Column

Leve de rechtsstaat!

In de nieuwste film van Steven Spielberg, het voor een Oscar genomineerde Bridge of Spies, wordt de moraal er ingehamerd – heel goed, want het is een moraal die nu eens niet sentimenteel is. Ik vat even samen: wanneer een samenleving zich bedreigd weet, wanneer achterdocht en woede de toon aangeven, moet je juist de grondvesten van die samenleving eerbiedigen, je juist stevig vasthouden aan de rechtsstaat.

In het door de broers Coen geschreven verhaal, op ware gebeurtenissen gebaseerd, gaat het om een Russische spion die tijdens de koudste jaren van de Koude Oorlog voor de rechter gebracht moet worden. Voor iedereen staat de uitkomst bij voorbaat vast; het is zaak om de man zo snel mogelijk op de elektrische stoel te krijgen. Niemand wil zich aan de regels houden, de rechter niet, omdat hij bang is voor de publieke opinie, de CIA niet, die advocaat Tom Hanks vraagt vertrouwelijke informatie onderhands met hen te delen, en natuurlijk het volk zelf niet, dat zich dagelijks omringd weet door een onzichtbare vijand.

De spion is schuldig, daar bestaat geen twijfel over. Het gaat nu eens niet om een rechterlijke dwaling, om onschuld die tegen de klippen op moet worden aangetoond. Daar zijn duizend films over gemaakt. Het gaat over hoe een rechtsstaat omgaat met iemand dat als een gevaar voor de natie wordt gezien.

Een vriendelijke film, met een dosis groteske Coen-humor, bewust ouderwets. Maar de moraal is voor nu. In tijden van crisis – en dit is een tijd van crisis – is een samenleving geneigd te hoop te lopen tegen zijn eigen instituties. Wetten worden omgebogen, regels ontdoken, nood breekt immers wet. In Frankrijk heerst sinds de aanslagen van 13 november in Parijs de noodtoestand, die, verklaarde premier Valls deze week, pas zal worden opgeheven als Islamitische Staat verslagen is – een vage stip aan de horizon. Deze week ook trad de Franse minister van Justitie Taubira uit protest af, omdat de Franse grondwet dreigt te worden aangepast: wie voor een terroristische daad wordt veroordeeld, raakt zijn nationaliteit kwijt.

Elders, aan de flanken van de politiek, wordt de rechtsstaat onbekommerd als een gevaar voor de veiligheid voorgesteld: Donald Trump stelt voor om alle moslims tijdelijk de toegang tot de Verenigde Staten te ontzeggen, „tot we weten wat er aan de hand is” – weer zo’n vage stip. Maar het geldt ook voor de autoriteiten die de gebeurtenissen in Keulen en in andere Europese steden wegmoffelden, alleen om de lieve vrede te bewaren – met precies het tegenovergestelde effect.

Hier stelde Geert Wilders voor alle mannelijke asielzoekers permanent op te sluiten in de opvang, om onze vrouwen tegen hen te beschermen. Hij kreeg nauwelijks tegengas van collega’s – die op gelaten toon lieten weten „er weinig in te zien”.

Voorzichtig maar – want wie het aandurft hier de rechtsstaat te verdedigen als iets dat onze vrijheden waarborgt in plaats van bedreigt, wordt ogenblikkelijk als hopeloos wereldvreemd weggezet. De vrouwen op de markt in Spijkenisse die dankbaar de neppepperspray van Wilders in ontvangst namen, hebben immers veel beter door waar het gevaar dreigt? Er was Rutger Castricum van PowNed voor nodig om Wilders op de man af te vragen of hij misschien gek geworden was. Mensen opsluiten nog voor ze iets gedaan hadden? (Castricum werd meteen op de zwarte lijst van de PVV gezet; toen hij dat bekend maakte, werd hij er bliksemsnel weer afgehaald).

We zijn eraan gewend, een beetje murw. Het zijn voorstellen waarvan de bedenkers heel goed weten dat ze niet haalbaar zijn en niet zullen worden uitgevoerd. Maar dat is ook de bedoeling, dan kun je bij het volgende incident nog harder zie je wel! roepen. Het ligt niet aan hen, het ligt aan die verkalkte, blinde, zwakke rechtsstaat die ons in de weg zit! Al dat honen en verbale beuken verzwakt de rechtsstaat wel degelijk, omdat die dan steeds meer gezien wordt als een onwerelds instituut dat niet opgewassen is tegen het gevaar – de dreiging is immers zo groot dat nu alles geoorloofd is.

Het is de mentaliteit die Spielberg in zijn film onvervaard te lijf gaat. Hij stelt onze rechtsstaat voor als iets dat boven onze aanvechtingen uitstijgt, als een verdienste om trots op te zijn. Ik hoop dat ook de ambtenaren van ons ministerie van Veiligheid en Justitie hem nog even gaan zien.