Opgewarmde snacks en baklucht

illustraties: Cyprian Koscielniak

Ik woon in het buitenland, en was laatst een weekend in Nederland. Een korte impressie - en ik geloof niet dat ik hierin alleen sta.

Vrijdagavond 22.00 uur: aankomst op luchthaven Schiphol. Ik wil een treinkaartje kopen. Helaas, op elk station is minstens één apparaat dat losse kaartjes verkoopt. Deze niet. In de stationshal van Schiphol ruikt het naar opgewarmde snacks en baklucht. Wordt elke grote ruimte in Nederland dan beleefd als bouwterrein voor biovoedselbars, snackbars en fastfoodketens?

Op het perron wacht het merendeel van de reizigers aan het einde van de roltrap, om op de laatste minuut te ervaren of de gewenste trein links of rechts zal binnen rijden. Het wordt er vol. Ideaal speelterrein voor de zakkenrollers waar men voor waarschuwt. In de trein liggen overal kartonnen bekers, kranten en de prullenbakken puilen uit. Ik moet aan mijn treinreis in Vietnam denken, waar de afgekloven kippepootjes van de vorige passagiers in het vakje van de voorstoel geschoven zaten.

Op zondag reis ik terug naar Schiphol, via Utrecht en Hilversum. De blonde jonge man aan de andere kant van het gangpad knipt zijn nagels, de jonge dame achter mij kamt haar lange manen. Ik wacht op iemand die zijn tanden begint te poetsen.

Eenmaal in lounge 4, het opvangcentrum op Schiphol voor Easyjet-reizigers, blijkt deze verzamelplek ook volgestouwd met eettenten. Een rustige hoek waar men kan lezen, ontbreekt. Op een levensgroot beeldscherm wordt Lotte nog steeds een goede reis gewenst - al sinds vrijdag ...