In Moldavië tekent zich een eigen 'Maidan' af

Aanleiding voor het straatprotest is de benoeming van Pavel Filip als nieuwe premier, vorige week in een duistere procedure. De enige echte oligarch zou simpelweg parlementsleden met geld hebben ‘gekocht’ om Filip aan een meerderheid te helpen.

Betogers afgelopen zondag in Chisinau. Foto Vadim Ghirda / AP

In het kleine Moldavië, het armenhuis van het continent, is Europa nu even niet hét onderwerp dat de drieënhalf miljoen inwoners bezighoudt. In het tussen Rusland en de Europese Unie gespleten land draait de strijd om de naakte politieke macht. In Chisinau tekent zich een protestbeweging af naar het voorbeeld van de Maidan in Kiev, nu twee jaar geleden. De corrupte regering is ook in Chisinau de kop van Jut, zij het dat de tienduizenden demonstranten in het tentenkamp in de Moldavische hoofdstad niet roepen dat Europese integratie hun problemen oplost, zoals in 2013-14 wel gebeurde.

De oppositie in Moldavië gokt niet op Europa en Amerika. Washington heeft banden met de huidige machthebbers. De straat eist juist tussentijdse verkiezingen in de hoop zo de de wankele regeringscoalitie te verjagen. Het protest wordt gedragen door pro-Russische Socialisten, door de Communistische Partij, die laveert tussen Moskou en Brussel, en het pro-Europese platform Waardigheid en Waarheid dat geen zetels heeft in het parlement.

De socialistische partij, die dankzij een scheuring bij de communisten nu de grootste is in het parlement, ziet de beweging als breekijzer tegen het, in 2014 gesloten, associatieverdrag met de EU. De communisten zelf vinden loyaliteit aan de Europese koers van de huidige regering ondergeschikt aan de strijd tegen de door corrupte oligarchen gekaapte macht. Of beter, door slechts één oligarch: de 50-jarige Vlad Plahotniuc. De zakenman, die doet in olie, vastgoed, banken, beveiligingsbedrijven, hotels, nachtclubs, media en wat niet al, is tevens volksvertegenwoordiger voor de regerende Democratische Partij Moldavië.

Bankfraude ter waarde miljard

Aanleiding voor het straatprotest is de benoeming van Pavel Filip als de nieuwe premier, de derde officiële in een jaar tijd. Het parlement beëdigde hem vorige week woensdag rond middernacht, stiekem bijna, terwijl betogers op het portaal ramden om binnen te dringen. Deze heimelijke installatie van Filip stond symbool voor de rol van Plahotniuc als ‘dief in de nacht’. Een ordentelijk debat bleef achterwege. De oligarch zou simpelweg parlementsleden met geld hebben ‘gekocht’ om Filip aan een krappe meerderheid te helpen.

Oorzaak voor het voortdurende protest is de corruptie in Moldavië, een land dat toch al weinig sociaal-economische eigenwaarde kent. De smeergeldcultuur daar beperkt zich niet tot het kleine werk. De corruptie gaat verder dan politieagenten die boetes onderhands afkopen of ambtenaren die handelen in vergunningen. Het bederf strekt zich uit tot de hoogste niveaus.

Geen treffender voorbeeld dan het groteske bankschandaal waarmee de politieke crisis bijna een jaar geleden begon. Eind november 2014 was een miljard dollar weg gesluisd bij drie Moldavische banken die daarna door de Centrale Bank met 870 miljoen dollar overeind werden gehouden.

De Moldavische autoriteiten lieten de fraude uitzoeken door Amerikaans onderzoeksbureau Kroll. Dat rapporteerde in april 2015 over de chicanes bij de drie banken, die in de loop der jaren waren overgenomen zonder dat iemand wist wie de echte eigenaren waren. Dit web werd gerund door de Israëlisch-Moldavische zakenman Ilan Shor (28). Hij zou in het najaar van 2014 in samenwerking met een Russisch-Moldavische partner het verdwenen miljard dollar via Letland hebben weg gesluisd naar banken in Schotland en Hongkong. Die hele operatie duurde nog geen drie dagen. Shor, intussenburgemeester van een stadje ten noorden van Chisinau, ontkent de aantijgingen van Kroll. Het strafrechtelijke onderzoek loopt nog.

Economisch ravijn

Maar het kwaad is wel geschied. De bankfraude was niet alleen schadelijk voor het draagvlak van het openbaar bestuur van Moldavië, maar ook voor de reële economie. Eén miljard dollar is bijna een zesde van het nominale bruto binnenlands product van heel Moldavië. Het land draait voor meer dan een kwart op het geld dat wordt overgemaakt door gastarbeiders in Rusland, Oekraïne, Roemenië en Italië. Alleen Tadzjikistan, Kirgizië en Nepal zijn nog afhankelijker van de cheques die trekarbeiders naar hun familie thuis sturen.

De economische basis van de voormalige Sovjetrepubliek is structureel zwak. Kort na de onafhankelijkheid in 1991 scheidde de oostoever van de Dnjestr-rivier zich af tot de, door Rusland gedekte, republiek Transnistrië die zich sindsdien heeft ontwikkeld tot een vrijhaven voor contrabande, vrouwenhandel en andere zwarte economische sectoren. Door deze afscheiding verloor Moldavië bovendien zijn zware industrie, die aan de oostelijke zijde van de Dnjestr was gelokaliseerd, en moest het zich staande houden als agrarisch land van wijn- en groenteboeren. Door de sancties van Moskou tegen Moldavië, ingesteld als represaille voor het EU-associatieverdrag, staat de economie in Moldavië sinds 2013 nog eens extra onder druk. Een bankroet dreigt.

Premier Vlad Filip doet nu al een week of hij zich niet zal laten verjagen door de protestbeweging op straat. Hij waant zich legitiem. Afgelopen week was hij in buurland Roemenië. In Boekarest sleepte hij een lening van 60 miljoen euro in de wacht. De politieke elite in Chisinau heeft nog één „laatste kans” om het vertrouwen van het volk en de internationale partners te herwinnen, aldus Filip in Roemenië, de grote buur die wel eens speelt met de gedachte om Moldavië weer in te mogen lijven.

Of Filip die kans krijgt, is de vraag. De wereld loert intussen ook mee. Moldavië is namelijk wel klein, maar ook belangrijk. Voor Rusland, dat via de orthodoxe kerk voet aan de grond wil krijgen, is het land een springplank om een wig te drijven tussen Oekraïne en het Westen. Voor het Westen is Moldavië een nieuw front tegen een Russiche president Poetin die de grenzen van de oude Sovjet-Unie opzoekt.