Een familie die altijd wil winnen

Met het inlijven van La Place slaat Jumbo opnieuw een grote slag. Dat het familiebedrijfje uit Veghel uitgroeide tot een succesvol miljardenconcern is geen toeval, zeggen betrokkenen. „Het zit in hun genen om het mensen naar de zin te maken.”

Van 37 supermarkten in 1996 naar 580 nu. Van een familiebedrijfje uit Veghel dat nauwelijks iets voorstelde is Jumbo in twintig jaar tijd uitgegroeid tot de één na grootste supermarktketen van Nederland. De afgelopen jaren verraste Jumbo met de overnames van Super de Boer en C1000. Afgelopen week was er opnieuw verbazing toen bekend werd dat Jumbo, in handen van de familie Van Eerd, de restaurants van La Place inlijft.

Gaat hier een uitgekiende strategie achter schuil? Of slaat de familie Van Eerd toevallig elke keer precies op het juiste moment haar slag?

Het niet al te serieuze imago van de ‘gezellige’ Brabantse familie doet soms dat laatste vermoeden. Algemeen directeur Frits van Eerd neemt graag deel aan autorally’s en speelt trompet in de 12-koppige kapel Factor 12 uit Veghel, waarmee hij diverse malen optrad bij de Toppers in de Arena. Hij was ooit Prins Carnaval in Veghel en heeft zelfs een carnavalskraker op zijn naam staan: ‘Wij doen ’t licht wel uit’ van de Gebroeders Ko featuring ‘Fritske’. In de bijbehorende clip is Van Eerd te zien met een lampenkap op zijn hoofd.

Maar vergis je niet, zeggen de tien mensen die voor dit artikel geïnterviewd zijn. Het is geen toeval dat Jumbo zo exponentieel hard groeit – daar ligt een nauwgezette groeistrategie aan ten grondslag. „Het is niet zo dat je toevallig de deur opendoet en het geluk komt binnenwaaien”, zegt Ton van Veen, sinds 2004 financieel directeur van Jumbo.

Hij wijst op de „ingewikkelde acquisitietrajecten” van de afgelopen jaren. Super de Boer werd in 2009 losgeweekt uit een beursgenoteerde onderneming. C1000 werd in 2012 gekocht van een private-equitybedrijf. En La Place werd afgelopen week uit de failliete boedel van warenhuisketen V&D overgenomen. Vorig jaar bedroeg de omzet van Jumbo (uiteraard nog exclusief La Place) 6,2 miljard euro. Het concern telt ruim 60.000 werknemers.

Dat is geen kinderspel, bedoelt Van Veen. Niet voor niets heeft Jumbo in 2009 zo’n zware raad van commissarissen opgetuigd, met daarin onder meer oud-bankier Wilco Jiskoot, voormalig Unilever-topman Antony Burgmans en oud-Laurusbaas Harry Bruijniks. Zij helpen de familie bij de overnames en bij het maken van toekomstplannen. Eens in de twee jaar gaan de directie en de commissarissen gezamenlijk op reis om inspiratie op te doen. Vorig jaar ging de trip naar Chicago, waar verschillende ‘foodmarkten’ werden bezocht.

Het huidige Jumbo vindt zijn oorsprong in Van Eerdt Groothandel in Veghel (toen nog met dt). Halverwege de jaren vijftig moest Frits van Eerd senior het na twee hartaanvallen rustiger aandoen en nam zijn oudste zoon Karel, achttien jaar oud, de dagelijkse leiding van de groothandel (met een omzet van 4 miljoen gulden) over. Toen in de jaren 80 steeds meer afnemers in financiële problemen kwamen, besloot Karel van Eerd zelf supermarkten te gaan exploiteren. Dat ging met horten en stoten.

