Column

De McDonaldisering van onze zorg, daar is ‘ie dan

Zihni Özdil (1981) is wetenschappelijk docent wereldgeschiedenis aan de Erasmus universiteit. Hij publiceerde onlangs Nederland mijn vaderland bij De Bezige Bij en schreef voor NRCNieuwe Revu en de Correspondent al over geschiedenis, economie, politiek en integratie. Hij schrijft vanaf vandaag elke twee weken op deze plek.

 

Lamyae Aharouay (1990) is onze tweede nieuwe columnist op donderdag. Zij is om de week de ‘nieuwskick’ van Tom van ‘t Hek in BNR’s Ochtendspits. De andere week is ze redacteur bij BNR, zonder specifiek dossier maar met grote interesse in politiek Den Haag. Ze schreef voor NRC eerder op opinie over onder meer de tv-serie Masters of None en #1in5muslims. Zij begint volgende week.

Sinds mijn achttiende heb ik keratoconus, een voortschrijdende hoornvliesaandoening. Er is geen echte remedie voor, behalve speciale scleralenzen: grote, harde dingen die het hoornvlies enigszins plat drukken en zorgen dat het licht minder verward je netvlies bereikt. Dankzij scleralenzen zie ik dus iets minder slecht.

Het is altijd een gedoe met die scleralenzen: ze zijn pijnlijk en geven rode ogen. Bovendien zijn ze duur: 570 euro per stuk. Vroeger hoefde ik er niet naar om te kijken omdat het Ziekenfonds ze vergoedde, inclusief prijzige lensvloeistof.

Sinds tien jaar is het tij gekeerd. Elk jaar opnieuw moet mijn zorgverlener papierwerk overhandigen aan de verzekeraar om te bewijzen dat er medische noodzaak is voor dit hulpmiddel. De vloeistof moet ik zelf betalen. Ook tik ik een ‘eigen bijdrage’ af, inmiddels 56 euro per oog. Uiteraard ben ik daarenboven altijd de klos met het eigen risico, sinds de invoering acht jaar geleden gestegen van 150 euro naar 380 euro.

Kortom, ik ervaar zelf hoe de zorg voor mijn aandoening elk jaar bureaucratischer, inefficiënter en duurder wordt. Het tegenovergestelde van wat de overheid beloofde in aanloop naar 2006, toen de nieuwe zorgverzekeringswet er kwam. Meer marktwerking zou de zorg goedkoper, efficiënter en minder bureaucratisch maken.

Een ding is duidelijk: de bottom line van verzekeraars die aan marktwerking moeten doen, is het maximaliseren van hun inkomen, niet onze gezondheid. Dat merk je ook aan hoe ze hun macht inzetten. Vorige week werd duidelijk dat zorgverzekeraars miljoenen euro’s willen terugvorderen van kinderpsychriatische instellingen die patiëntjes met een intensieve behandeling vaker dan eens per drie weken – de richtlijn van de Nationale Zorgautoriteit (NZa) – op verlof lieten gaan. Ook al geven zowel de NZa als de zorginstellingen aan dat de richtlijn ‘geen harde voorwaarde’ is; de verzekeraars willen geld zien. Met mogelijk gevolg dat veel afdelingen voor intensieve behandeling van kinderen gaan sluiten. Ook ziekenhuizen doen aan ‘marktwerking’. Ze gedragen zich steeds meer als winkelcentra. Zo opende Starbucks haar eerste vestiging in een Nederlands ziekenhuis, het AMC in Amsterdam. Daarnaast verstevigt door fusies hun onderhandelingspositie met de verzekeraars, maar daalt onze toegang tot zorg.

Afgelopen weekend las ik de tragikomische advertentie van het Isala Diaconessenhuis – een fusie tussen het Isala-ziekenhuis in Zwolle en Zorgcombinatie Noorderboog – in de Hoogeveensche Courant: ‘Heeft u een budgetpolis bij Achmea? Dan kunt u vanaf 1 januari voor basiszorg niet zonder bijbetaling terecht in Bethesda in Hoogeveen en in het Scheper ziekenhuis in Emmen (...) Bij ons kunt u in 2016 gewoon terecht ook als u een budgetpolis heeft gesloten.’

Daar is het dan, de McDonaldisering van onze zorg, inclusief de strategie van negative campaigning richting concurrent. Blijft opmerkelijk hoe makkelijk dit allemaal is gegaan. We hebben in korte tijd ons hele denken over wat zorg zou moeten zijn omgegooid. Het valt mij op dat bijna niemand het raar vindt dat we tegenwoordig geen zieken meer hebben in ons land, maar ‘zorgconsumenten.’

Zou zorg überhaupt een ‘product’ met ‘cliënten’, advertenties en winstmodellen moeten zijn? ‘Consumeer’ je zorg net als een pakje boter of happy meal? Of is het iets anders? Die fundamentele vraag lijkt taboe, daar word ik soms depressief van.

Oppassen geblazen dus, want op de website van de overheid staat dat sinds 2015 ‘voor nieuwe cliënten met psychiatrische aandoeningen in de Wet Langdurige Zorg geen persoonsgebonden budget voor behandeling mogelijk’ is.