetities. Russen kwamen massaal in Kirkenes shoppen: meubels, luiers, kleren, tv’s en westerse alcohol. Straatnaambordjes, supermarkten en cafés zijn er tweetalig.

In elke schoolklas in Kirkenes zitten kinderen met een of twee Russische ouders. Russische vissers hebben de havenstad nu als thuisbasis voor de lucratieve vangst op king crab, de zich razendsnel voortplantende reuzenkrabben die Stalin hier liet uitzetten en die nog even als peperdure lekkernij gelden voor we ze ongedierte gaan vinden. Het ligt dichter bij de visgronden. Verwerking en transport zijn er beter geregeld dan ‘thuis’.

Noren deden het omgekeerde. Benzine en wodka zijn goedkoper dáár. En ze werken massaal in de Russische olie.

Zelfs fysiek zijn we meer op elkaar gaan lijken, zegt Inger Blix. „Russische vrouwen hadden andere kleren, ander haar en meer make-up. En de Noorse vrouwen zijn vrouwelijker geworden. We hebben elkaar veranderd. Er is nu bijna zoiets als een Barents fashion.”

Roebelcrisis

Maar de idylle is verstoord. Westerse sancties na de Krim-oorlog van 2014 en het Russische tegen-embargo sloegen hier keihard toe. Noorse bevoorraders van de Russische olie-industrie konden bijvoorbeeld inpakken. Daarbovenop kwam de afgelopen maanden de roebelcrisis, die de koopkracht van Russen heeft gedecimeerd. In 2015 is het aantal grenspassages met een kwart gedaald. Zo worden wij het slachtoffer van big politics, zeggen ze in ‘Barentsland’. Voor de zoveelste keer.

Nog een voorbeeld. De hoofdredacteur van The Barents Observer, een Engels-Russische online-publicatie voor de hele regio, is ontslagen na een kritisch commentaar over Poetin. Niemand durft te bevestigen dat de eigenaren van de krant, met grote zakelijke belangen in het hele gebied, onder druk zijn gezet door Moskou. Drie moedige journalisten, die hechten aan redactionele vrijheid, maakten intussen een doorstart als The Independent Barents Observer, met de nadruk op onafhankelijk.

In het massaal doorlaten en nu weigeren van de ‘fietsers’ zien velen ook een Russische poging om NAVO-land Noorwegen op het verkeerde been te zetten. Dankzij langjarige lokale inspanningen van twee kanten is de grens nu zo open. Maar hij kan ook zo weer sluiten. Dat zou een enorm verlies zijn, zegt een van de drie nieuwe Barents-journalisten.

„We kunnen goed opschieten met de Russen, maar het systeem is iets anders.”

Tamara Bourai en haar gezin zaten vrijdag nog in het kamp langs de startbaan in Kirkenes. Een andere vrouw met een vierjarige zoon in het kamp vroeg zich af of ze haar man, die in Rusland was gebleven, ooit nog zou zien. En dat andere Syrische gezin: moeder in Turkije, kinderen in Zweden, de vader in Kirkenes.

In het hotel aan de haven is een groep Taiwanezen neergestreken. Jonge mensen die Scandinavië in korte tijd ‘doen’. Net nog waren ze in Helsinki, een dag eerder in Tallinn. De jongens hebben een grap bedacht. Ze gaan naar buiten en toveren de Taiwanese vlag op hun telefoontjes. Dan doen ze hun puffy jassen uit en tonen hun blote borst. Drie seconden in min 30. De meisjes maken krijsend foto’s. Morgen maken ze een hondenslee-excursie. Dan gaan ze het noorderlicht bekijken. En daarna vliegen ze naar huis.

Lees ook: ‘Plan-Samsom’ moet asielcrisis Europa onder controle brengen