 

Niet-bestaande functies

Begin jaren 90 lieten alle drie zijn kinderen – Colette, Frits en Monique – weten dat ze graag het bedrijf in wilden. Van Eerd wilde echter niet dat iemand plaats zou moeten maken voor de kinderen van de baas. Ze moesten zich maar bewijzen op niet-bestaande functies, besloot hij. Frits werd verantwoordelijk voor de broodafdeling, Colette voor de vleeswaren en Monique voor de kaas. Ze zijn nooit meer weggegaan.

In 1996 bedachten Karel van Eerd en zijn kinderen de ‘Zeven Zekerheden’, die nog altijd de basis vormen van de Jumbo-formule waarin de klant centraal staat. Jumbo laat zich voorstaan op de laagste prijs, het grootste assortiment en de beste service. „De critici stonden destijds in de rij”, zegt financieel directeur Van Veen. „Het kón helemaal niet, zeiden ze. Jumbo werd niet serieus genomen en dus ook niet bestreden.” Doordat „niemand doorhad waar wij mee bezig waren” kon Jumbo jarenlang in de luwte opereren, zei Colette enkele jaren geleden tegen NRC. „Met Super de Boer, C1000 en La Place hebben we onze slag kunnen slaan zonder dat anderen zich daar optimaal tegen gewapend hebben”, constateert Van Veen.

In 2009 kocht Jumbo, dat toen 128 winkels telde, het veel grotere Super de Boer (300 winkels). Voor circa 550 miljoen euro werd de deal beklonken. 138 winkels werden later doorverkocht. In 2012 nam Jumbo voor bijna 1 miljard euro C1000 over van private-equitypartij CVC. Van de 424 winkels werden er 135 doorverkocht.

Frits ruimt de koffiebekertjes op

Inmiddels zitten Frits en Colette alweer jaren in de directie; Frits is algemeen directeur en Colette is als directeur ‘formule en innovatie’ verantwoordelijk voor de communicatie, de winkelformule en het foodmarktconcept. Hun jongste zus Monique is verantwoordelijk voor sponsoring en evenementen. De inmiddels 77-jarige Karel van Eerd is als president-commissaris en ‘pater familias’ nog altijd nauw betrokken bij het bedrijf. Hij geldt als hoeder van het erfgoed.

Gevraagd naar de succesfactoren van het bedrijf noemen de geïnterviewden de betrokkenheid van de familie. Bij de feestelijke opening van elke nieuwe winkel– en dat waren er de afgelopen jaren een stuk of vijfhonderd – was Frits of Colette steevast aanwezig. Ook Karel en zijn vrouw Kitty gingen vrijwel altijd even langs bij de omgebouwde Super de Boer- of C1000-winkels, ook al moesten ze er honderden kilometers voor reizen.

En toen voor de Jumbo-supermarkt in Zwolle een straatmuzikant was doodgestoken, in december 2014, stapte Frits van Eerd onmiddellijk in de auto om het personeel te steunen en zelf – verslagen en wel – voor de camera’s te verschijnen.

De familie is authentiek en benaderbaar. Gezelligheid is heel belangrijk. Bij vergaderingen staat taart op tafel. „Het zit in hun genen om het mensen naar de zin te maken”, zegt commissaris Harry Bruijniks. Hij noemt het feest voor de 75ste verjaardag van Karel van Eerd, waar Colette en Monique alle gasten – „en dat waren er een paar honderd” – persoonlijk verwelkomden en na afloop iedereen zelf de jassen overhandigden. „Dat zit gewoon in ze.”

Ze zijn ook zo normáál gebleven, klinkt het. Kapsones kennen ze niet en van hiërarchie trekken ze zich weinig aan. „Het zijn mensen van weinig protocol en veel fatsoen”, zegt een van de juridisch adviseurs van het bedrijf. „Het is ondenkbaar om een vergadering te hebben en daarna weg te lopen zonder je rotzooi op te ruimen”, zegt Niels Onkenhout, die tot afgelopen zomer in de directie van Jumbo zat en verantwoordelijk was voor de integratie van Super de Boer en C1000. „Frits begint na afloop van een vergadering direct koffiebekertjes te verzamelen.”

