Tweede Kamer voorstander beursgang ASR

Anders dan bij ABN Amro vorig jaar verloopt de aanloop naar de verkoop van verzekeraar ASR politiek gezien gladjes.

Foto ANP

Zo moeizaam als het politiek verliep rond de privatisering van ABN Amro, vorig jaar, zo soepel loopt het voornemen van minister Jeroen Dijsselbloem (Financiën, PvdA) om verzekeraar ASR naar de beurs te brengen.

De Tweede Kamer werpt geen enkele hobbel op voor de verkoop van het verzekeringsbedrijf, dat in 2008 uit de boedel van Fortis/ABN Amro in handen van de staat kwam. „Ik proef wel steun”, zei Dijsselbloem gisteren in een debat over ASR tegen de Kamer. „En dat is mooi.”

Met de brede politieke instemming kan de minister de aangekondigde procedure richting beursgang definitief doorzetten. Het alternatief voor privatisering, onderhandse verkoop, is van de baan. „Dat loket is nu gesloten.”

Er meldden zich in de afgelopen weken en maanden verschillende partijen met belangstelling maar dat leidde niet tot een concreet bod. Een van de belangstellenden die vorig jaar opdook – Dijsselbloem wilde het bedrijf niet bij naam noemen – was het Chinese Anbang, dat in juni ook verzekeraar Reaal van de Nederlandse staat had overgenomen.

Hoewel het beursklimaat in de afgelopen weken behoorlijk is verslechterd – de Amsterdamse beursindex AEX staat inmiddels zo’n 10 procent lager dan op de dag dat de verkoop van ASR werd aangekondigd – mikt Dijsselbloem op een beursgang nog in de eerste helft van dit jaar. „Dat de beurs er nu even slechter voorstaat mag het voorbereidingsproces niet verstoren”, zei hij na afloop.

NLFI, de stichting die namens de staat de aandelen in ASR beheert, heeft inmiddels ABN Amro, Deutsche Bank en de Amerikaanse Citigroup ingehuurd als begeleidende zakenbanken. Zij gaan nu op zoek naar investeerders. Zonder daarop vooruit te willen lopen, zei Dijsselbloem gisteren wel iets meer over de te verwachten opbrengst. Hij noemde een bandbreedte tussen 3,2 miljard en 4 miljard euro. Sinds de nationalisatie in 2008 stak de staat een kleine 4 miljard in het bedrijf. In eerste instantie wil Dijsselbloem een minderheidsbelang verkopen. Daarna zal de staat nog enige jaren „een wezenlijk belang houden”.

De Tweede Kamer stelde geen lastige vragen. Pas aan het eind van het debat wilde Kamerlid Farshad Bashir (SP) - hij was het bijna vergeten – nog even weten hoe het met „de bonussen” zit. Nee, zei Dijsselbloem beslist, er zal aan geen enkele medewerker van ASR een bonus worden uitgekeerd „gerelateerd aan het succes van de beursgang”. Bashir: „Laat ik nu maar niet vragen waarom niet. Want wij zijn daar namelijk voor.”

Conclusie van het debat: alleen een echte beurscrisis kan de voorgenomen beursgang van ASR nog frustreren. Aan de Tweede Kamer ligt dat niet.