Geen wachtgeld voor politicus die vrijwillig de Tweede Kamer verlaat

Een politicus is een volksvertegenwoordiger en dus afhankelijk van de gunst van het volk. Wie zijn baan opzegt om zich daarvoor verkiesbaar te stellen, loopt het risico dat die functie tijdelijk is. Daarom kan iedere politicus gebruik maken van een wachtgeldregeling als aan het vertegenwoordigen van het volk onverhoopt een eind komt. Dat begrijpt iedereen.

Maar D66-Kamerlid Wassila Hachchi verlaat pardoes de Tweede Kamer om de verkiezingscampagne van Hillary Clinton te gaan ondersteunen. Dat is een eigen keus en die hoort voor eigen risico te zijn, zoals het vrijwillig nemen van ontslag uit een gewone baan. Echter, met veel moeite wordt haar de uitspraak ontlokt dat ze geen gebruik zal maken van de vier jaar wachtgeld waarop zij wettelijk recht heeft, als ze een baan bij de Clinton campagne krijgt (NRC, 26/1).

Dat roept vragen op. De eerste aan mevrouw Hacchi zelf. Begrijpt ze niet dat ze hiermee het imago van de politicus zwaar beschadigt? De onderbuik van de kiezer beschouwt politici toch al als zakkenvullers. Zij wekt de indruk dat die onderbuikgevoelens terecht kunnen zijn. De tweede vraag betreft de wachtgeldregeling. Wordt het niet tijd dat die zo wordt aangepast dat wie de Eerste of Tweede Kamer op eigen initiatief verlaat, geen recht op wachtgeld heeft?

En, ten slotte, is het een idee dat D66 hiertoe zelf het initiatief neemt? Die partij staat immers altijd klaar om iedereen de maat te nemen, maar zwijgt nu.

    • Henk Slechte