Als Colette bij een winkelopening met een lekkende balpen inktvlekken op haar witte spijkerbroek heeft gemaakt, schiet haar moeder te hulp. „Geef die maar aan mij mee, dat krijg ik er wel uit.” En nog steeds werken de familieleden, net als alle andere hoofdkantoormedewerkers, minimaal één dag per jaar in de winkel, als caissière of vakkenvuller.

Hoewel ze zich dus gedragen als doodnormale mensen, zijn de Van Eerds inmiddels zeer vermogend en verkeren ze in de hoogste kringen. Zo werd Colette vorig jaar door Charlene de Carvalho-Heineken, dochter van Freddy Heineken (en lange tijd nummer één in de Quote 500), uitgenodigd voor een kennismaking. Zelf proberen de Van Eerds hun rijkdom angstvallig stil te houden. Dat Frits en Colette zich op drukke dagen door een chauffeur laten rijden is iets waarvoor ze zich lijken te schamen.

Geen filantropen

De familie Van Eerd is een echte ondernemersfamilie, zeggen de ondervraagden. Bij Jumbo denken ze, zoals bij ieder familiebedrijf, aan de volgende generatie. En die is er zeker: Karel en Kitty van Eerd hebben tien kleinkinderen. Colette heeft vier kinderen, Frits en Monique hebben er ieder drie. Zeven jongens, drie meisjes.

De familie ziet overal kansen en wil altijd winnen – op de lange termijn dan. In Veghel ligt niemand er wakker van als het rendement van een investering iets langer dan drie maanden, of een jaar, op zich laat wachten. „Maar dat betekent niet dat ze zich als filantropen gedragen”, zegt commissaris Jiskoot. „Ze doen geen rare dingen. Dat bewaken we wel met elkaar.”

De familie is „verliefd op hun vak”, zegt collega-commissaris Burgmans. „Het gaat niet over kwartaalresultaten, maar over de inhoud. Hoe kunnen we de winkels beter maken? Waarom kunnen we de gesneden ham niet beter krijgen?”

De overzichtelijke structuur van Jumbo en de korte lijnen tussen directie, commissarissen en aandeelhouders dragen volgens alle betrokkenen bij aan de slagvaardigheid van het bedrijf. De raad van bestuur bestaat uit Frits en Colette en Ton van Veen (wiens bijnaam na twaalf jaar bij Jumbo ‘Ton van Eerd’ luidt) en er zijn vier aandeelhouders: Karel van Eerd en zijn drie kinderen hebben ieder een kwart van de aandelen. „Bij belangrijke beslissingen kunnen we heel snel schakelen”, legt commissaris Harry Bruijniks uit. De snelheid waarmee Jumbo „doorwrochte besluiten” neemt kan het bedrijf in een overnamestrijd zoals die rond La Place een fiks voordeel opleveren, zegt hun adviseur.

Bij La Place zijn ze dolblij met hun nieuwe eigenaar. Directeur Bart van den Nieuwenhof is naar eigen zeggen zelfs een beetje „verliefd” geworden op de familie Van Eerd. Hij noemt het „hartverwarmend” dat de Jumbo-directie afgelopen woensdag naar de La Place in Enspijk, langs de A2 bij Geldermalsen, kwam om de managers en hoofdkantoormedewerkers persoonlijk toe te spreken. „Je ziet dat de familie niet kijkt naar wat ze vandaag met La Place kunnen verdienen, maar dat ze echt bezig is met hoe we elkaar in de toekomst kunnen versterken. Dat is zo’n contrast met wat we gewend waren. Sun Capital wist niet eens waar Enspijk ligt. En dan staat daar de directie van Jumbo en die praat gewoon onze taal. Dan ontstaat meteen het gevoel: hèhè, zij begrijpen ons.” Ook bij Jumbo was de blijdschap groot toen de overname van La Place geslaagd was, zegt Ton van Veen. „Toen ik de familie meedeelde dat het rond was met de curatoren, zag je een traantje bij Colette. Ook Frits was geëmotioneerd.”