Hachchi schaadt politiek

En dat was nummer drie. Wassila Hachchi, Tweede Kamerlid voor D66, kondigde vorige week aan te vertrekken. Omdat zij, zoals zij in een summiere brief aan de voorzitter van de Kamer schreef, „internationaal” gaat. Zij komt volgens eigen zeggen te werken bij het campagneteam van de Amerikaanse democratische presidentskandidate Hillary Clinton.

Afgelopen jaar verlieten ook al de Kamerleden Gerard Schouw en Magda Berndsen op eigen initiatief de Tweede Kamer. Het betekent dat inmiddels een kwart van de D66-fractie het door de kiezer voor vier jaar verstrekte mandaat eerder heeft teruggegeven.

Of er wellicht nog iets anders steekt achter het opstappen van Hachchi is onbekend. Het afscheid en onmiddellijke vertrek was ook voor haar partijgenoten inclusief fractievoorzitter Pechtold een complete verrassing. Ze reageerde twee keer op Twitter en er was een telefoontje met haar voormalig fractievoorzitter. De buitenwereld moet het vooralsnog stellen met de in haar 16-regelig briefje genoemde reden. Een tamelijk bizarre reden. Dat wil zeggen: voor iemand die in 2012 het vertrouwen van de Nederlandse kiezer heeft gekregen en extra vertrouwen van de 4.737 mensen die een voorkeurstem op haar uitbrachten. Die kunnen niet worden afgescheept met de mededeling dat zij „een leerzame tijd” heeft gehad. Hoe lang zij van haar wachtgeld gebruik wil maken is eveneens nog onduidelijk.

Dat het hoge verloop vooral bij D66 plaatsvindt is extra pijnlijk. Het is immers deze partij die versterking van de band tussen kiezer en gekozene al sinds de oprichting in 1966 vooropstelt. Juist vertegenwoordigers van deze partij dienen extra zorgvuldig om te gaan met het door de kiezer geschonken vertrouwen.

Een Tweede Kamerlid opereert namens de kiezer die zijn stem heeft gedelegeerd. Het is een kernbegrip van onze parlementaire democratie. Dat de praktijk een andere is, en veel Kamerleden zoals wordt gezegd anoniem ‘op de slippen van de lijsttrekker’ het parlement binnenkomen, doet aan dit principe niet af.

Een uitzondering geldt Kamerleden die tussentijds overstappen naar het openbaar bestuur. Burgemeesters, wethouders, commissarissen van de koning worden nu eenmaal veelal gerekruteerd uit mensen met een partijpolitieke achtergrond. Ook hier gelden grenzen. Eind vorig jaar verruilde Peter Oskam (CDA) na drie jaar de Tweede Kamer voor het burgemeesterschap van Capelle aan den IJssel. Zijn Kamerlidschap had gediend om ervaring op te doen voor zijn nu bereikte grote droom, zei hij in een interview. Het was een eerlijk antwoord. Maar ook een antwoord waarmee hij net als Hachchi blijk gaf van een volledig foute taakopvatting.