Jonge ooievaars klaar voor een lange reis naar Afrika

Foto Jury Galchenkov

Het onafhankelijke leven gaat beginnen voor deze jonge ooievaars (Ciconia ciconia). Als ze straks hun nest in Rusland verlaten, gaan ze op weg naar Afrika. Een reis van meer dan 16.000 kilometer. Velen zullen de tocht niet overleven.

De ooievaars hebben GPS-rugzakjes om. Biologen hebben daarmee de trekroute van ooievaars gevolgd, onder meer uit Armenië, Spanje, Duitsland, Rusland, Tunesië en Oezbekistan. In Science Advances (22 januari) deden ze verslag van de ooievaarreizen.

Trekkende ooievaars klapwieken zo min mogelijk. Ze gebruiken thermiek om hoogte te maken en zweven daarna in glijvlucht. Zo besparen ze energie op de lange reis. Dat gaat het beste over land: boven zee ontstaan niet zulke hoge kolommen met warme, opwaartse lucht.

Dat is prachtig te zien op de GPS-routes. Russische, Poolse en Griekse ooievaars verlieten Europa via de Bosporus en glijden via de Levant Afrika binnen. Ze kwamen tot Zuid-Afrika. Ooievaars uit Spanje bereikten Afrika via de straat van Gibraltar, maar trokken niet verder dan de Sahel. De Duitse ooievaars namen die westelijke route ook maar kozen voor vuilnisbelten in Marokko om te overwinteren.

De Oezbeekse ooievaars bleken standvogels, ze trekken niet. Waarschijnlijk pikken ze ’s winters vis uit viskwekerijen.