Bychkov ademt met KCO

Richard Strauss droeg Ein Heldenleben (1899) op aan het Concertgebouworkest, dat het sindsdien zo’n tweehonderd keer speelde. Interessant is het, na de vers in de herinnering liggende uitvoeringen onder Mariss Jansons, nu Semyon Bychkovs interpretatie te horen. Bychkov, broer van oud NedPhO-chef Yakov Kreizberg (1959-2011), staat al ruim 20 jaar frequent voor het orkest. Hij is technisch volmaakt vaardig, muzikaal integer en overtuigend, maar zelden zo dat een uitvoering echt schurende groeven in de ziel trekt.

Hier liet hij Strauss’ held in martiale hoekigheid (Des Helden Walstatt) even oplopen met Sjostakovitsj. De uitvoering muntte uit in energieke laagte, rapsodische contrasten en imposante transparantie binnen de monumentaliteit van het 100-koppig klankapparaat. Daarbij ademt Bychkov met de musici mee, waardoor de timing van de climaxen ideaal was.

Voor de pauze debuteerde Kirill Gerstein overtuigend en bescheiden in Rachmaninoffs Tweede pianoconcert. Gerstein liet Rachmaninoff bloeien in mooie, als op de tast geschilderde frasen. Het voortouw liet hij over aan Bychkov, die het orkest liet stralen in houtblazerssoli. Ook in zijn toegift, de Etude voor de linkerhand van Felix Blumenfeld (1863-1931) – etaleerde Gerstein in vloeiende frasen een vrij gevoel voor timing.